Radiologie

Voorwoord

Voor u ligt het opleidingsplan radiologie Medisch Centrum Haaglanden. Dit document moet als aanvulling gezien worden op het landelijke opleidingsplan HORA-2 en het regionale opleidingsplan van het Leidse OOR.Dit document beschrijft meer specifiek de organisatorische en inhoudelijke inrichting van de opleiding tot

radioloog in  Haaglanden Medisch Centrum en is een leidraad voor de opleiding.

Speciale dank aan oudste AIOS Barbara Simons bij het tot stand komen van de eerste versie van dit document.

 

Inleiding

Dit lokaal opleidingsplan van MCH is samen met het regionaal opleidingsplan van het Leidse OOR een solide handvat om de opleiding tot radioloog tot een succes te maken. Hoewel veel is voorgeschreven door wet- en regelgeving en het format waarin alles is gegoten soms wat strak is, moet de AIOS zich realiseren dat zijn / haar opleiding uiteindelijk ook zijn / haar eigen verantwoordelijkheid is.

 

1.1 Landelijk Wettelijk kader

Herzien kadersbesluit CCMS per 1-1-2011

Herzien specifiek besluit Radiologie CCMS per 1-1-2011

Opleidingsplan radiologie HORA (Herziene Opleiding Radiologie) per 1-1-2011

 

http://knmg.artsennet.nl/opleidingenregistratie

http://knmg.artsennet.nl/MijnRGS-1/MijnRGS-home.htm

http://www.radiologen.nl/102/5312/info-opleidingen/kaderbesluit-specifiek-besluit-en-opleidingsplan-vanaf-2011.html

 

 

Het Kaderbesluit CCMS en specifiek besluit Radiologie zijn op 1 januari 2011 in werking getreden. Alle AIOS die per deze datum aan de opleiding Radiologie beginnen, worden opgeleid volgens het nieuwe opleidingsplan.

 

1.2 Regionaal

 

Er zijn in Nederland acht opleidingsregio’s Radiologie. Elke opleidingsregio heeft een gezamenlijke

verantwoordelijkheid voor het opleiden van AIOS in die regio.

 

De opleiding Radiologie van het Medisch Centrum Haaglanden behoort, samen met het HAGA ziekenhuis, het Rijnland ziekenhuis (het Rijnland onder een zgn. Bestuurlijke eenheid met het LUMC een academische stageplaats) en het LUMC tot het OOR Leiden.

Voor een aantal onderwijsactiviteiten zijn 2 opleidingsregio’s samengevoegd. Het OOR Leiden vormt samen met het OOR van de VU (Medisch Centrum Alkmaar en het VUMC) de regio West.

 

1.3 Lokaal

 

1.3.1 Medisch Centrum Haaglanden

De afdeling Radiologie van het MCH heeft van oudsher een sinds 1941 volledige 5-jarige opleiding tot radioloog. Sinds het nieuwe kaderbesluit dienen AIOS echter ten minste 1 jaar uit te wisselen tussen perifeer en academisch ziekenhuis. In het Leidse OOR is afgesproken de uitwisseling in het 4e en/of 5e jaar tijdens de differentiatiefase te laten plaatsvinden.

 

Alle opleidings-, onderwijs- en wetenschappelijk onderzoeksgerelateerde activiteiten binnen het MCH worden gecoördineerd en georganiseerd vanuit het leerhuis Landsteiner instituut.

 

Vanuit het Landsteiner instituut is Mw. Gar vd Vet gar.vandervet@landsteiner.nl aangewezen als office-manager, samen met opleider Coerkamp en plaatsvervangend opleider Lycklama à Nijeholt regelt zij de dagelijkse gang van zaken.

Simone Mulder mulsim@mchaaglanden.nl van het secretariaat radiologie is ook aanspreekbaar voor organisatorische zaken. Zie verder 6.5.

 

1.3.2 Opleidingsgroep Radiologie

In het MCH werken vanaf 1 januari 2015 totaal 22 radiologen in maatschapsverband met 2 nucleair geneeskundigen. De meeste radiologen zijn vakinhoudelijk breed georiënteerd op de meeste aspecten van de radiologie en daarnaast specifiek verantwoordelijk voor een of meer orgaangebonden aandachtsgebieden (onderstreept betekent van origine Bronovo radioloog / vetgedrukt en onderstreept betekent differentiatieopleider):

 

  • J.M. Aarts: mamma, interventie, MSK, neuro, kinder, interventie achterwacht
  • L.P.J. Cobben: buik, interventie en cardio, interventie achterwacht
  • G. Coerkamp: mamma, MSK, oncologie, algemeen achterwacht
  • Dr. E. Comans, nucleaire geneeskunde, oncologie, cardio, geen achterwacht
  • C. van Dorth-Rombouts:mamma, abdomen, neuro, kinder, algemeen achterwacht
  • Hagenbeek: neuro, thorax, algemeen achterwacht
  • W. Heijenbrok: MSK, mamma, cardio, oncologie, buik, algemeen achterwacht
  • D.F. Henneman: mamma, interventie, MSK, abdomen, interventie achterwacht
  • Dr T.A.M. Kaandorp: thorax, cardio, algemeen achterwacht
  • F. vd Kallen: neuro, KNO, interventie achterwacht
  • P.R. Kornaat: thorax, MSK, algemeen achterwacht
  • Mw F.I. de Korte: buik, thorax, MSK, mamma, kinderen, algemeen achterwacht
  • Dr T.J.A. Kuijpers: thorax, cardio, MSK, algemeen achterwacht
  • E. vd Linden: interventie, oncologie, interventie achterwacht
  • G.J. Lycklama à Nijeholt: neuro, KNO, interventie achterwacht
  • J.B.C.M. Puylaert: buik, thorax, algemeen achterwacht
  • Dr. H.M.E. Quarles van Ufford: thorax, oncologie, buik, acute radiologie, algemeen achterwacht
  • Dr S.A. Rebergen: mamma, interventie, cardio, kinder, interventie achterwacht
  • P.W. de Rooy: skelet, mamma, interventie, oncologie, interventie achterwacht
  • J Tim, nucleair geneeskundige: nucleaire geneeskunde, oncologie, cardio, geen achterwacht
  • Wassenaar: cardio, mamma, MSK, algemeen achterwacht
  • v Weelde: MSK, thorax, algemeen achterwacht
  • M. Wever – Korevaar: mamma, MSK, thorax, oncologie, algemeen achterwacht
  • F.M. Zijta: MSK, buik, thorax, algemeen achterwacht

 

1.3.3 Organisatie, taken en verantwoordelijkheden

De opleidingsgroep is samen verantwoordelijk voor de kwaliteit, inhoud en vormgeving van de opleiding tot

radioloog in het MCH. Alle radiologen werken actief samen voor een kwalitatief hoogstaande opleiding. Hierin hebben een aantal specialisten extra taken en verantwoordelijkheden:

 

E.G. Coerkamp is opleider. Hij is primair verantwoordelijk voor alle zaken die de opleiding betreffen:

  • leiding geven aan de opleidingsgroep, o.a door de opleidingsvergadering ttv de maatschapsvergadering voor te zitten
  • aanvragen en coördinatie van de opleidingsvisitatie
  • aannemen van AIOS
  • implementeren van het nieuwe opleidingscurriculum
  • ontwikkelen en implementeren van nieuwe kwaliteitsinstrumenten
  • bewaking van de voortgang van de opleiding
  • samenstelling onderwijsrooster
  • monitoren en bijhouden van de voortgang van de opleiding van de individuele AIOS door:

s controle portfolio’s AIOS

s houden van voortgangsgesprekken en toetsingsmomenten cf. regelgeving CCMS/RGS

 

Dr. GJ Lycklama a Nijeholt is plaatsvervangend en per 1 april 2012 penningmeester maatschap Hij neemt de verantwoordelijkheid van de opleider over waar deze niet in staat is deze in te vullen door afwezigheid of ziekte. De plaatsvervangend opleider is coordinator van de wetenschap en is verantwoordelijk voor de CAT’s en coördinatie refereeravonden. Als penningmeester is hij met de voorzitter verantwoordelijk voor de ‘stoffelijke zaken’ van de maatschap.

 

Dr. LPJ Cobben is vanaf 1 april 2012 medisch manager Hij is voor het ziekenhuis het aanspreekpunt van de afdeling radiologe en vormt samen met de organisatorisch manager het managementteam van de afdeling. Hij betrekt de AIOS bij deze specifieke vakgroepoverstijgende aspecten van de opleiding. De oudste AIOS is aanwezig bij het managementsoverleg van de afdeling.

 

TPW de Rooij is vanaf 1 april 2012 voorzitter van de maatschap.

Hij behandelt vooral de ‘stoffelijke’ zaken van de maatschap. Hij is voor het ziekenhuis het eerste aanspreekpunt van de maatschap. Hij zit de maandelijkse maatschapsvergadering voor. Thans is hij ook medisch divisiedirecteur van de ondersteunende specialismen.

 

MW Heijenbrok is vanaf 1 april 2012 secretaris van de maatschap

Samen met de voorzitter gaat hij over de organisatorische zaken van de maatschap. Hij agendeert de maandelijkse maatschapsvergadering en is verantwoordelijk voor notulen en actiepuntenlijst.

 

Overige leden opleidingsgroep

Alle leden van de opleidingsgroep superviseren de AIOS en nemen actief deel aan

cursorisch onderwijs. Hiertoe hebben zij Teach the Teachers nascholingsprogramma’s gevolgd. Ook

begeleiden zij AIOS bij wetenschappelijk onderzoek.

De opleidingsgroep bewaakt de (individuele) medisch-inhoudelijke en professionele voortgang van de

AIOS en begeleidt ze tijdens de gehele opleiding. Ieder dagdeel krijgt de AIOS, volgens een wekelijks verstrekt rooster, per dagdeel een superviserend radioloog toegewezen. Deze supervisor zorgt ervoor dat er voldoende onderwijsmomenten op de werkplek worden gecreëerd (bijv. door het geven van feedback of het afnemen van een KPB) en bewaakt de voortgang van de AIOS. Per supervisor wordt 0, 1 of 2 AIOS ingedeeld. De leden van de opleidingsgroep worden door de opleider betrokken bij de beoordelingen van de AIOS.

 


2 Uitgangspunten opleiding

 

2.1 Competentiegericht opleiden

Een belangrijk aspect van de moderne medische opleiding is de introductie van de competenties

waarmee het leerproces van de individuele AIOS in beeld wordt gebracht. Deze betreffen zowel de

voorwaarden en omstandigheden waaronder het beroep van radioloog moet worden uitgeoefend, als

de wijze waarop de radioloog zijn / haar beroep moet uitoefenen. De essentiële elementen hiervan zijn

de professionele competentie, goede betrekkingen met patiënten en collega’s en het in acht nemen van

professionele en ethische randvoorwaarden.

 

Op basis van de Canadese CanMEDS zijn zeven algemene competenties geïdentificeerd:

- medisch handelen

- communicatie

- samenwerking

- organisatie

- kennis en wetenschap

- maatschappelijk handelen

- professionaliteit

 

Het opleidingsprogramma is zo ingericht dat de AIOS wordt opgeleid, onderwezen en getoetst vanuit het

perspectief van deze competenties. Voor het volledige competentieprofiel van een radioloog wordt

verwezen naar Hoofdstuk 1.5 van het opleidingsplan Radiologie (HORA).

 

2.2 De 7 Competenties

 

De specifieke competenties met betrekking tot Medisch handelen zijn opgenomen in de uitwerkingen per

thema. De algemene competenties, welke ontwikkeld en getoetst worden, zijn:

 

Communicatie met patiënt (A)

Bouwt effectieve behandelrelaties met patiënten op en staat open voor klachten over zorg of

behandeling

Luistert goed en verkrijgt doelmatig patiënt informatie

Bespreekt medische informatie (volledig) met patiënt en familie

 

Communicatie met collega’s op afdeling (B)

Legt uit op een manier zodat anderen het begrijpen

Staat open voor feedback en geeft (on)gevraagd feedback aan collegae

Luistert actief naar standpunten van anderen en checkt of informatie goed is overgekomen

 

Communicatie met aanvrager en andere zorgverleners (C)

Koppelt helder de bevindingen terug met aanvrager (accuraat, tijdig, expliciet, relevant)

Kwaliteit verslaglegging

Kiest voor een communicatiekanaal gezien de klinische urgentie (indien urgent, snel contact)

 

Samenwerking

Overlegt adequaat en doelmatig met aanvragers, collegae en andere zorgverleners in het

bijzonder waar de diagnose moeilijk is

Verwijst adequaat

Levert effectief intercollegiaal consult

Stelt zich adequaat op in multidisciplinair overleg / teamverband en vult de radiologische rol goed in

Waarborgt continuïteit van zorg bij afwezigheid

Draagt zorgvuldig over aan collegae

 

Kennis en Wetenschap

Beschouwt medische informatie kritisch en beoordeelt deze op bewijskracht volgens vaste procedures

Heeft kennis van relevante ontwikkelingen in het vakgebied

Verbreedt, ontwikkelt en participeert in wetenschappelijke vakkennis volgens de gebruikelijke normen en procedures

Onderhoudt een persoonlijk bij- en nascholingsplan

Ontwikkelt en leert nieuwe vaardigheden op coördineerde en gestructureerde wijze

Geeft op effectieve wijze onderwijs / supervisie

 

Organisatie

Organiseert het werk naar balans in patiëntenzorg en persoonlijke ontwikkeling

Is in staat om hoofd- van bijzaken te onderscheiden (timemanagement)

Maakt goed gebruik van protocollen voor radiologische dienstverlening

Werkt verslagen doelmatig af en maakt hierbij onderscheid in spoed, voorrang en electief

Maakt doelmatig, effectief en veilig gebruik van de faciliteiten voor radiologisch onderzoek

Maakt gebruik van kwaliteitssystemen en controleert of de radiologische systemen van

voldoende kwaliteit zijn

Neemt deel aan “reviews, assessment, audits” op de afdeling voor kwaliteitsmetingen

 

Maatschappelijk handelen

Kent en herkent de determinanten van ziekte

Bevordert de gezondheid van patiënten en de gemeenschap als geheel

Handelt volgens de relevante wettelijke bepalingen en voor de radiologie relevante procedures (in het bijzonder stralingsbescherming)

Treedt adequaat op bij incidenten en meldt deze bij de gepaste instanties

 

Professionaliteit

Vraagt begeleiding als het nodig is

Levert hoogstaande patiëntenzorg (inzet, interesse en motivatie)

Vertoont (inter)persoonlijk professioneel gedrag (verantwoordelijkheid, initiatief en optreden)

Kent eigen grenzen en handelt daarbinnen (zelfreflectie)

Handelt naar ethische normen van het beroep (integer, oprecht en betrokken)

 

2.3 Beheersingsniveaus

AIOS zullen bepaalde handelingen in meer of minder mate moeten beheersen. Met behulp van

beheersingsniveaus kan eenvoudig worden aangegeven welke handelingen, op welk moment op welk

niveau beheerst moeten worden. De volgende beheersingsniveaus worden onderscheiden:

 

Beheersingsniveau Beschrijving

1 Heeft kennis van

2 Handelt onder strenge supervisie

3 Handelt onder beperkte supervisie

4 Handelt zonder supervisie

5 Superviseert en onderwijst bij de handeling

 

Deze niveaus zijn in het landelijk opledingsplan voor drie zogeheten “ijkpunten” benoemd:

IJkpunt 1: eind van het eerste jaar

IJkpunt 2: eind van het derde jaar (afronding common trunk)

IJkpunt 3: eind van het vijfde jaar (afronding differentiatie)

 

Bij ijkpunt 3 wordt een onderscheid gemaakt tussen de AIOS die het betreffende thema als differentiatie

heeft aangemerkt of als orgaangericht thema. Verwacht wordt dat AIOS een ander (hoger)

beheersingsniveau halen voor de thema’s waarin men zich differentieert, dan voor orgaangerichte

thema’s waarin niet wordt gedifferentieerd.

 

 


3 Structuur van de opleiding

De totale opleiding Radiologie duurt 5 jaar. De opleiding bestaat uit twee delen:

 

De ‘Common Trunk’ – de eerste 3 jaar van de opleiding en

De ‘Differentiatie fase’ – de laatste 2 jaar van de opleiding.

 

3.1 Jaar 1, 2 en 3 van de opleiding: Common Trunk

De Common Trunk wordt gevormd door de eerste 3 jaar van de opleiding tot radioloog. Aan het einde

van deze periode beschikt de AIOS over de basiskennis en basisvaardigheden voor de algemene

radiologie.

De common trunk bestrijkt tien thema’s, waarbij neuro en hoofd-hals enerzijds en gastrointestinale en urogenitale radiologie anderzijds worden gecombineerd.

 

  1. Thorax radiologie
  2. Neuroradiologie
  3. Hoofd-hals radiologie
  4. Musculoskeletale radiologie
  5. Cardiovasculaire radiologie
  6. Gastro-intestinale radiologie
  7. Urogenitale radiologie
  8. Kinderradiologie
  9. Mammaradiologie
  10. Interventieradiologie.

 

3.1.1 Stages

De ‘Common Trunk’, de eerste 3 jaar van de opleiding Radiologie, is opgebouwd uit stages die variëren

van 4 tot 20 weken. De inhoud van de stages wordt bepaald door thema’s of onderdelen uit thema’s. In een

Tabel 7.2 is een totaaloverzicht opgenomen van de in de ‘Common Trunk’ te volgen stages in het MCH. Per opleidingsjaar staat beschreven welke stages gevolgd worden en welke thema’s centraal staan.  Zie hoofdstuk 7 stagebeschrijvingen per orgaan.

 

Bij de indeling wordt geen rekening gehouden met 1-3 dagen durende onderbrekingen van de stages door bijv. compensatie, onderwijs of ziekte. Onderbrekingen van 1 of meerdere weken leiden tot aanpassing van de stages. Om de werkdruk over de verschillende thema’s te verdelen, maar ook om te zorgen dat een AIOS in de stage een mooi patientenaanbod krijgt zal de volgorde van de stages per AIOS kunnen verschillen.

 

De inhoud van de verschillende stages wordt bepaald door de opleider in overleg met de AIOS. Hierbij wordt

gekeken naar de opleidingsbehoefte van de AIOS, rekeninghoudend met de voortgang van de

werkzaamheden op de afdeling. Bij alle stages staan streefdoelen vermeld uitgedrukt in aantallen of percentage van de dagproductie.

 

3.1.2 Uitwisseling

In het 4e en/of 5e jaar van de opleiding wisselen de AIOS één jaar uit tussen niet- academische en

academische instelling binnen het opleidingscluster. Dit houdt in dat de AIOS radiologie in het MCH worden uitgewisseld met het LUMC en vice versa. In de loop van het derde jaar volgt een sollicitatieprocedure binnen het OOR voor een al dan niet orgaan-gebonden differentiatie, waarvan de uitwisseling een vast onderdeel vormt.

De AIOS zal meestal worden gedetacheerd vanuit het MCH, maar soms een arbeidscontract van het LUMC krijgen: dat zal per geval worden bekeken door de afdeling HRM in overleg met het Landsteiner instituut. Voordeel van een arbeidscontract met het LUMC is dat bij terugkomst naar MCH de teller voor het arbeidsverleden weer op ‘0’ staat en een verlengd contract (fellowship of even blijven hangen in afwachting van een definitieve plek elders) mogelijk wordt. Anders leidt iedere vorm van verlenging van het contract tot een vaste aanstelling, welk risico de maatschap niet zal wilen lopen.

 

3.2 Jaar 4 en 5 van de opleiding: Differentiatie of Orgaangericht / fellowships

De differentiatie fase wordt gevormd door de laatste twee jaar van de opleiding. Deze heeft als doel de

AIOS verder te bekwamen in de algemene radiologie en het waar mogelijk ontwikkelen van een aandachtsgebied. De differentiatiefase kent twee varianten:

  • De orgaangerichte variant, waarbij de AIOS kiest voor een breed georiënteerde opleiding.
  • Bij de differentiatie variant wordt de AIOS, bij gebleken geschiktheid, de mogelijkheid geboden zich gemiddeld 50% van de tijd toe te leggen op één van de thema’s. Een differentiatie-variant waarbij de AIOS een orgaan uitkiest ter verdieping is bedoeld voor die AIOS die in de ‘Common Trunk’ bovengemiddeld presteren.

 


3.2.1 Differentiatie

De AIOS kan zich in het MCH thans differentiëren in vijf thema’s (mamma, MSK, buik, neuro en interventie), in de zomer van 2013 wordt ook voor thorax de differentiatie aangevraagd. Voor iedere differentiatie zijn radiologen aangewezen die de rol van differentiatieopleider of aandachtsgebied radioloog op zich nemen. Naast genoemde aandachtsgebied radiologen zijn meerdere radiologen bekwaam in genoemd aandachstgebied, zij worden ook regelmatig op betreffend orgaan ingedeeld.

In de tabel hieronder is een overzicht opgenomen van de vijf MCH differentiaties en de differentiatieopleiders.

 

De keuze voor een differentiatie dient in het derde jaar te gescheiden, het reglement in het OOR wordt nog nader uitgewerkt. Afhankelijk van de geschiktheid van de AIOS en capaciteit van de opleiding wordt een keuze gemaakt. Indien noodzakelijk kan een differentiatie in een ander perifeer ziekenhuis worden gevolgd. Het Rijnland heeft met het LUMC een bestuurlijke eenheid gevormd, wat betekent dat de LUMC opleider ook verantwoordelijk is voor de opleiding in het Rijnland. Dat impliceert dat de Rijnlandse opleiding als academisch geldt, de daar doorgebrachte periode geldt voor een AIOS als academische maanden.

 

Tabel : in MCH aangeboden differentiaties

 

Orgaan

In MCH

Differentiatie-opleider

Aandachtsgebied radiologen

Thorax

vanaf 2014

Quarles van Ufford

Hagenbeek, Wassenaar

Neuro / KNO

ja

Lycklama a Nijeholt

van der Kallen

MSK

ja

de Rooij

Coerkamp, Wever, Heijenbrok

Cardio

nee

nvt

 

Buik

ja

Puylaert

Cobben, Heijenbrok

Kinder

nee

nvt

 

Mamma

ja

Coerkamp

Wever

Interventie

ja

van der Linden

de Rooij, Cobben

 

 

 

 

Tabel: in Leidse Oor aangeboden differentiaties

 

 

LUMC

MCH

HAGA

Rijnland

Thorax radiologie

X

2014

X

 

Neuro radiologie en hoofd-hals

X

X

X

 

Musculoskeletale radiologie

X

X

X

 

Cardiovasculaire radiologie

X

 

X

 

Abdominale radiologie

X

X

X

 

Kinderradiologie

 

 

X

 

Mammaradiologie

X

X

X

X (icm LUMC)

Interventieradiologie

X

X

X

 

 

Differentiaties opleidingsinstellingen radiologie OOR Leiden

 

 

3.3 fellowships

Vanaf najaar 2013 heeft de afdeling radiologie een fellowship neuroradiologie en interventieradiologie. Fellowship opleiders zijn resp. Lycklama a Nijeholt en van der Linden. Op termijn komt er mogelijk een neurovasculaire interventie-, buik- en MSK-fellowship.

De fellowships vallen buiten het bestek van dit opleidingsplan.

 

 

3.4 Corona

Vanaf zomer 2015 moeten wij het CORONA-traject (integratie nucleaire en radiologie) invoeren, waarbij in common trunc en differentiatie totaal ½ jaar nucleaire wordt gedaan. Streefdatum ingang zomer 2015 voor nieuw startende AIOS, met overgangsbepalingen voor zittende AIOS, die desgewenst al volgens nieuw model 2 differentiaties kunnen volgen.

In CORONA verandert tov HORA oa:

  1. In specifiek besluit wordt vastgelegd max. ca, 20% van werktijd in diensten -> met dienstpoel van 10 AIOS al lastig rond te krijgen.
  2. Idem: dagelijks heilig half uur, dus 5x / week
  3. Idem: common trunc 8 weken nucleaire geneeskunde in erkende instelling, voorwaarde daarvoor oa 2 FTE nucleair radioloog / geneeskundige en 0,5 FTE klinisch fysicus kunnen wij net wel/niet halen. Voor differentiatie meer eisen, oa 3FTE en 1.500 PET’s/jaar en 1,0 FTE klinisch fysicus -> een instelling met LUMC maken? Teksten zijn geschreven om betsaande nucleaire opleidingen te behouden en niet uit te breiden.
  4. Sommige differentiaties zoals mamma en kinderen worden veel korter, andere differentiaties zoals thorax en cardio worden gecombineerd. Omdat de differentiatiefase naar 2,5 jaar gaat zou het de fellowships vervangen, waar Coerkamp niet echt in gelooft: er blijft denk ik plaats voor verdiepingsstages in terreinen waar wij en onze kliniek goed in zijn. Overzicht nieuwe differentiaties:
    1. cardiothoracale radiologie: 18 maanden, waarvan (het equivalent van) 4 maanden nucleaire geneeskunde en moleculaire radiologie;
    2. abdominale radiologie: 18 maanden, waarvan (het equivalent van) 4 maanden nucleaire geneeskunde en moleculaire radiologie;
    3. interventieradiologie: 18 maanden;
    4. nucleaire geneeskunde en moleculaire radiologie: 18 maanden;
    5. neuro-/hoofd-halsradiologie: 12 maanden;
    6. musculoskeletale radiologie: 12 maanden, waarvan (het equivalent van) 3 maanden nucleaire geneeskunde en moleculaire radiologie;
    7. kinderradiologie: 6 maanden;
    8. mammaradiologie: 6 maanden.

Thema’s in Corona common trunc

Richtlijn

0-1 jaar

Richtlijn

1-2,5 jaar

Richtlijn

Totaal aantal stageweken common trunk nieuw /huidig

Neuro- en hoofd/halsradiologie

8

8

16 / 21

Cardiothoracale radiologie

12

8

20 / 42

Abdominale radiologie

12

8

20 / 21

Musculoskeletale radiologie

8

8

16 / 21

Mammaradiologie

8

8 / 10

Kinderradiologie

8

8 / 8

Interventieradiologie

8

8 / 10

Nucleaire geneeskunde en

moleculaire radiologie

8

8 / 0

subtotalen in weken

40

64

104 / 133

Keuze, inhaal, cursus, congres, vakantie, etc.

12

14

26 / 23

totalen in weken

52

78

130 / 156

           

 

4 Toets & Ontwikkelingsinstrumenten

Voor een algemene beschrijving van de toets- & ontwikkelingsinstrumenten wordt verwezen naar

Hoofdstuk 3 van het landelijk opleidingsplan Radiologie (HORA).

 

4.1 Portfolio , e-portfolio

De AIOS is verantwoordelijk voor het bijhouden van een portfolio. De opleider is wettelijk verplicht

toezicht te houden op de volledigheid en juistheid van het portfolio. Indien het portfolio op het moment

van evaluatie of beoordeling niet compleet is, kan de beoordeling niet plaatsvinden. Opleider en AIOS hebben daarbij beiden een belang: voor de AIOS vormt het portfolio rechtszekerheid, want een continue stroom goede beoordelingen voorkomt onterechte ongeschiktheids beoordelingen. De opleider wordt bij de visitaties afgerekend op het door de AIOS juist bijhouden van het portfolio. De opleider heeft bovendien de portfolios nodig voor een zinvol beoordelingsgesprek. Vanaf zomer 2011 is het portfolio in electronische vorm omgezet, de inlogcodes worden door de firma VREST verstrekt.

 

4.2 Procedure beoordeling, geschiktheidsgesprekken en voortgangsgesprekken

Een strikte naleving van de onderstaande beoordelingscyclus wordt door de RGS geëist van

de opleidinginstelling. Indien van de cyclus wordt afgeweken moet dit gemeld worden door de opleider

aan de RGS.

 

Gesprekscyclus

 

Jaar

Gesprekken

1e jaar

elk kwartaal een gesprek, einde eerste jaar geschiktheidsbeoordeling.

2e t/m 4e jaar

elk half jaar geprek, eind elke jaar geschiktheidsbeoordeling

5e jaar

elk half jaar gesprek, eindgesprek uiterlijk 3 maanden voor einde opleiding

 

Waar nodig worden ook tussentijdse gespekken gehouden.

 

De gesprekken worden gehouden door de opleider in wiens instituut de AIOS op dat moment werkt, dus tijdens de differentiatiefase is dat deels in het LUMC. Het eindgesprek vindt plaats door de opleider die de AIOS het langst onder zijn hoede heeft gehad.

 

4.3 Evaluatie & beoordelings- en autorisatieformulieren

 

4.3.1 Korte Praktijk Beoordeling (KPB)

Tijdens de opleiding tot radioloog maken de AIOS gebruik van de korte praktijk beoordeling. Elke 4-weekse periode wordt ten minste 1 KPB ingevuld, per jaar minimaal 10. De toets kan in alle praktijksituaties worden toegepast en hoeft niet altijd een casus aan het werkstation te betreffen, suggesties voor onderwerpen staan in het portfolio bij ‘kritische beroepssituaties’. De KPB is geen beoordeling maar een evaluatie van de voortgang en een methode voor de AIOS om feedback te verkrijgen.

 

4.3.2 Stagebeoordelingsformulier

Een stagebeoordeling werd in het MCH tot 2013 niet gebruikt, omdat wij een overzichtelijke structuur hadden met veel onderling overleg. De opleiders hebben goed zicht op wat er gebeurt in de verschillende stages, mede doordat zij de continue stroom KPB’s en OSATS zien langskomen. De RGS erkent ook geen stagebeoordelingen, deze kunnen ook niet worden meegenomen in een beoordelingsgesprek.

Naar aanleiding van exitgesprekken met vertrekkende AIOS die het als een verbeterpunt zagen gaan wij er per begin 2014 mee beginnen.

De opleider zal steeds op tijd per mail aan AIOS en differentiatieopleider een mail sturen dat over enkele weken een wat langere stage eindigt en een afspraak voor beoordeling moet worden gemaakt. In het portfolio zit een formulier ‘Stageformulier - versie 2012.11’ dat daarvoor bedoeld is. Met oranje worden die weken in het stageschema aangeduid.

 

4.3.3 Autorisatie

Met behulp van het autorisatieformulier wordt vastgelegd voor welke onderzoeken de AIOS bekwaam wordt geacht om deze onderzoeken met een bepaalde mate van zelfstandigheid uit te voeren. De 5 niveau’s van het opleidingsplan HORA worden aangehouden. Het autorisatieschema is vanaf ca januari 2014, met de komst van de nieuwe versie van het e-portfolio van VREST, een onderdeel van het e-portfolio.

 

4.3.4 Objective Structured Assessment of Technical Skills (OSATS)

Als variant van de KPB kan voor interventies, puncties, biopten en doorlichtprocedures gebruik gemaakt

worden van de OSATS. Technische handelingen worden hierbij geevalueerd. Deze evaluatie wordt

vastgelegd op het OSATS formulier. Elk jaar dienen minimaal 10 OSATS-formulieren ingevuld te worden. In de praktijk is het goed om het instrument veel vaker dan 12x / jaar in te zetten en vele interventies in buik-, mamma- en interventiestage te laten beoordelen, opdat uit een veelheid aan beoordelingen een autorisatie naar een hoger niveau van zelfstandigheid kan worden afgeleid.

 

4.3.5 Assessment of Diagnostic Skills (ADS)

Als variant van de OSATS is de ADS bedacht, omdat voor het beoordelen van bv een X-thorax een steekproef van enkele casus niet volstaat om het niveau van autorisatie van een AIOS te bepalen. Daarvoor wordt op aggregatieniveau van een groot aantal casus in de afgelopen stageperiode een oordeel gevormd.

Het KPB-formulier is echter ook geschikt om op aggregatieniveau te gebruiken.

 

4.3.6 Critical Appraised Topic (CAT)

De CAT wordt twee keer per jaar gehouden, gekoppeld aan het Heilig Half Uur. AIOS worden hiervoor

Ingedeeld om de dinsdag van 13.00 – 13.15 uur. Een staflid begeleidt hen. Het rooster wordt door de AIOS ingedeeld. Een maal per jaar een volledige CAT (met hulp van bibliothecaris Thomas Vissers) en een maal per jaar een CAT-light (goed overzichtsartikel bespreken).

Suggesties voor onderwerpen staan op de T-schijf.

 

4.3.7 360 graden Feedback evaluatie

Tijdens de gehele opleiding draagt de AIOS er zorg voor dat er per opleidingsjaar tenminste één 360

graden feedback evaluatie wordt uitgevoerd. Daarbij worden meerder personen rondom de AIOS (doktersassistentes, laboranten, radiologen, andere AIOS, managers etc) die de AIOS vanuit verschillende optiek kunnen bekijken gevraagd de AIOS te beoordelen op zijn functioneren. De resultaten worden gespiegeld aan het zelfoordeel van de AIOS en besproken met de opleider.

 

4.3.8 Voortgangstoets (VGT)

Tweemaal per jaar neemt de AIOS radiologie verplicht deel aan de voortgangstoets. De resultaten van

deze toets geven het kennisniveau van de AIOS weer. De voortgangstoets wordt halfjaarlijks landelijk

afgenomen. In de toets worden ongeveer 200 meerkeuze vragen gesteld die alle thema’s van de

radiologie bestrijken. Daarmee richt de toets zich met name op medisch handelen, kennis en

wetenschap en maatschappelijk handelen. De toets is hetzelfde voor alle AIOS en wordt in alle

opleidingsjaren afgenomen. MCH heeft een traditie hoog te houden van excellente groepsresultaten, enkele keren was MCH landelijk nummer 1, daarna zijn wij richting landelijk gemiddelde gegaan en de laatste jaren weer in de kopgroep van de eerste 5 gekomen.

 

4.3.9 Modelverslag

In het e-portfolio is een beschrijving van alle aandachtspunten gemaakt. Via het zgn. modelverslag wordt van een casus een beoordeling gedaan, aan de hand van een vast format wordt een verslag beoordeeld op allerlei aspecten. Dit is geen verplicht instrument meer en wordt in MCH niet gebruikt. Los daarvan is in MCH veel aandacht voor de stijl en inhoud van het verslag, omdat de AIOS in principe van elk onderzoek eerst een verslag maakt, voordat het met de supervisor wordt besproken: dat maakt vanzelf dat er aandacht is voor de lengte, woordkeuze, het overbrengen van de boodschap aan aanvrager etc.

 

4.3.10 Individueel Opleidings Plan (IOP)

Door het IOP krijgt de opleiding een proactief karakter. De AIOS en de opleidersgroep weten wat

verbeterd moet worden. De AIOS moet hier proactief aan werken en de opleidersgroep kan gerichter

toetsen.

Aan het eind van ieder opleidingsjaar maakt de AIOS, voorafgaand aan het voortgangs/geschiktheids-

gesprek, zelf een IOP waarin de doelen voor het komend opleidingsjaar vastgesteld worden.

Input voor het IOP zijn de beoordelingen en (feedback)toetsen uit het voorgaande jaar maar ook de persoonlijke en professionele ambities van de AIOS.

Het IOP wordt in het voortgangs/geschiktheids-gesprek besproken en waar nodig door de AIOS bijgesteld naar aanleiding van input uit dit gesprek. In het hierop volgende half jaarlijkse voortgangsgesprek zal de voortgang van het IOP dan weer besproken worden.

 

 

Toetsstof voorbeeld van najaar 2010

De toetsstof wordt jaarlijks geüpdate en via het onderwijssecretariaat van het regionaal onderwijs verspreid, dit is een voorbeeld zoals het in 2010 was.

 

Mammografie

Tabar L, Dean P. Teaching atlas of mammography, 3rd edition. Thieme Verlag, 2001. ISBN 3-13-640803-9

Ikeda D. Breast imaging The Requisites. Elsevier Science/Mosby, 2004. ISBN: 978-0-323-01969-9

 

Thorax 

Webb WR, Higgins CB. Thoracic Imaging: pulmonary and cardiovascular radiology. Lippincott Williams & Wilkins, 2005. Hoofdstuk 1 t/m 30. ISBN: 978-0-7817-4119-4

 

Kinderradiologie

Donnelly LF. Pediatric Imaging: the fundamentals. Saunders Elsevier, 2009. ISBN 978-1-4160-5907-3

 

Abdominale radiologie

Dalrymple NC, Leyendecker JR, Oliphant M. Problem Solving in Abdominal Imaging. Elsevier Science/Mosby, 2009. ISBN 978-0-323-04353-3.

Middleton WD, Kurtz AB, Hertzberg BS. Ultrasound: the Requisites, 2nd edition. Elsevier Science/Mosby, 2004. ISBN 0-323-01702-9. blz. 28-243, blz. 342-373 en blz. 530-586.

 

Skelet

Manaster BJ, May DA, Disler DG. Musculoskeletal imaging: the Requisites, 3rd edition. Elsevier Science/Mosby, 2006. ISBN 978-0-323-04361-8.

 

Hoofd-hals

Yousem DM. Neuroradiology: the Requisites, 3rd edition. Elsevier Science/Mosby, 2010. ISBN 978-0-323-04521-6.

 Middleton WD, Kurtz A, Hertzberg B. Ultrasound: the Requisites, 2nd edition. Elsevier Science/Mosby, 2004. ISBN 0-323-01702-9. Blz 244-259.

 

Hart en Vaten - Interventie

Miller SW, Abbara S, Boxt L. Cardiac Radiology: the Requisites. Mosby, 2009. ISBN 978-0-323-05527-7.

Prokop M. Spiral & Multislice CT of the Body. Thieme, 2003. ISBN 3131164816. Hoofdstuk 23 en 24.

 Kaufman JA, Lee MJ. Vascular and Interventional Radiology: the Requisites. Elsevier Science/Mosby, 2004. ISBN 978-0-8151-4369-7

Middleton WD, Kurtz A, Hertzberg B. Ultrasound: the Requisites, 2nd edition. Elsevier Science/Mosby, 2004. ISBN 0-323-01702-9. Blz. 259-269.

 

Neuroradiologie

Yousem DM. Neuroradiology: the Requisites, 3rd edition. Elsevier Science/Mosby, 2010. ISBN 978-0-323-04521-6.

 

Fysica/Beeldvormende techniek

Penelope J. Allisy-Roberts and Jerry Williams. Farr's Physics for Medical Imaging 2007 ISBN 9780702028441

MRI Principles. Donald G. Mitchell  Marc Cohen. Saunders; 2nd ed 2003, ISBN 978-0721600246

 

4.3.11 Toetsingsmatrix

 

Afname toetsinstrumenten opleiding radiologie MCH

Toets instrument

3 m

6 m

9 m

1 jr

 

 

 

2 jr

 

 

 

3 jr

 

 

 

4 jr

 

 

 

5 jr

 

x

x

x

 

 

x

 

x

 

 

 

x

 

x

 

x

 

 

 

 

 

Voortgangs gesprek

 

 

Geschiktheid beoordeling

 

 

 

x

 

 

 

x

 

 

 

x

 

 

 

x

 

x

 

 

Voortgangs toets

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x

 

 

Korte Praktijk Beoordeling

10 per jaar

10 per jaar

10 per jaar

10 per jaar

10 per jaar

OSATS

10 per jaar

10 per jaar

10 per jaar

10 per jaar

10 per jaar

360o feedback

 

 

x

 

 

 

x

 

 

 

x

 

 

 

x

 

 

 

x

 

CAT

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x

 

x


5 Opleidingsactiviteiten

 

5.1 Werkplek-leren

De opleiding Radiologie vindt met name op de werkplek plaats. Op elk moment kan er dan ook geleerd

worden. De AIOS neemt tijdens de stages deel aan de relevante opleidingsmomenten, zoals

besprekingen, overdrachten en multidisciplinair overleg. Tijdens deze opleidingsactiviteiten komen

verschillende taken aan de orde die door een supervisor beoordeeld kunnen worden. In hoofdstuk 7 stagebeschijvingen wordt per orgaan hierop ingegaan.

 

5.2 Onderwijs, Cursussen en Referaten

Onderwijs, cursussen en referaten spelen zich buiten de directe patiëntenzorg af, maar hebben wel een

duidelijk verband met de patiëntenzorg. Het gaat hierbij om onderwijs op het gebied van algemene

kennis, vakinhoudelijke kennis, vaardigheden en gedrag. In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van dit onderwijs.

 

5.2.1 IRS cursus

Iedere AIOS is verplicht in het 1e jaar de IRS-cursus te volgen. Aan het einde van deze cursus wordt een examen afgenomen, slagen is verplicht en lukt ook altijd. Met het behalen van dit diploma beschikt de AIOS over stralingsbescherming deskundigheidsniveau 3M voor radiologen. De cursus wordt ieder jaar in september georganiseerd. In overleg met je opleider schijf je jezelf in via www.boerhaavenet.nl , het gaat om een dure cursus die door het MCH vooraf wordt vergoed.

 

5.2.2 Cursorisch Onderwijs voor 1e, 2e en 3e jaars AIOS

Binnen de regio West (OOR Leiden – VUMC) wordt voor de 1e t/m 3e jaars AIOS regionaal onderwijs gegegeven. Je ontvangt een uitnodiging om in te stappen in het systeem, thans wordt dit vanuit Utrecht gecoordineerd, dat gaat over naar de regio’s op enig moment.

Het regionaal blokonderwijs voor AIOS radiologie is een 3-jarig programma van onderwijsmodules, dat

het hele kennisdomein van de Common Trunk opleiding tot radioloog bestrijkt, waarbij in principe de

hele toetsstof van de voortgangstoetsen van de Nederlandse Vereniging voor Radiologie aan de orde

komt. Het onderwijs vindt per jaarcohort plaats, en is kleinschalig en interactief van opzet. De nadruk ligt op de zelfstudie voorafgaand aan de 2 werkgroepsbijeenkomsten (“terugkommiddagen”, duur ca. 14:00 - 17:30 uur). De studielast bedraagt ongeveer 30 uur per blok. De AIOS wordt geacht de zelfstudie

grotendeels in eigen tijd te doen, de ochtend van het onderwijs wordt de AIOS uitgeroosterd als compensatie. De AIOS moet afwezigheid in verband met vakantie, etc. zodanig te plannen dat de aanwezigheid bij de werkgroepsbijeenkomsten er niet of zo min mogelijk door wordt gehinderd. Inhalen van werkgroepen in latere jaren is niet mogelijk. Geef bericht van verhindering per mail door aan de docent, met een cc aan de opleider en de planning@consortae.nl

 

5.2.3 Cursorisch Onderwijs voor 4e en 5e jaars AIOS

De 4e en 5e jaars AIOS hebben volgens het kaderbesluit van de RGS de plicht zich ten minste 12 dagen per jaar te scholen. Dat gaat via het volgen van gemiddeld 2,5 Sandwichcursus per jaar (5 dagen) en het volgen van losse cursusdagen, disciplineoverstijgend onderwijs in LUMC, eendagssymposia, congresbezoek etc. In overleg met de opleider, vaak op initiatief van de AIOS, worden deze extra dagen ingeroosterd.

 

5.2.4 Refereeravonden

Tijdens de opleiding neemt de AIOS radiologie deel aan de Leidse refereeravonden. Tijdens het kleine referaat presenteren AIOS radiologie een of enkele radiologische casus, met literatuur bespreking. Tijdens de opleiding verzorgen de AIOS tenminste 2 kleine referaten. Tijdens de opleiding houdt de AIOS 1 groot referaat, waar eigen onderzoek en/of uitgebreidere literatuurstudie wordt gepresenteerd.

 

5.2.5 Heilig Uur

Tijdens dit ruim half uur (12.30 -13.00 a 13.15 uur op maandag zonder en dinsdag t/m donderdag met lunch) wordt dagelijkse casuïstiek gepresenteerd. AIOS zijn verplicht aanwezig tijdens deze bespreking. Stafleden worden geacht zoveel als mogelijk aanwezig te zijn tijdens het Heilig Uur voor discussie. Maandelijks wordt een rooster gemaakt door de oudste AIOS, waarbij staf en AIOS allemaal evenredig een heilig uur voorbereiden. AIOS gaan in beginsel uit van het onderwerp van hun stage.

 

5.2.6 Sandwichcursus (nascholing radiologen en oudere AIOS)

Alle 4e en 5e jaars AIOS zijn verplicht alle sandwichcursussen, georganiseerd door de Nederlandse

Vereniging voor Radiologie (NVvR), te volgen. Voor 1e – 3e  jaars AIOS geldt geen verplichte deelname, regelmatig kan een AIOS wel gaan afhankelijk van het onderwerp en de stage van desbetreffende AIOS. Inschijving gebeurt in overleg met de opleider.

 

5.2.7 Onderwijs Beeldvormende Technieken (BVT)

De AIOS volgen onderwijs Beeldvormende Technieken. Dit onderwijs gaat in op de natuurkundige achtergronden en technische principes van de verschillende beeldvormende technieken. Het is een essentieel onderdeel van de opleiding tot radioloog en is een verplicht onderdeel van de opleiding. De cursus wordt aangeboden in twee delen in het tweede en derde jaar van de opleiding tot radioloog. Je wordt per e-mail uitgenodigd.

 

 

5.2.8 Discipline Overstijgend Onderwijs

Ter ondersteuning van de ontwikkeling van de andere competenties dan de puur medisch-inhoudelijke competenties waarover een AIOS aan het einde van zijn opleiding moet beschikken organiseert het leidse OOR het zogenaamd Discipline Overstijgend Onderwijs. AIOS in dienst van MCH volgen verplicht dit onderwijs. De AIOS is zelf verantwoordelijk voor de inschrijving, kijk regelmatig op www.boerhaavenet.nl of er voor jouw jaargang een geschikte cursus is.

 

 

Discipline overstijgend onderwijs

jaar

1A

Competentiegericht Opleiden

1

1B

Communicatie arts-patient

1

1C

Evidence Based Medicine

2

1D

Patientveiligheid

2

1E

Medicolegale aspecten & prof. Attitude

2

1F

Klinische Onderwijskunde

3

1G

Management en Wettelijke kaders

4 of 5

1H

Medische ethiek

4 of 5

 

 

 

 

5.2.9 Begeleiden co-assistenten

Op de radiologie van MCH lopen veel co-assistenten rond. Ongeveer 4 keer per jaar een semi-arts, die een orgaan toegewezen krijgt en als ware hij/zij de jongste AIOS wordt ingedeeld, dus de eerste stages van het opleidingsplan zijn van toepassing. Ca 20 keer per jaar een keuze-co die in 5 weken alle organen doorloopt. De stagebeschrijvingen zijn op de T-schijf te vinden.

De AIOS radiologie horen een rol te hebben bij het begeleiden van jongere AIOS en co-assistenten, niet in de laatste plaats omdat onderwijzen een zeer krachtige manier is om zelf iets te leren.

AIOS worden om de beurt ingedeeld voor het co-assistentenonderwijs dat wordt gegeven in de Rijsdijkzaal op dinsdag van 17:00 tot 18:00 uur. De AIOS wordt pas ingedeeld als hij/zij de relevante stages gelopen heeft en voldoende kennis heeft opgedaan om het onderwijs te geven. Het 3e jaars disciplineoverstijgend onderwijs “klinische onderwijskunde” is gericht op het aanleren van onderwijsvaardigheden met betrekking tot het onderwijzen van jongere AIOS en co-assistenten.

 

5.2.10 handige apps

Brain tutor 3D (gratis)

3D brain (gratis)

Radiopaedia – casuistiek (lite en betaald)

Tumorpedia lite

Tumorpedia bone 2,39

Tumorpedia weke delen 2,39

Tumorpedia foot and ankle 2,39

 

5.2.11 handige algemene websites

Radiology assistant                                                    http://www.radiologyassistant.nl/en/

Radiographics                                                             http://radiographics.rsnajnls.org/

Radiology                                                                     http://radiology.rsnajnls.org/

Radswiki                                                                       http://www.radswiki.net/main/index.php?title=Main_Page

Various                                                                         http://www.med-ed.virginia.edu/courses/rad/

Various                                                                         http://www.e-radiography.net/ 

Goldminer (zoekmachine radiology images)       http://goldminer.arrs.org/  

Wiki radiopgraphy database                                                 http://www.wikiradiography.com/

Uptodate                                                                      http://www.uptodate.com

Radiopaedia                                                                http://radiopaedia.org/


6 Algemene afspraken

 

6.1 De instroom

Jaarlijks wordt door VWS de instroom van nieuwe AIOS per OOR bepaald. De instroomdatum verschilt per AIOS en wordt bepaald door de opleider. Gemiddeld zijn er de laatste jaren 2 AIOS per jaar ingestroomd in MCH, gezien een dreigend overschot aan radiologen is de verwachting dat na 2014 de instroom nog eens met ca 20% wordt beperkt.

 

6.2 Inschrijving RGS en NVvR

AIOS dienen voor aanvang van de opleiding ingeschreven te worden bij de RGS. Zodra de inschijving bij de RGS een feit is kan de AIOS bij de NVvR worden aangemeld. AIOS zijn zelf verantwoordelijk voor deze inschrijvingen, overleg de procedure nauwgezet met je (toekomstige) opleider. Het landsteiner instituut vergoed de kosten van inschrijving.

http://knmg.artsennet.nl/MijnRGS-1/MijnRGS-home.htm

NB: Iedere mutatie in het opleidingsschema dient door de opleider geaccordeerd te worden.

 

6.3 Werktijden  

Regulier

Dagdienst: 8-18.00 uur, maar als het werk klaar is ga je eerder naar huis.

 

Start diensten:

Een AIOS begint over het algemeen met de eerste weekdienst na 6 maanden opleiding, waarbij de IRS maand niet wordt meegeteld. De eerste gedeelde weekend-dienst volgt pas na 7 maanden en na 8 maanden kan de AIOS bij gebleken geschiktheid voluit gaan meedoen. De AIOS delen onderling de diensten in, waarbij zij zich dienen te houden aan de arbeidstijdenwet ATW: cumuleren van diensten in korte periodes is niet toegestaan.

 

Weekdiensten:

Een AIOS doet ma-do vier achtereenvolgende avond – en nachtdiensten: van 14.00 – 08.00 uur (bereikbaarheidsdienst). Deze diensten mogen worden gesplitst in maandag – dinsdag en woensdag – donderdag.

 

Weekend en feestdagen:

Twee AIOS doen samen vanaf vrijdagavond een weekend bereikbaarheidsdienst en wisselen elkaar af, idem voor feestdagen:

B-dienst: 08.00 - 21.00 uur (vrijdag A-dienst vanaf 18.00 uur ipv 21.00 uur)

B-dienst feestdfagen: 08.00 / 18.00 uure

A-dienst: 21.00 – 08.00 uur

A-dienst feestdagen: 18.00 – 08.00 uur

 

 

Wettelijke bepaling rondom diensten:

Enkele regels met betrekking tot cumulatie van diensten zijn terug te vinden in de bepalingen van de ATW (arbeidstijdenwet), in je e-portfolio staat dit als informatie bij achtergrondinformatie:

  • In een willekeurige periode van 7 dagen maximaal 5 dagen bereikbaarheidsdienst
  • In een periode van 4 opeenvolgende weekenden niet meer dan 2 weekenden.
  • Wekelijks 36 uur rust of tweewekelijks 72 uur rust. Die 72 uur mag achter elkaar worden genoten of worden gesplitst in twee periodes van minimaal 32 uur. Een vrije vrijdag met aansluitend vrij weekend is vanaf donderdag 18 uur tot maandag 8.00 uur meer dan 72 uur.
  • CAO ZH Artikel 6.9. De werknemer heeft recht op ten minste 22 weekenden vrij van iedere dienst per jaar.
  • Arbeid
Wanneer de werknemer ter beschikking (‘onder gezag’) staat van de werkgever en dus niet vrij kan beschikken over zijn eigen tijd of handelen, beschouwt de Arbeidstijdenwet dit als arbeid.
  • Bereikbaarheidsdienst
Bij een bereikbaarheidsdienst hoeft de werknemer niet op de werkplek te blijven. Het louter beschikbaar zijn telt niet als arbeid. Als hij echter wordt opgeroepen en aan het werk moet, is er vanaf dat moment wel sprake van arbeid. Voor een oproep staat minimaal een half uur arbeidstijd. Als een werknemer binnen een half uur nadat hij zijn arbeid uit oproep heeft beëindigd opnieuw opgeroepen wordt, geldt de tussenliggende tijd ook als arbeidstijd.
  • Reizen
Het reizen van huis naar de instelling waar men doorgaans werkt, en vice versa, het reguliere ‘woon-werkverkeer’, geldt niet als arbeid. Het reizen naar de instelling naar aanleiding van een oproep tijdens bijvoorbeeld een bereikbaarheidsdienst is daarentegen geen regulier ‘woon-werkverkeer’ en telt wel als arbeidstijd. Indien de werknemer vanuit huis vertrekt om op een andere plaats medische hulp te verlenen, is dit reizen ook arbeid. Men moet zich dan immers voorbereiden, bijvoorbeeld het meenemen van bepaalde apparatuur. Verder is ‘werk-werkverkeer’, d.w.z. reizen vanuit het werk naar een bestem- ming waar de werknemer beroepshalve moet zijn, altijd arbeid.
  • Opleidingsactiviteiten
Alle opleidingsactiviteiten die een verplicht onderdeel vormen van de functie of opleiding van artsen in opleiding tot specialist, worden als arbeid beschouwd.

Dat betekent dat niet tot arbeid wordt gerekend:

  • cursussen/cursorisch onderwijs, congressen en symposia, voor zover deze niet 
verplicht zijn;
  • refereeravonden voor zover deze niet verplicht zijn;
  • wetenschappelijk onderzoek, voor zover geen verplicht onderdeel van de functie of 
opleiding;
  • Wetenschappelijk (promotie-) onderzoek dat vanuit de functie of opleiding niet vereist wordt, wordt dus niet als arbeid beschouwd. Zodra het doen van wetenschappelijk of promotieonderzoek wel geëist wordt, is het arbeid.

 

 

6.4 Compensatie voor diensten

De A-dienst heeft de vrijdagochtend voor en de hele maandag na het weekend vrij; de B-dienst heeft zowel de vrijdag voor als de vrijdag na het weekend vrij. De week-dienstdoende heeft alle ochtenden van de week vrij en de hele woensdag en vrijdag na afloop van de weekdienst. Als de weekdienst wordt gekoppeld wordt de woensdag compensatie iom de planner ergens in de buurt van de dienst opgenomen.

 

6.5 Vakantie / organisatie / ziekmelding / uit dienst:

Vakantie

MCH kent volgens de CAO 20 vakantiedagen (152 uur bij een 7,6-urige werkdag) bij een fulltime aanstelling. Daarnaast heeft ieder recht op ca. 60 PLB-uren (persoonlijke levensloop bestendige uren) zijnde 8 dagen bij een 7,6-urige werkdag. Aangezien de assistenten door alle compensatie vaak te weinig uren maken op de werkvloer op jaarbasis worden er vanaf heden een aantal PLB uren gebruikt om verlofdagen aan te vullen tot 23 dagen. Een deel van die PLB-uren wordt ingezet om de ‘overcompensatie’ op woensdag- en vrijdagmiddag te corrigeren, nl. 3 dagen per AIOS per jaar. De overblijvende 5 dagen zijn als vakantiedagen op te nemen en die mogen over de jaren heen opgespaard worden (de 20 wettelijke vakantiedagen moeten voor 1 juli van het daaropvolgende jaar worden opgemaakt).

Het netto resultaat van alle gewerkte uren en verlofuren wordt volgens de jaaruren systematiek JUS bijgehouden in her roosterprogramma Harmony en leidt ertoe dat de gemiddelde AIOS radiologie net niet het aantal JUS-uren volloopt en dus voldoende compensatie en vrije dagen krijgt. Mocht er aan het einde van de opleiding nog een aantal PLB-uren over zijn dan kunnen deze of als extra dagen worden opgenomen of uitbetaald worden.

 

Organisatie

De vakantiedagen, compensatiedagen en cursusdagen worden online bijgehouden, de AIOS krijgt een inlogcode voor de websites

https://sites.google.com/a/consortae.nl/radiologenmch/Home http://www.radiologenhaaglanden.medspace.nl/haaglanden/radiologie.nsf/berichten?readform

van de maatschap, online secretaresse Jet Barendregt, bereikbaar via planning@consortae.nl , houdt alles bij.

De AIOS mag een verzoek voor vakantie sturen via medspace, als dat is overlegd met de collega AIOS en is gecontroleerd of het niet in een controversiele periode valt. De opleider accordeert het verzoek en past het stageschema aan.

De AIOS is zelf verantwoordelijk dat het schema op de website klopt, inclusief alle afwezigheid vanwege

onderwijs en compensatie, vul daarom zodra het jaarschema van je onderwijs bekend is al je onderwijsdagen in als verzoek in medspace en controleer het en geef mutaties z.s.m. door aan planning@consortae.nl .

 

Daarnaast heeft officemanager Gar vd Vet van het Leerhuis Landsteinerinstituut een aantal taken voor onze

opleiding, waaronder het bijhouden van de werkregistratie. Zij houdt de arbeidstijdenwet ATW bij met de soms

ingewikkelde uitleg. Zij weet ook hoe de jaarurensystematiek JUS werkt. Het dagelijkse inkloppen van de uren is nu uitbesteed aan Lily van de administratie radiologie.

Leg bij het invullen van je weekurenstaat goed uit wat je hebt gedaan, zodat een vrije ochtend na dienst niet per

ongeluk als studie wordt genoteerd voorafgaand aan een onderwijsmiddag. Gar is bereikbaar via

gar.vandervet@landsteiner.nl

 

Op de afdeling radiologie is thans de opleidingssecretaresse Simone Mulder mulsim@mchaaglanden.nl van het secretariaat radiologie. Zij verricht een aantal taken, waaronder het toekennen van een pieper en het organiseren van inlogcodes voor EZIS, RIS- PACS en het online “diagnostic clinical decision support system” StatDX   https://my.statdx.com/

Lucien Monfils monluc@mchaaglanden.nl vervangt Simone bij haar afwezigheid.

Een groot deel van de operationele organisatorische taken wordt echter door de opleider zelf gedaan, hij heeft in ieder geval het beste overzicht van alles.

 

Ziekmelding

De AIOS meldt zich zo spoedig mogelijk ziek aan de volgende personen per e-mail, zodat je vervanging wordt geregeld en je administratief ook ziek wordt gemeld in : Ziek@mchaaglanden.nl;coeemi@mchaaglanden.nl;lycgee@mchaaglanden.nl;coblod@mchaaglanden.nl;roothe@mchaaglanden.nl;oudsteassistentradiologie@mchaaglanden.nl; gar.vandervet@landsteiner.nl

Denk er aan jezelf via de zelfde emailadressen weer beter te melden!

HRM plaatst de ziekmelding in Insite zodat Marjo Kommeren van het landsteinerinsituut ze wel in haar overzicht zie in Insite, ook Gar kan het volgen in Insite en een AIOS oproepen zich beter te melden als hij/zij kennelijk weer werkend op de afdeling rondloopt.

De poortwachterfunctie ligt bij Marjo Kommeren. Bij 2 weken ziekteverzuim zal zij office manager Gar vd Vet informeren die vervolgens contact opneemt met de opleider.

Bij 2 weken ziekte moet de RGS geinformeerd worden. Bij ziekteverzuim langer dan 4 weken zullen HRM en Marjo Kommeren actie ondernemen, ook richting opleider.

 

Uit dienst

Marjo Kommeren van het landsteinerinstituut krijgt 90 dagen voor afloop van het contract van de aios een signaal in Insite.

Zij checkt bij Gar vd Vet of het klopt dat de aios die datum uit dienst gaat, Gar checkt het bij de opleider.

Bij akkoord activeert Marjo in Insite de actie "uitdienstreding".

HRM regelt de uitdiensttreding. De vakgroepen / Gar vd Vet worden door HRM benaderd met de vraag of PLB-uren, jus-uren etc. uitbetaald moeten worden.

 

 

De regels willen wel eens iets veranderen, doe daarom nooit zomaar wat, maar vraag je opleider en collega AIOS hoe de hazen lopen met betrekking tot de organisatie.

 

6.6 Taken jongste assistent

 

  • Notuleren bij het assistent/bazen overleg en de notulen rondsturen naar assistenten, radiologen en Gar vd Vet.
  • Organisatie rond de lunch die op dinsdag t/m donderdag wordt gebracht. Je collega’s vertellen je hoe de steeds veranderende regels werken.

6.7 Taken oudste assistent:

In overleg met de opleider wordt een oudste assistent aangewezen, die een aantal organisatorische taken uitvoert. De oudste assistent deelt o.a. het heilig uur en co-assisent onderwijs in. Via een maandelijks overzicht wordt dat rondgemaild. De oudste assistent is bereikbaar op: Oudsteassistentradiologie@mchaaglanden.nl


6.8 Onkostenvergoeding

 

Vanaf 2014 wordt aan de opleider een budget toegekend van ca EUR 2.800 per AIOS per jaar, dat middels facturen moet worden gevuld.

 

In het MCH kan je als AIOS de gemaakte kosten tbv het verplichte onderwijs declareren bij het Landsteiner Instituut.

Verplicht onderwijs met goedkeuring van je opleider wordt voor 100% vergoed, niet verplicht onderwijs met goedkeuren bestaat de 1/3 regeling voor, 1/3 betaalt de aios zelf, 1/3 de maatschap en 1/3 het Landsteiner Instituut, dwz de AIOS declareert alle kosten en krijgt daarvan 2/3 vergoed.

 

Een declaratie moet voldoen aan de volgende voorwaarden:

Duidelijke omschrijving van de opgevoerde kosten

Bij ieder opgevoerd bedrag een bewijs van gemaakte kosten. Dit kan zijn: a. originele bonnen/facturen, originele treinkaart en overzicht OV-chipkaart1 b. bij ontbreken van factuur: een kopie Bank/giro- afschrift of afschrift creditcard c. postcode vertrekpunt en aankomstpunt: bijbehorende overzicht van de ANWB-routeplanner waarbij wordt uitgegaan van de kortste route. d. bij digitale aanmelding: kopie digitale aanmelding en/of de ontvangstbevestiging inclusief het betalingsbewijs

Handtekening a(n)ios

Handtekening opleider

  1. Daarna het declaratieformulier opleiding a(n)ios in mijn bakje doen op het secretariaat Heelkunde, WZ.

 

Waar kun je het nieuwe declaratieformulier vinden op intranet: (Kosten voor opleiding, congres, seminar a(n)ios)

http://intranet.mchaaglanden.com/showpage.asp?steID=3&item=43830

       

 Al deze formulieren staan, met uitleg, op intranet bij de afdeling salarisadministratie.

Zijn er nog onduidelijkheden bij het invullen, neem dan contact op met Modiën Felicia (toestel 2586) of Rob Knoester (toestel 3272) van de salarisadministratie. Zij helpen je graag verder.

 

Verder is het nog belangrijk om te vermelden, dat je een declaratie direct indient zodra je kosten hebt gemaakt! Laat het niet liggen totdat je een aantal facturen hebt verzameld. Het beleid wordt nl. binnenkort aangepast en dan dien je waarschijnlijk binnen drie maanden je declaratie in te dienen!! Daarna is het niet meer mogelijk! Gaarne je aandacht dus hiervoor.

 

Tevens kan het Landsteiner betalingen overnemen bij facturen boven de € 1.000,-, enkel voor het verplichte onderwijs pakket.

Alles onder de € 1.000,- en trainingen/cursussen die onder niet verplicht onderwijs vallen dienen jullie eerst zelf te betalen.

 

Op het moment dat jullie gebruik willen maken van deze procedure dien je aan te melden en doe je dit ten alle tijden op eigen naam.

Het factuuradres dient dan te worden aangegeven als hieronder waardoor wij deze krijgen en kunnen afhandelen.

Mocht dit bij inschrijving niet mogelijk zijn dmv een separaat factuuradres of mogelijkheid tot opmerking, kunnen jullie dit middels mail/telefoon aan de betreffende instanties doorgeven en hen daarbij eventueel voor verdere vragen doorverwijzen naar mij.

Kosten zoals vliegtickets en hotelreserveringen gelden dezelfde voorwaarden voor als hierboven aangegeven.

 

De procedure hierbij is als volgt;

het bedrijf dat factureert dient de factuur rechtreeks te adresseren aan het MCH zoals hieronder aangegeven(en dus niet naar het Landsteiner Instituut) anders accepteert de belastingdienst de factuur niet en wordt er niet betaald;

tevens moet de factuur rechtstreeks gestuurd worden naar de Crediteurenadministratie met daarbij de vermelding van de kostenplaats 8730

Op de factuur dient wel Landsteiner Instituut en een naam als contactpersoon te worden vermeld, zodat de Crediteurenadministratie wel weet op welke kostenplaats (lees: budget) de factuur weggeschreven dient te worden;

Het akkoord van de opleider voor de betreffende training voor facturatie moet bij mij  bekend zijn, dit moet via het reguliere declaratie formulier met handtekening van opleider in mijn bakje.

Vanuit de crediteuren administratie krijg ik na binnenkomst van de factuur deze ter controle en na goedkeuring van de directie van het Landsteiner en mijzelf zal het MCH uitbetalen.

 

Zo moet het dus worden vermeld bij inschrijving:

Medisch Centrum Haaglanden

t.a.v. Crediteurenadministratie ovv kostenplaats 8730

Postbus 432

2501 CK Den Haag

Contactpersoon Landsteiner Instituut, Gar van der Vet

 

 

 

Verplichte cursussen AIOS tijdens de opleiding Radiologie en kosten

Zie volgende pagina


 

7 Stageschema

 

7.1 HORA-2 standaard stageschema common trunc (+/- 2 weken per stage)

 

 

Opleidingsplan

Common trunc

 

 

Common trunc

 

 

 

 

1e jaar:

 

 

 

2e jaar en 3e jaar

 

 

 

Stage

Duur

 

 

Stage

Duur

 

 

 

 

 

 

6.

Thorax

12 weken

 

 

1.

Thorax

9 weken

 

7.

Abdomen

12 weken

 

 

2.

Neuro / HH

9 weken

 

9.

Neuro - HH

12 weken

 

 

3.

MSK

9 weken

 

10.

MSK

12 weken

 

 

4.

Cardiovasc

9 weken

 

11.

Cardiovasc

12 weken

 

 

5.

Abdomen

9 weken

 

12.

Kinder

8 weken

 

 

 

Onderwijs/inh

3 weken

 

13.

Mamma

10 weken

 

 

 

Vakantie

4 weken

 

14.

Interventie

10 weken

 

 

 

 

 

 

15.

Onderwijs/inh

8 weken

 

 

 

 

 

 

16.

Vakantie

8 weken

 

 

 

 

 

Opleidingsplan

 Orgaan gericht

 

 

Opleidings plan

Differen tiatie

 

 

 

4e en 5e

jaar:

 

 

4e en 5e

jaar:

 

Stage

Duur

 

 

Stage

Duur

1.

Thorax

16 weken

 

1.

Thorax

8 weken

2.

Abdomen

16 weken

 

2.

Abdomen

8 weken

3.

Neuro - HH

16 weken

 

3.

Neuro - HH

8 weken

4.

MSK

16 weken

 

4.

MSK

8 weken

5.

Cardiovasc

16 weken

 

5.

Cardiovasc

8 weken

6.

Kinder

0 weken

 

6.

Kinder

0 weken

7.

Mamma

10 weken

 

7.

Mamma

5 weken

8.

Interventie

0 weken

 

8.

Interventie

0 weken

                     

 

NB: het bij differentiatie gekozen orgaan krijgt 50% van het totaal aantal weken toegewezen

 

 


7.2 MCH standaard stageschema common trunc

 

 

1e jaar:

 

 

Stage

Duur

 

 

 

1.

neuro & HH 1-4

4 wkn

2.

buik 1-4

4 wkn

3.

buik 5-8

4 wkn

4.

thorax 1-4

4 wkn

5.

thorax 5-8

4 wkn

6.

buik 9-12

4 wkn

7.

MSK 1-4

4 wkn

8.

MSK 5-8

4 wkn

9.

neuro & HH 5-8

4 wkn

10.

1 week nucl. / hart & vaten 1-3

4 wkn

11.

hart & vaten 4-7

4 wkn

12.

vakantie

4 wkn

13.

ergens in het 1e jaar IRS

4 wkn

 

 

 

 

 

2e jaar:

 

 

Stage

Duur

 

 

 

1.

buik 13-16

4 wkn

2.

buik 17-20

4 wkn

3.

MSK 9-10 / mamma 1-2

4 wkn

4.

MSK 11-12 / mamma 3-4

4 wkn

5.

MSK 13-14 / mamma 5-6

4 wkn

6.

MSK 15-16 / mamma 7-8

4 wkn

7.

MSK 17-18 / mamma 9-10

4 wkn

8.

vakantie

4 wkn

9.

thorax 9-12

4 wkn

10.

neuro & HH 9-12

4 wkn

11.

hart & vat 8-10   + inhaal

4 wkn

12.

hart & vat 11-12 & interv 1-2

4 wkn

13.

hart & vat 13-14 & interv 3-4

4 wkn

 

 

3e jaar:

 

 

Stage

Duur

 

 

 

1.

hart & vat 15-16 & interv 5-6

4 wkn

2.

hart & vat 17-18 & interv 7-8

4 wkn

3.

hart & vat 19-20 & interv 9-10

4 wkn

4.

buik 21-24

4 wkn

5.

buik 25-28

4 wkn

6.

thorax 13-16

4 wkn

7.

thorax 17-20

4 wkn

8.

kinder 1-4 in HAGA - JKZ

4 wkn

9.

Inhaal / vrij in te delen

4 wkn

10.

neuro & HH 13-16

4 wkn

11.

neuro & HH 17-20

4 wkn

12.

vakantie/onderwijs

4 wkn

13.

MSK 19-22 / inhaal

4 wkn

 

 

7.3 MCH standaard stageschema differentiatie

 

 

4e en 5e jaar

orgaangerichte opleiding

 

 

 

Duur

1.

Thorax

16 weken

2.

Abdomen

16 weken

3.

Neuro - HH

16 weken

4.

MSK

16 weken

5.

Cardiovasc

16 weken

6.

Kinder

0 weken

7.

Mamma

10 weken

8.

Interventie

0 weken

9.

Onderwijs / congres / cursus

5 weken

10.

vakantie

9 weken

12.

totaal

104 weken

 

 

4e en 5e jaar

differentiatie opleiding

 

 

 

Duur

1.

Thorax

8 weken

2.

Abdomen

8 weken

3.

Neuro - HH

8 weken

4.

MSK

8 weken

5.

Cardiovasc

8 weken

6.

Kinder

0 weken

7.

Mamma

5 weken

8.

Interventie

0 weken

9.

Onderwijs / congres / cursus

5 weken

10.

vakantie

9 weken

12.

totaal

104 weken

 

NB: Het gekozen orgaan krijgt ipv het vermelde aantal weken 45 weken toegewezen

 

 

           

 

 

Voorbeeld 1 vzn 5 paginas weekschema indeling, zie http://www.radiologenhaaglanden.medspace.nl

 


7.3.1 Buik

 

Aandachtsgebiedcoördinator (stageopleider / aandachtsgebied radiologen):

Puylaert / Cobben / Heijenbrok / Zijta / de Korte

 

Aantal verplichte stages tijdens ‘common trunk’:

Buik 1 t/m 8      (8 weken vroeg in eerste jaar)

Buik 9 t/m 12    (4 weken midden in eerste jaar)

Buik 13 t/m 20  (8 weken begin tweede jaar)

Buik 21 t/m 28  (8 weken in derde jaar)

 

Additionele stages:

Differentiatie Buik-radiologie

 

Literatuur / websites vroeg in stage lezen:

Auteur             Titel

R Smithuis        www.radiologyassistant.nl

Middleton WD, Ultrasound: the Requisites. 2nd edition, Mosby 2004 ISBN 0-323-01702-9, blz. 28-102 en blz. 191-243.

Zagoria RJ, Tung GA. Genitourinary radiology: the Requisites. Elsevier Science/Mosby, 1997. ISBN 0-8016-7482-4

 

 

Literatuur naslagwerken:

Naam               URL

Radiographics  http://radiographics.rsnajnls.org/

Radiology        http://radiology.rsnajnls.org/

Radswiki          http://www.radswiki.net/main/index.php?title=Main_Page

Various             http://www.med-ed.virginia.edu/courses/rad/

Various             http://www.e-radiography.net/ 

Uptodate          http://www.uptopdate.com/

Goldminer        http://goldminer.arrs.org/  

Wiki                 http://www.wikiradiography.com/

 

Auteur             Titel boek

Federle MP. Diagnostic Imaging, Abdomen, Amirsys, Salt Lake City, Utah, USA. 1st edition 2004. ISBN 1-4160-2541-3

 

Competenties

De volgende competenties zullen in de stages worden beoordeeld:

  1. Medisch handelen
  2. Kennis en wetenschap
  3. Maatschappelijk handelen
  4. Communicatie A (= met patient) en B (= met aanvragers)
  5. Professionaliteit

 

Beoordelingen

  • Elke 4-weekse periode dient een KPB te worden afgenomen, z.n. gecombineerd met OSATS.

 

Cursorisch Onderwijs

  • Zie programma cursorisch onderwijs Leiden/VU

 

 

Buik 1 t/m 8 (vroeg in 1e jaar) Common trunc

Leerdoelen Buik 1 t/m 8:

  • Echo buik en CT-buik van poliklinische, klinische- en SEH-patienten onder strikte supervisie kunnen uitvoeren en beoordelen
  • Eerste ervaringen opdoen met het uitvoeren van puncties, drainages en het beoordelen en verslaan van X-BOZ en ERCP.

 

 

Dagelijkse taken AIOS buik 1 t/m 8

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Bespreek tevoren goed met je supervisor welk deel van het werk jou die dag toekomt, mede adhv het aantal AIOS dat is ingedeeld.
  • Allereerst de bespreking mappen INT-buik en HK-buik legen.
  • Uitvoeren en verslaan van echo-onderzoeken. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Voor koffietijd van de CT- en MRI-onderzoeken in het rode mapje het protocol plannen en bespreken met supervisor. Controleer het MDRD. AIOS- en supervisor namen er onder zetten!
  • Rond 9.00 uur kijken in EZIS naar het OK-programma van vandaag + morgen en interessante casus in besprekingmap zetten.
  • Beoordeling en verslaan buik CT en X-BOZ en ERCP. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Van de volgende besprekingen: uro, interne/heelkunde, heelkunde en interne casuistiek de casus in de besprekings-mappen zetten in conference mode.
  • Om 15.55 naar Rijsdijkzaal om in te loggen en de Heelkunde bespreking op te starten.
  • Een dagdeel (donderdagochtend) pap-programma in K3 doen. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Bijhouden punctiebestand K8-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Nvt in 1e stage
    • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
  • Heelkunde-bespreking maandag t/m donderdag om 16.00 uur.
  • Interne-Heelkunde overdracht maandag om 17.00 uur
  • Uroradiologie om de week vrijdag om 13.15 uur
  • Interne-buikbespreking dagelijks iets na 16.30, wordt geroepen door Thorax-artsen
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Buik 1 t/m 8

  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op handvaardigheid van het verrichten van echo-onderzoeken en het leren beoordelen van acute buik CT’s.
  • Indien de situatie / ontwikkeling dit toelaat kan tijdens deze stage ook eerste ervaringen worden opgedaan met het beoordelen van CT-buik voor andere indicaties.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van de buik zoals deze zichtbaar is bij echo-onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op echo- en CT-onderzoek.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een buik-onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen

bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.

 

 


Streefdoelen einde stage:

 

 

  • aantal echo buik: 10
  • aantal CT-buik: 2
  • aantal X-BOZ: 2
  • aantal ERCP’s: 1
  • aantal puncties: 1



Buik 9 t/m 12 (midden 1e jaar) Common trunc

Leerdoelen Buik 9 t/m 12:

  • Groeien naar zelfstandigheid bij het uitvoeren en interpreteren van echo-buik en CT-buik voor acute indicaties. Na deze periode wordt in principe begonnen met bereikbaarheidsdiensten en is het streefdoel niveau 3, dwz onderzoeken worden op indicatie, dan wel beperkt, opnieuw echografisch onderzocht door de buiksupervisor.
  • Eerste ervaringen opdoen met interventies onder strikte supervisie.

 

 

Dagelijkse taken AIOS Buik 9 t/m 12

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Bespreek tevoren goed met je supervisor welk deel van het werk jou die dag toekomt, mede adhv het aantal AIOS dat is ingedeeld.
  • Allereerst de bespreking mappen INT-buik en HK-buik legen.
  • Uitvoeren en verslaan van echo-onderzoeken. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Voor koffietijd van de CT- en MRI-onderzoeken in het rode mapje het protocol plannen en bespreken met supervisor. Controleer het MDRD. AIOS- en supervisor namen er onder zetten!
  • Rond 9.00 uur kijken in EZIS naar het OK-programma van vandaag + morgen en interessante casus in besprekingmap zetten.
  • Beoordeling en verslaan buik CT en X-BOZ en ERCP. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Van de volgende besprekingen: uro, interne/heelkunde, heelkunde en interne casuistiek de casus in de besprekings-mappen zetten in conference mode.
  • Om 15.55 naar Rijsdijkzaal om in te loggen en de Heelkunde bespreking op te starten.
  • Een dagdeel (thans donderdagochtend) pap-programma in K3 doen. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van buikinterventies onder strikte supervisie. Plannen iom buiksupervisor.
  • Bijhouden punctiebestand K8-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Heelkunde-bespreking maandag t/m donderdag om 16.00 uur.
  • Uroradiologie om de week vrijdag om 13.15 uur
  • Interne-buikbespreking dagelijks iets na 16.30, wordt geroepen door Thorax-artsen

 

  • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
  • Interne-Heelkunde overdracht maandag om 17.00 uur
    • Eigen sein bij zich houden.

 

 

Kennis en Vaardigheden Buik 9 t/m 12

  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op groeien naar zelfstandigheid bij het verrichten van echo-onderzoeken en acute buik CT’s.
  • Indien de situatie / ontwikkeling dit toelaat kan tijdens deze stage ook ervaringen worden opgedaan met het beoordelen van CT-buik voor andere indicaties.
  • De vaardigheden voor het doen van fluoroscopische buik-onderzoeken worden aangeleerd.
  • Het leren plannen en uitvoeren van puncties, biopsieen en drainages onder stricte supervisie.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een buik-onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen

bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.

 

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • aantal echo buik: 15
  • aantal CT-buik: 3
  • aantal X-BOZ: 5
  • aantal ERCP’s: 2
  • aantal puncties: 2
  • aantal drainages: 1


 

Buik 13 t/m 20 (begin 2e jaar) Common trunc

Leerdoelen Buik 13 t/m 20:

  • Bereiken van zelfstandigheid bij het uitvoeren en interpreteren van echo-buik voor alle indicaties. Na deze periode is het streefdoel niveau 4, dwz een echo-onderzoek zelfstandig uitvoeren en beoordelen, de patient wegsturen, maar wel het verslag laten meebeoordelen door de buiksupervisor.
  • Bereiken van beperkte zelfstandigheid bij het uitvoeren en interpreteren van CT-buik. Aan het einde deze periode is het streefdoel niveau 3, dwz een CT-onderzoek zelfstandig uitvoeren en beoordelen en het verslag laten meebeoordelen door de buiksupervisor, die het onderzoek alleen nog bespreekt indien sprake is van interessante of discrepante bevindingen.
  • Eerste ervaringen opdoen met MRI buik onder strikte supervisie.
  • Het onder beperkte supervisie uitvoeren en interpreteren van fluoroscopische buik-onderzoeken.

 

Dagelijkse taken AIOS Buik 13 t/m 20

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Bespreek tevoren goed met je supervisor welk deel van het werk jou die dag toekomt, mede adhv het aantal AIOS dat is ingedeeld.
  • Donderdagochtend het pap-programma doen. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Allereerst de bespreking mappen INT-buik en HK-buik legen.
  • Uitvoeren en verslaan van echo-onderzoeken. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Voor koffietijd van de CT- en MRI-onderzoeken in het rode mapje het protocol plannen en bespreken met supervisor. Controleer het MDRD. AIOS- en supervisor namen er onder zetten!
  • Rond 9.00 uur kijken in EZIS naar het OK-programma van vandaag + morgen en interessante casus in besprekingmap zetten.
  • Beoordeling en verslaan buik CT en X-BOZ en ERCP. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Van de volgende besprekingen: uro, interne/heelkunde, heelkunde en interne casuistiek de casus in de besprekings-mappen zetten in conference mode.
  • Om 15.55 naar Rijsdijkzaal om in te loggen en de Heelkunde bespreking op te starten.
  • Een dagdeel (thans donderdagochtend) pap-programma in K3 doen. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van buikinterventies onder strikte supervisie. Plannen iom buiksupervisor.
  • Bijhouden punctiebestand K8-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Heelkunde-bespreking maandag t/m donderdag om 16.00 uur.
  • Uroradiologie om de week vrijdag om 13.15 uur
  • Interne-buikbespreking dagelijks iets na 16.30, wordt geroepen door Thorax-artsen
  • Interne-Heelkunde overdracht maandag om 17.00 uur
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Buik 13 t/m 20

  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op het bereiken van zelfstandigheid bij het verrichten van echo-onderzoeken en buik CT’s.
  • De vaardigheden voor het plannen en interpreteren van MRI-onderzoeken en colon-CT worden aangeleerd. Daartoe wordt de AIOS voor een korte stage van cumulatief 4 dagdelen colon-CT en dunnedarm MRI uitgeroosterd. Overleg met je opleider op welke dagen in je buikstage dit kan gebeuren, vaak zal dit deels samen met de derdejaars AIOS gebeuren. In je hele opleiding wordt je geacht ca 50 colon-CT’s en ca 50 dunne darm MRI’s te zien, grotendeels gebeurt dat door het bestuderen van casuistiek.
  • De vaardigheden voor het doen van fluoroscopische buik-onderzoeken worden aangeleerd.
  • Het leren plannen en uitvoeren van puncties, biopsieen en drainages onder beperkte supervisie.

 

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • aantal echo buik: 20
  • aantal CT-buik: 4
  • aantal X-BOZ: 5
  • aantal MRI-buik: 1         
  • aantal ERCP’s: 3
  • aantal puncties: 3
  • aantal drainages: 1

 

 

Buik 21 t/m 28 (3e jaar) Common trunc

Leerdoelen Buik 21 t/m 28:

  • Bereiken van zelfstandigheid bij het uitvoeren en interpreteren van echo-buik voor alle indicaties. Na deze periode dient niveau 4 behaald te zijn, dwz een echo-onderzoek zelfstandig uitvoeren en beoordelen, de patient wegsturen, maar wel het verslag laten beoordelen door de buiksupervisor.
  • Bereiken van beperkte zelfstandigheid bij het uitvoeren en interpreteren van CT-buik voor alle indicaties. Aan het einde deze periode dient niveau 3 behaald te zijn, dwz een CT-onderzoek zelfstandig uitvoeren en beoordelen en het verslag laten meebeoordelen door de buiksupervisor, die het onderzoek alleen nog bespreekt indien sprake is van interessante of discrepante bevindingen.
  • Bereiken van beperkte zelfstandigheid bij het uitvoeren en interpreteren van fluoroscopische buik-onderzoeken.

 

Dagelijkse taken AIOS Buik 21 t/m 28

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Bespreek tevoren goed met je supervisor welk deel van het werk jou die dag toekomt, mede adhv het aantal AIOS dat is ingedeeld.
  • Donderdagochtend het pap-programma doen. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Allereerst de bespreking mappen INT-buik en HK-buik legen.
  • Uitvoeren en verslaan van echo-onderzoeken. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Voor koffietijd van de CT- en MRI-onderzoeken in het rode mapje het protocol plannen en bespreken met supervisor. Controleer het MDRD. AIOS- en supervisor namen er onder zetten!
  • Rond 9.00 uur kijken in EZIS naar het OK-programma van vandaag + morgen en interessante casus in besprekingmap zetten.
  • Beoordeling en verslaan buik CT en –MRI en ERCP. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Om 15.55 naar Rijsdijkzaal om in te loggen en de Heelkunde bespreking op te starten.
  • Op bepaalde momenten pap-programma in K3 doen. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van buikinterventies onder strikte supervisie. Plannen iom buiksupervisor.
  • Bijhouden punctiebestand K8-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Heelkunde-bespreking maandag t/m donderdag om 16.00 uur.
  • Uroradiologie om de week vrijdag om 13.15 uur
  • Interne-buikbespreking dagelijks iets na 16.30, wordt geroepen door Thorax-artsen
  • Interne-Heelkunde overdracht maandag om 17.00 uur
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Buik 21 t/m 28

  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op het bereiken van zelfstandigheid bij het verrichten van echo-onderzoeken en buik CT’s.
  • De vaardigheden voor het plannen en interpreteren van MRI-onderzoeken en colon-CT worden aangeleerd. Daartoe wordt de AIOS voor een korte stage van cumulatief 4 dagdelen colon-CT en dunnedarm MRI uitgeroosterd. Overleg met je opleider op welke dagen in je buikstage dit kan gebeuren, vaak zal dit deels samen met de tweedejaars AIOS gebeuren. In je hele opleiding wordt je geacht ca 50 colon-CT’s en ca 50 dunne darm MRI’s te zien, grotendeels gebeurt dat door het bestuderen van casuistiek.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op echo-, CT- en MRI-onderzoek.

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • aantal echo buik: 20
  • aantal drainages: 2
  • aantal CT-buik: 5
  • aantal MRI-buik: 3
  • aantal X-BOZ: 5
  • aantal puncties: 3
  • aantal drainages: 2
  • ERCP’s: 3

 

 

Buik 1 t/m 16 (4e en 5e jaar) orgaangerichte differentiatie

Leerdoelen Buik 1 t/m 16:

  • Bereiken van zelfstandigheid bij het uitvoeren en interpreteren van echo-buik, CT-buik en het uitvoeren en interpreteren van fluoroscopische buik-onderzoeken voor alle indicaties. Na deze periode dient niveau 4 behaald te zijn, dwz een onderzoek zelfstandig uitvoeren en beoordelen.

 

Dagelijkse taken AIOS Buik 1 t/m 16

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Bespreek tevoren goed met je supervisor welk deel van het werk jou die dag toekomt, mede adhv het aantal AIOS dat is ingedeeld.
  • Donderdagochtend het pap-programma uitvoeren en verslaan.
  • Allereerst de bespreking mappen INT-buik en HK-buik legen.
  • Uitvoeren en verslaan van echo-onderzoeken. Zo nodig nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Voor koffietijd van de CT- en MRI-onderzoeken in het rode mapje het protocol plannen en zo nodig bespreken met supervisor. Controleer het MDRD.
  • Rond 9.00 uur kijken in EZIS naar het OK-programma van vandaag + morgen en interessante casus in besprekingmap zetten.
  • Beoordeling en verslaan buik CT en –MRI en ERCP. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Om 15.55 naar Rijsdijkzaal om in te loggen en de Heelkunde bespreking op te starten.
  • Uitvoeren van buikinterventies onder beperkte supervisie. Plannen iom buiksupervisor.
  • Bijhouden punctiebestand K8-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Heelkunde-bespreking maandag t/m donderdag om 16.00 uur.
  • Uroradiologie om de week vrijdag om 13.15 uur
  • Interne-buikbespreking dagelijks iets na 16.30, wordt geroepen door Thorax-artsen
  • Interne-Heelkunde overdracht maandag om 17.00 uur
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Buik 1 t/m 16

  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op het bereiken van zelfstandigheid bij het verrichten van echo-onderzoeken, buik CT’s en fluoroscopische onderzoeken.
  • De vaardigheden voor het plannen en interpreteren van MRI-onderzoeken en colon-CT worden aangeleerd.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op echo-, CT- en MRI-onderzoek.

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • aantal echo buik: 25
  • aantal CT-buik: 5
  • aantal MRI-buik: 3
  • aantal X-BOZ: 5
  • aantal ERCP’s: 3
  • aantal puncties: 5
  • aantal ERCP’s: 3
  • aantal puncties: 5
  • aantal drainages: 2

 

 

Buik 1 t/m 16 (4e en 5e jaar) differentiatie ander orgaan dan buik

Leerdoelen Buik 1 t/m 8:

  • Bereiken van zelfstandigheid bij het uitvoeren en interpreteren van echo-buik, CT-buik en het uitvoeren en interpreteren van fluoroscopische buik-onderzoeken voor alle indicaties. Na deze periode dient niveau 4 behaald te zijn, dwz een onderzoek zelfstandig uitvoeren en beoordelen.

 

Dagelijkse taken AIOS Buik 1 t/m 16

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Bespreek tevoren goed met je supervisor welk deel van het werk jou die dag toekomt, mede adhv het aantal AIOS dat is ingedeeld.
  • Donderdagochtend het pap-programma uitvoeren en verslaan.
  • Allereerst de bespreking mappen INT-buik en HK-buik legen.
  • Uitvoeren en verslaan van echo-onderzoeken. Zo nodig nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Voor koffietijd van de CT- en MRI-onderzoeken in het rode mapje het protocol plannen en zo nodig bespreken met supervisor. Controleer het MDRD.
  • Rond 9.00 uur kijken in EZIS naar het OK-programma van vandaag + morgen en interessante casus in besprekingmap zetten.
  • Beoordeling en verslaan buik CT en –MRI en ERCP. Nabespreking van bevindingen en verslag met buik-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Om 15.55 naar Rijsdijkzaal om in te loggen en de Heelkunde bespreking op te starten.
  • Uitvoeren van buikinterventies onder beperkte supervisie. Plannen iom buiksupervisor.
  • Bijhouden punctiebestand K8-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Heelkunde-bespreking maandag t/m donderdag om 16.00 uur.
  • Uroradiologie om de week vrijdag om 13.15 uur
  • Interne-buikbespreking dagelijks iets na 16.30, wordt geroepen door Thorax-artsen
  • Interne-Heelkunde overdracht maandag om 17.00 uur
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Buik 1 t/m 16

  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op het bereiken van zelfstandigheid bij het verrichten van echo-onderzoeken, buik CT’s en fluoroscopische onderzoeken.
  • De vaardigheden voor het plannen en interpreteren van MRI-onderzoeken en colon-CT worden aangeleerd.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op echo-, CT- en MRI-onderzoek.

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • aantal echo buik: 25
  • aantal CT-buik: 5
  • aantal MRI-buik: 3
  • aantal X-BOZ: 5
  • aantal ERCP’s: 3
  • aantal puncties: 5
  • aantal ERCP’s: 3
  • aantal puncties: 5
  • aantal drainages: 2
  • aantal ERCP’s: 3
  • aantal puncties: 5
  • aantal drainages: 2

 

 

Buik 1 t/m 45 (4e en 5e jaar) differentiatie Buik

Leerdoelen Buik 1 t/m 45:

  • Bereiken van zelfstandigheid bij het uitvoeren en interpreteren van echo-buik, CT-buik en het uitvoeren en interpreteren van fluoroscopische buik-onderzoeken voor alle indicaties. Na deze periode dient niveau 5 behaald te zijn, dwz een onderzoek zelfstandig uitvoeren en beoordelen en onderwijs geven aan jongere AIOS.

 

Dagelijkse taken AIOS Buik 1 t/m 45

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Bespreek tevoren goed met je supervisor welk deel van het werk jou die dag toekomt, mede adhv het aantal AIOS dat is ingedeeld. Deels zal je de jongere AIOS superviseren.
  • Donderdagochtend het pap-programma superviseren.
  • Allereerst de bespreking mappen INT-buik en HK-buik legen.
  • Uitvoeren en verslaan van echo-onderzoeken.
  • Voor koffietijd van de CT- en MRI-onderzoeken in het rode mapje het protocol plannen. Controleer het MDRD.
  • Rond 9.00 uur kijken in EZIS naar het OK-programma van vandaag + morgen en interessante casus in besprekingmap zetten.
  • Beoordeling en verslaan buik CT en –MRI en ERCP.
  • Om 15.55 naar Rijsdijkzaal om in te loggen en de Heelkunde bespreking op te starten.
  • Uitvoeren van buikinterventies. Plannen iom buiksupervisor.
  • Bijhouden punctiebestand K8-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken. Soms zul je de jongere AIOS superviseren bij een bespreking.
  • Heelkunde-bespreking maandag t/m donderdag om 16.00 uur.
  • Uroradiologie om de week vrijdag om 13.15 uur
  • Interne-buikbespreking dagelijks iets na 16.30, wordt geroepen door Thorax-artsen
  • Interne-Heelkunde overdracht maandag om 17.00 uur
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Buik 1 t/m 45

  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op het bereiken van zelfstandigheid bij het verrichten van echo-onderzoeken, buik CT’s en fluoroscopische onderzoeken. Deze zelfstandigheid wordt mede bereikt door het geven van onderwijs en supervisie van jongere AIOS.
  • De vaardigheden voor het plannen en interpreteren van MRI-onderzoeken en colon-CT worden uitgebouwd.

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • aantal echo buik: 25
  • aantal CT-buik: 5
  • aantal MRI-buik: 3
  • aantal X-BOZ: 5
  • aantal ERCP’s: 3
  • aantal puncties: 5
  • aantal ERCP’s: 3
  • aantal puncties: 5
  • aantal drainages: 2

 


Gastro – intestinaal

 

Eind jaar 1

Eind jaar 3

Eind jaar 5 orgaan gericht

eind jaar 5 differentiatie

Conventioneel

2

3

5

5

Doorlichting

2

3

4

5

Echografie

3

4

4

5

CT

2

3

4

5

MRI

1

2

4

5

Puncties / biopsieen

2

3

4

5

Interventies

1

2

3

4

Nucleair

1

1

2

4

 

 

Urogenitaal

 

Eind jaar 1

Eind jaar 3

Eind jaar 5 orgaan gericht

eind jaar 5 differentiatie

Conventioneel

2

3

5

5

Doorlichting

3

3

4

5

Echografie

3

4

4

5

CT

2

3

4

5

MRI

1

3

4

5

Puncties / biopsieen

1

3

4

5

Interventies

nvt

2

2

4

Nucleair

1

1

2

4

 

 

 

7.3.2 Cardio-Vasculair (Hart & Vaten)

 

Aandachtsgebiedcoördinator (stageopleider / aandachtsgebied radiologen):

Cobben / Wassenaar / Heijenbrok

 

Aantal verplichte stages tijdens ‘common trunk’:

Nucleaire          (1 week eind 1e jaar)

H&V 1 t/m 7      (7 weken eind eerste jaar)

H&V 8 t/m 20    (24 weken op grens tweede en derde jaar, gecombineerd met interventie)

 

Additionele stages:

Differentiatie Hart&Vaat-radiologie: niet in MCH

 

Literatuur / websites vroeg in stage lezen:

Auteur             Titel

www.radiologyassistant.nl cardiovascular

Miller SW, Cardiac Radiology: the Requisites, Mosby, 2004, ISBN 0-323-01755-X

Prokop M. Spiral & Multislice CT of the Body. Hoofdstuk 23 en 24

de Feyter; computed tomography of the coronary arteries, 2e editie.

Middleton WD, Ultrasound: the Requisites

 

 

Literatuur naslagwerken:

Naam               URL

Higgins CB, de Roos A. Cardiovascular MRI & MRA. Lippincott, Williams & Wilkins, 2002 ISBN 0-7817-3482-7

Kaufman JA, Lee MJ. Vascular and Interventional Radiology: the Requisites. Mosby 2004

Radiographics  http://radiographics.rsnajnls.org/

Radiology        http://radiology.rsnajnls.org/

Radswiki          http://www.radswiki.net/main/index.php?title=Main_Page

Various             http://www.med-ed.virginia.edu/courses/rad/

Various             http://www.e-radiography.net/ 

Uptodate          http://www.uptopdate.com/

Goldminer        http://goldminer.arrs.org/  

Wiki                 http://www.wikiradiography.com/

Nuclear cardio  http://www.asnc.org

 

 

Auteur             Titel boek

Handboek nucleaire

The ESC Textbook of cardiovacscular Imaging

 

Competenties

De volgende competenties zullen in de stages worden beoordeeld:

  1. Medisch handelen
  2. Communicatie B (=met aanvragers)
  3. Samenwerking
  4. Kennis en wetenschap
  5. Professionaliteit

 

Beoordelingen

  • Elke 4-weekse periode dient een KPB te worden afgenomen, z.n. gecombineerd met OSATS.

 

Cursorisch Onderwijs

  • Zie programma cursorisch onderwijs Leiden/VU

 

 

Nucleaire 1 (eind 1e jaar) Common trunc

 

Aandachtsgebiedcoördinator (stageopleiders):

Tim / Comans

 

Leerdoelen nucleaire 1:

  • Kennismaken met Nucleair geneeskundige vormen van diagnostiek en therapie.
  • Beginselen van beeldvormende techniek en farmacokinetiek
  • Beginselen van nucleair geneeskundige therapie
  • Stralingshygienische en stralingsbeschermingsfacetten van nucleaire geneeskunde (omgaan met open bronnen).
  • Interpretatie van veel voorkomende onderzoeken
  • Relatie van nucleair geneeskundige onderzoeken tov andere diagnostische methoden
  • Leren interpreteren en verslaan renogrammen.
  • De weg op de afdeling kennen en de supervisoren leren kennen, opdat geintegreerd in de orgaangebonden stages de nucleaire geneeskunde geleerd kan worden.

 

Dagelijkse taken AIOS Nucleaire 1

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Vroeg op maandagochtend van elke week een mail sturen naar beide nucleair geneeskundigen met je aanwezigheid per dagdeel in die week. Leg uit hoe laat je ongeveer komt en welke taak je wel en niet zult kunnen vervullen.
  • Radiofarmacie procedures: 1x meekijken op het hotlab
  • Bij te wonen onderzoeken: cardio-SPECT, renografie, sentinel node, botscan, schildklierscintigrafie
  • Meekijken en mee-verslaan met routine onderzoeken
  • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken:
  • Orthopediebespreking dinsdag 8.15 uur
  • Algemene oncologiebespreking donderdag 16.45 uur
  • Longoncologiebespreking donderdag 16.30 uur,
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Nucleaire 1

  • Tijdens de eerste week nucleaire geneeskunde ligt de nadruk op het kennismaken met het vakgebied, opdat in latere stages de weg gevonden kan worden.
  • Omdat tijdens de stages long, skelet en hart&vaten geintegreerd de nucleair geneeskundige onderzoeken worden geleerd, moeten tijdens de eerste stage o.a. renogrammen geleerd worden.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een nucleair geneeskundig onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.

 

 

Streefdoelen einde stage:

  • Percentage dagproductie alle onderzoeken: 50-100


Hart & vaten 1 t/m 7 (1e jaar) Common trunc

Leerdoelen Hart & Vaten 1 t/m 7:

  • Neurovasculaire onderzoeken
  • Nucleaire onderoeken (stress en ejecties)
  • ICU- en CCU thoraxen
  • CT-calciumscore
  • Eerste ervaringen opdoen met het beoordelen van CT-coronairen
  • Eerste ervaringen opdoen met MRI-cardio

 

Dagelijkse taken AIOS Hart & vaten 1 t/m 7

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Dagelijks: beoordeling en verslaan van ICU- en CCU thoraxfoto’s tot koffietijd. Nabespreking van bevindingen en verslag met Thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag. Na de ICU-bespreking per dag daarna naar een ander hart&vaat-onderdeel:
  • Maandag: naar de nucleaire en verslaan van de hart-onderzoeken (stressonderzoeken en ejectiefracties). Nabespreking van bevindingen en verslag met nucleaire-supervisor, waarna vrijgeven verslag. Middag verder besteden aan voorbereiden neuro-vasculaire bespreking.
  • Dinsdag: zoveel mogelijk van de neurovasculaire- en CT-longembolie onderzoeken van afgelopen week bekijken en die patienten vervolgen. Neurovasculaire- en CT-longembolie onderzoeken van de dag zelf bewerken en beoordelen. Nabespreking van bevindingen en verslag met neuro- respectievelijk thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag. 4 keer meekiken met de cardio-MRI en eerste ervaringen opdoen met het bewerken van de data op het werkstation, geen eigen verslaglegging nodig.
  • Woensdag naar de nucleaire en verslaan van de hart-onderzoeken (stressonderzoeken en ejectiefracties). Nabespreking van bevindingen en verslag met nucleaire-supervisor, waarna vrijgeven verslag. Middag verder besteden aan voorbereiden vaatbespreking.
  • Donderdag: naar cardio-CT. Bewerken en beoordelen Calciumscore CT’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met cardio-supervisor, waarna vrijgeven verslag. Meekijken met Coronair-CT beoordelen en verslaglegging, geen eigen verslaglegging nodig.
  • Vrijdag: zoveel mogelijk van de neurovasculaire- en CT-longembolie onderzoeken van afgelopen week bekijken en die patienten vervolgen De neurovasculaire- en CT-longembolie onderzoeken van de dag zelf bewerken en beoordelen. Nabespreking van bevindingen en verslag met neuro- respectievelijk thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag. De rest van de vrijdag wordt gevuld met vasculaire neuroradiologie.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Nvt in 1e
    • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
  • ICU-bespreking dagelijks om 11.00 uur
  • neurovasculaire-bespreking maandag om 16.30 uur
  • Vaatbespreking woensdag 16.15 uur
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Hart & Vaten 1 t/m 7

  • Tijdens deze eerste hart & vaatstage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het beoordelen en verslaan van de zeer gevarieerde onderzoekstechnieken van het hart & vaatstelsel. De meer basale onderzoeken worden zelf uitgevoerd en beoordeeld, de meer complexe onderzoeken worden meebekeken.
  • Omdat veel tijd op steeds verschillende plaatsen wordt doorgebracht wordt een deel van de vaardigheden ontwikkeld door het retrospectief opnieuw beoordelen van reeds verslagen onderzoeken van de voorgaande dagen.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van het hart en de vaten zoals deze zichtbaar is op de evrschillende onderzoeken met identificatie van de normale anatomische structuren.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een cardiovasculair onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.

 

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • Percentage dagproductie X-thorax ICU: 80-100
  • Percentage dagproductie X-thorax CCU: 50
  • Percentage dagproductie cardio-nucleaire: 100
  • Percentage dagproductie CT-calciumscore: 100


 

Hart & Vaten 8 t/m 20 (grens 2e en 3e jaar) Common trunc

Gecombineerd met interventie 1 t/m 5, zie aparte stagebeschrijving

Leerdoelen hart & vaten 8 t/m 20:

  • Doppler in vaatlab
  • CT-A alle perifere orgaangebieden
  • Cardio-MRI
  • Cardio-CT-coronairen en CT-calciumscore
  • Een paar dagdelen meekijken met cardio-angiografie

 

Dagelijkse taken AIOS Hart & vaten & interventie 8 t/m 20

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Alle dagen: CT-angiografie van alle perifere vaatgebeiden beoordelen, uitwerken en verslaan. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag. In overgebleven tijd eventueel beoordeling en verslaan poliklinische thoraxfoto’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Maandag: vaatkamer, zie interventiestage beschrijving.
  • Dinsdag: cardio-MRI. Beoordeling, uitwerken en verslaan van cardio-MRI. Nabespreking van bevindingen en verslag met MRI-supervisor, waarna vrijgeven verslag. De rest van de dinsdag wordt besteed aan CT-angio’s en het voorbereiden van de vaatbespreking.
  • Aan het eind van de eerst 4 weken vaatstage neemt de AIOS contact met het vaatlab op om in het tweede blok van 4 weken totaal 4 dagdelen vaatlab WEZ af te spreken, die bij voorkeur zoveel mogelijk plaatsvinden op dinsdagmiddagen en donderdagmiddagen. De AIOS geeft die dagdelen door aan de planner van de radiologie die de AIOS uitroostert in ons programma. Als die 4 dagdelen ten einde lopen wordt bekeken of er voldoende aanbod van patiënten met veneuze insufficiëntie is geweest, zo niet dan wordt ad hoc een dagdeel AH gepland kort daarna.
  • Aan het eind van de tweede 4 weken vaatstage neemt de AIOS contact op met de cardiologie om totaal 2 dagdelen meekijken op de cardiologische angiokamer af te spreken. De AIOS geeft die dagdelen door aan de planner van de radiologie die de AIOS uitroostert in ons programma.
  • Woensdagochtend: vaatkamer, zie interventiestage beschrijving.
  • Woensdagmiddag: voorbereiden vaatbespreking.
  • Donderdag: cardio CT. Zowel CT-calciumscore als CT-coronairen beoordeling, uitwerken en verslaan. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Vrijdag: CT-angiografie van alle perifere vaatgebeiden beoordelen, uitwerken en verslaan. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag. In overgebleven tijd eventueel beoordeling en verslaan alle soorten thoraxfoto’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag. De resterende tijd wordt besteed aan neuroradiologie.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken
  • Vaatbespreking woensdag om 16.15 uur
    • Eigen sein bij zich houden.

 

 

Kennis en Vaardigheden Hart & vaten 8 t/m 20

  • Tijdens deze eerste hart & vaatstage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het beoordelen en verslaan van de zeer gevarieerde onderzoekstechnieken van het hart & vaatstelsel, zowel de basale onderzoeken de meer complexe onderzoeken worden zelf uitgevoerd en beoordeeld.
  • Omdat veel tijd op steeds verschillende plaatsen wordt doorgebracht wordt een deel van de vaardigheden ontwikkeld door het beoordelen van de daartoe blijven liggen CT-A onderzoeken van de voorgaande dagen.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van het hart en de vaten zoals deze zichtbaar is op het conventionele onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • CT-calciumscore: 100
  • CT-coronairen: 100
  • MRI-hart: 100
  • CT-A 75

 

Hart & Vaten 1 t/m 16 (4e en 5e jaar) orgaangerichte differentiatie

Leerdoelen hart & vaten 1 t/m 16:

  • CT-A alle perifere orgaangebieden
  • Cardio-MRI
  • Cardio-CT-coronairen en CT-calciumscore
  • Nucleaire onderoeken (stress en ejecties)

 

 

Dagelijkse taken AIOS Hart & vaten 1 t/m 16

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Alle dagen: beoordeling en verslaan van ICU- en CCU thoraxfoto’s tot koffietijd. Nabespreking van bevindingen en verslag met Thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag. Na de ICU-bespreking per dag daarna naar een ander hart&vaat-onderdeel.
  • Alle dagen: CT-angiografie van alle perifere vaatgebeiden beoordelen, uitwerken en verslaan. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag. In overgebleven tijd eventueel beoordeling en verslaan poliklinische thoraxfoto’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Maandagen totaal in stage 8 maandagen en/of woensdagen naar de nucleaire en verslaan van de hart-onderzoeken (stressonderzoeken en ejectiefracties). Nabespreking van bevindingen en verslag met nucleaire-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Maandag: eventueel vaatkamer, zie interventiestage beschrijving.
  • Dinsdag: cardio-MRI. Beoordeling, uitwerken en verslaan van cardio-MRI. Nabespreking van bevindingen en verslag met MRI-supervisor, waarna vrijgeven verslag. De rest van de dinsdag wordt besteed aan CT-angio’s en het voorbereiden van de vaatbespreking.
  • Woensdagmiddag: voorbereiden vaatbespreking.
  • Donderdag: cardio CT. Zowel CT-calciumscore als CT-coronairen beoordeling, uitwerken en verslaan. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Vrijdag: CT-angiografie van alle perifere vaatgebeiden beoordelen, uitwerken en verslaan. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag. In overgebleven tijd eventueel beoordeling en verslaan alle soorten thoraxfoto’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag. De resterende tijd wordt besteed aan neuroradiologie.
  • Eigen sein bij zich houden.

 

 

Kennis en Vaardigheden Hart & vaten 1 t/m 16

  • Tijdens deze hart & vaatstage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het beoordelen en verslaan van de zeer gevarieerde onderzoekstechnieken van het hart & vaatstelsel, zowel de basale onderzoeken de meer complexe onderzoeken worden zelf uitgevoerd en beoordeeld.
  • Omdat veel tijd op steeds verschillende plaatsen wordt doorgebracht wordt een deel van de vaardigheden ontwikkeld door het beoordelen van de daartoe blijven liggen CT-A onderzoeken van de voorgaande dagen.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van het hart en de vaten zoals deze zichtbaar is op het conventionele onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • CT-calciumscore: 100
  • CT-coronairen: 100
  • MRI-hart:                         100
  • CT-A 100
  • Percentage dagproductie cardio-nucleaire: 100


Hart & Vaten


 

 

Eind jaar 1

Eind jaar 3

Eind jaar 5 orgaan gericht

eind jaar 5 differentiatie

Conventioneel

3

4

5

5

Doorlichting

1

2

2

3

Echografie

3

3

4

5

CT

2

3

4

5

MRI

1

2

4

5

Puncties / biopsieen

1

1

1

1

Interventies

nvt

1

1

3

Nucleair

1

2

2

3

 

 

7.3.3 Interventie

 

Aandachtsgebiedcoördinator (stageopleider / aandachtsgebied radiologen):

Van der Linden / de Rooij / Cobben

 

Aantal verplichte stages tijdens ‘common trunk’:

Int 1 t/m 10       (20 weken op grens tweede en derde jaar, gecombineerd met hart&vaten)

 

Additionele stages:

Differentiatie Interventie-radiologie

 

Literatuur / websites vroeg in stage lezen:

Auteur             Titel

www.radiologyassistant.nl cardiovascular

Kaufman JA, Lee MJ. Vascular and Interventional Radiology: the Requisites. Mosby 2004

Miller SW, Cardiac Radiology: the Requisites, Mosby, 2004, ISBN 0-323-01755-X

Prokop M. Spiral & Multislice CT of the Body. Hoofdstuk 23 en 24

Kaufman JA, Lee MJ. Vascular and Interventional Radiology: the Requisites. Mosby 2004

Middleton WD, Ultrasound: the Requisites, blz. 259-269.

 

Literatuur naslagwerken:

Naam               URL

Radiographics  http://radiographics.rsnajnls.org/

Radiology        http://radiology.rsnajnls.org/

Radswiki          http://www.radswiki.net/main/index.php?title=Main_Page

Various             http://www.med-ed.virginia.edu/courses/rad/

Various             http://www.e-radiography.net/ 

Uptodate          http://www.uptopdate.com/

Goldminer        http://goldminer.arrs.org/  

Wiki                 http://www.wikiradiography.com/

 

Competenties

De volgende competenties zullen in de stages worden beoordeeld:

  1. Medisch handelen
  2. Communicatie A (= met patient)
  3. Kennis en wetenschap
  4. Professionaliteit

 

Beoordelingen

  • Elke 4-weekse periode dient een KPB te worden afgenomen, z.n. gecombineerd met OSATS.

 

Cursorisch Onderwijs

  • Zie programma cursorisch onderwijs Leiden/VU

 

 

Interventie 1 t/m 10 (grens 2e en 3e jaar) Common trunc

Gecombineerd met Hart & Vaten 9 t/m 28 (zie aparte stagebeschrijving)

Leerdoelen Interventie 1 t/m 20:

  • Kenismaken met vasculaire interventies en specifieke niet vasculaire interventies.
  • Beoordelen of talent en belangstelling in deze richting wijzen en een differentiatie interventieradiologie moet worden overwogen.

 

 

Dagelijkse taken AIOS Interventie 1 t/m 10

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Tezamen met supervisor uitvoeren van radiologische interventies, welke in de angiokamer en CT-kamer plaatsvinden. Het gaat daarbij zowel om vasculaire interventies, als om niet-vasculaire interventies zoals galwegdrainages en RFA’s. Eenvoudiger niet-vasculaire drainages als abcesdrainage, galblaasdrainage en nefrostomie horen bij de buik. Neurovasculaire interventies horen bij de neuro.
  • Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Bijhouden compicatieregistratie bestand.
  • De systematiek van DBC/DOT/RIS-registratie van verrichtingen voor juiste facturatie leren kennen en toepassen.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Vaatbespreking woensdag om 16.15 uur.
    • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
  • Leverbespreking wekelijks donderdag om 16.30 uur
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Interventie 1 t/m 10

  • Tijdens deze interventiestage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, deels uitvoeren van, beoordelen en verslaan van interventies.
  • Indien de situatie / ontwikkeling dit toelaat kan tijdens deze stage uitgebreidere interventie ervaring worden opgedaan. Maar het primaire doel is kennismaking, omdat vasculaire interventies niet meer tot het domein van de algemene radioloog horen.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de gebruikte materialen, de indicatiestelling en de gebruikte medicatie. De normale anatomische structuren en veel voorkomende varianten moeten worden bestudeerd.
  • Voorts zal de arts-assistent de indicaties vor vaatinterventies moeten kennen en een vaatbespreking moeten kunnen leiden.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een interventie. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen

bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.

 

 

Streefdoelen einde stage:

  • Percentage dagproductie interventiekamer: 50

 

Interventie 1 t/m 45 Differentiatie Interventie

Leerdoelen Interventie 1 t/m 45:

  • Het bereiken van zelfstandigheid bij de veelvoorkomende vasculaire interventies en specifieke niet-vasculaire interventies.
  • Voorbereiden van een fellowshipjaar interventieradiologie aansluitend aan de differentiatie, om de beveogdheid als interventioeradioloog te verkrijgen.

 

 

Dagelijkse taken AIOS Interventie 1 t/m 45

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Tezamen met supervisor uitvoeren van radiologische interventies, welke in de angiokamer en CT-kamer plaatsvinden. Het gaat daarbij zowel om vasculaire interventies, als om niet-vasculaire interventies zoals galwegdrainages en RFA’s. Eenvoudiger niet-vasculaire drainages als abcesdrainage, galblaasdrainage en nefrostomie horen bij de buik. Neurovasculaire interventies horen bij de neuro. Deels kunnen deze interventies worden uitgevoerd door de interventie-differentiant.
  • Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Bijhouden compicatieregistratie bestand.
  • De systematiek van DBC/DOT/RIS-registratie van verrichtingen voor juiste facturatie leren kennen en toepassen.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Vaatbespreking woensdag om 16.15 uur.
    • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
  • Leverbespreking wekelijks donderdag om 16.30 uur
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Interventie 1 t/m 45

  • Tijdens deze interventiestage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, zelfstandig uitvoeren van, beoordelen en verslaan van interventies.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de gebruikte materialen, de indicatiestelling en de gebruikte medicatie. De normale anatomische structuren en veel voorkomende varianten moeten worden bestudeerd.
  • Voorts zal de arts-assistent de indicaties voor vaatinterventies moeten kennen en een vaatbespreking moeten kunnen leiden.
  • Een korte stage bij de vaatchirurg moet worden ingepland.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een interventie. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen

bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.

 

 

Streefdoelen einde stage:

  • Percentage dagproductie interventiekamer: 100


Interventie

 

 

Eind jaar 1

Eind jaar 3

Eind jaar 5 orgaan gericht

eind jaar 5 differentiatie

Conventioneel

nvt

2

2

4

Doorlichting

nvt

2

2

4

Echografie

nvt

2

2

5

CT

nvt

2

2

5

MRI

nvt

2

2

5

Puncties / biopsieen

nvt

2

2

4

Basale non-vasculaire Interventies (abcesdrainage, nefrostomie, puncties)

nvt

1

2

4

Vasculaire Interventies

nvt

1

2

3

Nucleair

nvt

2

2

3

 

7.3.4 Kinder

 

Aandachtsgebiedcoördinator (stageopleider):

EG Coerkamp en Mw F.I. de Korte

 

Aantal verplichte stages tijdens ‘common trunk’:

Kind 1 t/m 4      (4 weken in het derde jaar focused kinderstage is samen met 5 jaar enige expositie aan kinderradiologie volgens het Concilium voldoende )

 

Literatuur vroeg in de stage:

www.radiologyassistant.nl pediatrics

- Siegel MJ. The core curriculum: pediatric imaging, Lippincott/Williams & Wilkins, ISBN 0.7817.5980.3

 

Naslagwerk

Blickman JG. Pediatric radiology: the Requisites, 3rd ed. Elsevier Science/Mosby, 2009

Bilo H. forensische aspecten van fracturen op de kinderleeftijd, 1e druk

T:\Radiologie\Algemeen\WZ\TEACHING FILE MCH RADIOLOGIE\TF_ALGEMEEN\Kinder\Handboek Beek Uitrijping skelet\homepage.html

 

Algemene gegevens

Het doel van de ‘common trunk’ training is het verkrijgen van basale competenties op het gebied van de kinderradiologie. Het gaat hierbij om het herkennen van afwijkingen die voorkomen op de kinderleeftijd en weten waar, wanneer en aan wie om de noodzakelijke kennis en ervaring te vragen.

Kinderradiologie bestrijkt alle orgaangerichte disciplines met een leeftijdsgrens van 16 jaar.

Kinderradiologie beslaat de volgende levensstadia van de mens: foetus / pasgeboren kind/ peuter / kleuter / pre adolescent / adolescent.


Stage Kinderradiologie in HAGA - JKZ

Algemeen

Kinderradiologie omvat het verrichten van beeldvormende diagnostiek en minimaal invasief onderzoek bij kinderen tot de leeftijd van 16 jaar. Tijdens de stage doet de aios kennis op over alle diagnostische modaliteiten (conventioneel, CT, MRI en echo). De stage vind plaats in het Juliana Kinderziekenhuis.

 

Voor alle aios valt de algemene stage kinderradiologie in het tweede of derde jaar van de opleiding en duurt 8 weken. Stage begeleiders zijn H.C. Holscher, G.J. Kieft. en P.E. Warmerdam.

 

Doel

Een aios dient aan het einde van zijn/haar stage over de volgende competenties te beschikken:

  • Hij/zij kan overleggen met andere aios of specialisten over keuze van de optimale beeldvorming, indicatie en contra-indicaties bij kinderradiologische vraagstukken
  • Hij/zij kan patiënten voorlichten over de technieken en bevindingen
  • Hij/zij kan onder beperkte supervisie basale onderzoeken zoals echografie en conventioneel onderzoek verrichten en verslaan
  • Hij/zij kan onder supervisie zelfstandig GE onderzoeken uitvoeren
  • Hij/zij kan adequaat assisteren bij meer gecompliceerde verrichtingen
  • Hij/zij kan inschatten welke onderzoeken hij/zij op een veilige manier zelfstandig kan verrichten danwel hiervoor supervisie moet vragen

 

Stageactiviteiten

  • Beoordelen en verslaan van digitale radiologische onderzoeken
  • Verrichten van echografie
  • Verrichten van eenvoudige invasieve diagnostiek[1]
  • Interpreteren en verslaan van CT en MRI
  • Onder supervisie verrichten en begeleiden van meer gecompliceerde diagnostiek bij kinderen
  • Bijwonen van verschillende besprekingen, te weten:
  • Kinderartsenbespreking
  • Urologiebespreking
  • Neurologiebespreking
  • Chirurgiebespreking

 

Toetsing/evaluatie

Toetsingsmomenten tijdens de stage zijn het laten afnemen van tenminste 2 KPB’s en tenminste 1 modelverslag, beide kunnen bij de management assistent opleiding worden ingeleverd.

           

Aan het einde van de stage beoordelen de stagebegeleiders of de aios voor het onderdeel kinderradiologie gecertificeerd wordt cq in staat geacht wordt zelfstandig te kunnen beslissen welk onderzoek of ingreep zelfstandig verricht kan worden danwel waarvoor supervisie gewenst is. Dit geschiedt middels het autorisatieschema, welke de aios aan het eind van zijn/haar stage door de supervisor(en) zal moeten laten invullen waarna hij ingeleverd wordt bij de management assistent opleiding.

 

Beheersingsniveaus

De technieken of modaliteiten waarmee wordt gewerkt staan centraal en komen tot uiting in de beheersingsniveaus. Met behulp van beheersingsniveaus kan eenvoudig worden aangegeven welke handelingen, op welk moment op welk niveau beheerst moeten worden. De beheersingsniveaus in de tabel zijn aangegeven in een schaal van 1-5.

 

Niveau 1: Heeft kennis van

Niveau 2: Handelt onder strenge supervisie

Niveau 3: Handelt onder beperkte supervisie

Niveau 4: Handelt zonder supervisie

Niveau 5: Superviseert en onderwijst bij de handeling

 

 

COMPETENTIE

 

 

Medisch Handelen

 

 

Ingreep

Werkzaamheden

 

Niveau

 

Conventioneel onderzoek

Interpreteren, verslaan

 

3

 

Echografie

Doen,interpreteren,verslaan

 

3

 

MRI

Interpreteren, verslaan

 

2

 

CT

Interpreteren, verslaan

 

2

 

Doorlichting/contrastonderzoek

Doen,interpreteren,verslaan

 

3

 

Puncties/biopsieën

Doen,interpreteren,verslaan

 

1

 

Interventies

Doen,interpreteren,verslaan

 

1

 

Nucleair onderzoek

Interpreteren, verslaan

 

1

 

Medische Kennis                                            

 

Kennis van de normale kinderanatomie en normaalvarianten die specifiek te maken hebben met normale ontwikkeling en groei

Kennis van ziekten die alleen voorkomen op kinderleeftijd en hun klinische en radiologische presentatie op alle beeldvormende modaliteiten

Kennis van stoornissen en beeldkenmerken van de pasgeborene

Kennis van conventioneel kinderradiologisch onderzoek

Kennis van echografie van het abdomen, hoofd en musculoskeletaal systeem in de kinderleeftijdsgroep

Kennis van basaal doorlicht contrastonderzoek van het maagdarm stelsel en de urinewegen bij kinderen

Kennis van CT-en MRI-onderzoeken bij kinderen

Inzicht in de waarde van en indicaties voor echografie, CT en MRI en de rol van nucleair geneeskundig onderzoek bij kinderen

                 

 


Communicatie A

 

Bouwt effectieve behandelrelatie op

Luistert goed

Licht patiënt (leeftijdsafhankelijk) en familie adequaat voor

Staat open voor klachten

Bespreekt medische informatie met familie

Communicatie B

 

Licht aanvrager adequaat voor

Let op goede verslaglegging

Kiest voor dat communicatiekanaal wat past bij de urgentie

Koppelt helder terug in verslaggeving en bespreking

Kennis en Wetenschap

 

Beschouwt medische informatie kritisch en beoordeelt deze op bewijskracht volgens vaste procedures

Heeft kennis van relevante ontwikkelingen in het vakgebied

Ontwikkelt en leert nieuwe vaardigheden op coördinerende en gestructureerde wijze

Maatschappelijk handelen

 

Handelt volgens wettelijke bepalingen

Let zoveel mogelijk op stralingsbescherming voor patiënt, behandelaar en omgeving

Is adequaat bij incidenten

Professionaliteit

 

Levert optimale patiëntenzorg

Heeft een professionele houding jegens laboranten, verpleging en administratief personeel

Toont verantwoordelijkheid, initiatief en zelfkritiek

 

 

 

 

 

 

 

Kinder

 

Eind jaar 1

Eind jaar 3

Eind jaar 5 orgaan gericht

eind jaar 5 differentiatie

Conventioneel

1

3

4

5

Doorlichting

1

3

4

5

Echografie

1

3

4

5

CT

1

2

4

5

MRI

1

2

4

5

Puncties / biopsieen

1

1

1

3

Interventies

nvt

1

1

3

Nucleair

1

1

1

2

 

7.4.5 Mamma

 

Aandachtsgebiedcoördinator (stageopleider / aandachtsgebied radiologen):

Coerkamp / Wever

 

Aantal verplichte stages tijdens ‘common trunk’:

Mamma 1 t/m 10   (20 weken in tweede jaar, gecombineerd met MSK)

 

Additionele stages:

Differentiatie mamma-radiologie

 

Literatuur / websites vroeg in stage lezen:

Auteur             Titel

  1. Tabar, teaching atlas of mammography, 2001

ACR                 BIRADS-atlas, 5e editie 2014 (op beide locaties aanwezig)

MammoEd       http://www.rad.washington.edu/academics/academic-sections/mbi/education/mammoed/

www.radiologyassistant.nl breast

Diagnostic imaging Breast: https://ebooks.amirsys.com/

Username: assistentmch

pw: Coerkamp1

 

 

Literatuur naslagwerken:

Naam               URL

Radiographics  http://radiographics.rsnajnls.org/

Radiology        http://radiology.rsnajnls.org/

Uptodate          http://www.uptopdate.com/

Goldminer        http://goldminer.arrs.org/  

Wiki                 http://www.wikiradiography.com/

Ikeda D.           Breast imaging, The Requisites

CBO                 Herziene richtlijn 2011

Oncoline           http://www.oncoline.nl

 

 

Auteur             Titel boek

Ikeda D. Breast imaging The Requisites 352 pp Mosby ISBN 0.323.01969.2

 

Competenties

De volgende competenties zullen in de stages worden beoordeeld:

  1. Medisch handelen
  2. Communicatie A (= met patient) en B (= met aanvragers)
  3. Kennis en wetenschap
  4. Professionaliteit

 

Beoordelingen

  • Elke 4-weekse periode dient een KPB te worden afgenomen, z.n. gecombineerd met OSATS.

 

Cursorisch Onderwijs

  • Zie programma cursorisch onderwijs Leiden/VU
    Mamma 1-10 (2e jaar) Common trunc

Leerdoelen Mamma 1 t/m 10:

  • Mammografie, echo- en MRI van de mamma van poliklinische, klinische- en SEH-patienten onder beperkte supervisie kunnen beoordelen.
  • Localisatie-excisie procedures, Puncties en biopten waaronder Mammotomes onder strikte supervisie leren uitvoeren.
  • Sentinel Node procedure onder strikte supervisie leren uitvoeren en beoordelen.

 

 

Dagelijkse taken AIOS Mamma 1 - 10

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van mammografieen. Indicatie stellen voor echo en/of punctie van de mamma en deze onderzoeken uitvoeren. Nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling, uitwerken en verslaan van MRI van de mammae. Nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van puncties en biopten waaronder Mammotome-procedures, na de casus tevoren goed bestudeerd te hebben. Het maken van een plan van aanpak en dat bespreken met de mamma-supervisor, de ingreep vervolgens uitvoeren en nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Totaal in de 20-weekse periode ca 10 sentinel node procedures bijwonen en verslaan. Maak daartoe een zoekopdracht in het RIS waarin ook de verrichtingen SN1 en SN2 staan.
  • Bijhouden punctiebestand alle K2-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Mamma MDO wekelijks donderdag om 13.00 uur.
    • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken:
  • Cooperatiebreed mamma oncologie dinsdag en donderdag om 13.30 uur: nog in ontwerpfase
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Mamma 1 - 10

  • Tijdens de mamma stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het uitvoeren, bewerken en beoordelen en verslaan van alle mamma-onderzoeken en hun sterke en zwakke kanten leren kennen.
  • Leren werken met de BIRADS-classificatie van de ACR.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van de mamma zoals deze zichtbaar is op de verschillende onderzoeken met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de arts-assistent aan het einde van de stage in staat te zijn de subtiele tekenen van een mammacarcinoom te herkennen op een mammografie onderzoek. Daartoe dient de AIOS van alle patienten die zich tijdens de mamma-stage in de follow-up na mammarcinoom voor mammografie melden de gehele voorgaande reeks mammografieen te bekijken, met name ook de onderzoeken voor en tijdens de datum waarop het mammacarcinoom destijds werd ontdekt.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een mamma-onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting en gericht advies indien nodig. Daartoe bestaat een standaard verslag format.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen

bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.

 

 


Streefdoelen halverwege stage:

 

  • dagproductie mammografie: 100
  • dagproductie MRI-mammae: 30
  • Percentage dagproductie mammapuncties en biopten: 50                               
  • dagproductie Mammotomes: 50
  • dagproductie mammaloc.: 100


 

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • dagproductie mammografie: 100
  • dagproductie MRI-mammae: 80
  • dagproductie mammapuncties en biopten: 100
  • Aantal Sentinel nodes in stage: 10
  • dagproductie Mammotomes: 80
  • dagproductie mammaloc.: 100

 

 

 

Mamma 1-10 (4e en/of 5e jaar) orgaangerichte differentiatie

Leerdoelen Mamma 1 t/m 10:

  • Mammografie, echo- en MRI van de mamma van poliklinische, klinische- en SEH-patienten zonder supervisie kunnen beoordelen.
  • Localisatie-excisie procedures, Puncties en biopten waaronder Mammotomes onder beperkte supervisie leren uitvoeren.

 

 

Dagelijkse taken AIOS Mamma 1 - 10

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van mammografieen. Indicatie stellen voor echo en/of punctie van de mamma en deze onderzoeken uitvoeren. Nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling, uitwerken en verslaan van MRI van de mammae. Nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van puncties en biopten waaronder Mammotome-procedures, na de casus tevoren goed bestudeerd te hebben. Het maken van een plan van aanpak en dat bespreken met de mamma-supervisor, de ingreep vervolgens uitvoeren en nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Bijhouden punctiebestand alle K2-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Mamma MDO wekelijks donderdag om 13.00 uur.
    • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken:
  • Cooperatiebreed mamma oncologie dinsdag en donderdag om 13.30 uur: nog in ontwerpfase
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Mamma 1 - 10

  • Tijdens de mamma stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het uitvoeren, bewerken en beoordelen en verslaan van alle mamma-onderzoeken en hun sterke en zwakke kanten leren kennen.
  • Leren werken met de BIRADS-classificatie van de ACR.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van de mamma zoals deze zichtbaar is op de verschillende onderzoeken met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de arts-assistent aan het einde van de stage in staat te zijn de subtiele tekenen van een mammacarcinoom te herkennen op een mammografie onderzoek. Daartoe dient de AIOS van alle patienten die zich tijdens de mamma-stage in de follow-up na mammarcinoom voor mammografie melden de gehele voorgaande reeks mammografieen te bekijken, met name ook de onderzoeken voor en tijdens de datum waarop het mammacarcinoom destijds werd ontdekt.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een mamma-onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting en gericht advies indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen

bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.

 

 


Streefdoelen halverwege stage:

 

  • dagproductie mammografie: 100
  • dagproductie MRI-mammae: 30
  • Percentage dagproductie mammpuncties en biopten: 50
  • dagproductie Mammotomes: 50
  • dagproductie mammaloc.: 100


 

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • dagproductie mammografie: 100
  • dagproductie MRI-mammae: 80
  • dagproductie mammapuncties en biopten: 100

 

Mamma 1-5 (4e en/of 5e jaar) differentiatie in ander orgaan dan mamma

Leerdoelen Mamma 1 t/m 5:

  • Mammografie, echo- en MRI van de mamma van poliklinische, klinische- en SEH-patienten zonder supervisie kunnen beoordelen.
  • Localisatie-excisie procedures, Puncties en biopten waaronder Mammotomes onder beperkte supervisie leren uitvoeren.

 

 

Dagelijkse taken AIOS Mamma 1 - 5

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van mammografieen. Indicatie stellen voor echo en/of punctie van de mamma en deze onderzoeken uitvoeren. Nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling, uitwerken en verslaan van MRI van de mammae. Nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van puncties en biopten waaronder Mammotome-procedures, na de casus tevoren goed bestudeerd te hebben. Het maken van een plan van aanpak en dat bespreken met de mamma-supervisor, de ingreep vervolgens uitvoeren en nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Bijhouden punctiebestand alle K2-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Mamma MDO wekelijks donderdag om 13.00 uur.
    • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken:
  • Cooperatiebreed mamma oncologie dinsdag en donderdag om 13.30 uur: nog in ontwerpfase
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Mamma 1 - 5

  • Tijdens de mamma stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het uitvoeren, bewerken en beoordelen en verslaan van alle mamma-onderzoeken en hun sterke en zwakke kanten leren kennen.
  • Leren werken met de BIRADS-classificatie van de ACR.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van de mamma zoals deze zichtbaar is op de verschillende onderzoeken met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de arts-assistent aan het einde van de stage in staat te zijn de subtiele tekenen van een mammacarcinoom te herkennen op een mammografie onderzoek. Daartoe dient de AIOS van alle patienten die zich tijdens de mamma-stage in de follow-up na mammarcinoom voor mammografie melden de gehele voorgaande reeks mammografieen te bekijken, met name ook de onderzoeken voor en tijdens de datum waarop het mammacarcinoom destijds werd ontdekt.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een mamma-onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting en gericht advies indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen

bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.

 

 


Streefdoelen halverwege stage:

 

  • dagproductie mammografie: 100
  • dagproductie MRI-mammae: 30
  • Percentage dagproductie mammpuncties en biopten: 50
  • dagproductie Mammotomes: 50
  • dagproductie mammaloc.: 100


 

 

Streefdoelen einde stage:

 

  • dagproductie mammografie: 100
  • dagproductie MRI-mammae: 80
  • dagproductie mammapuncties en biopten: 100

 

Mamma 1-52 (4e en 5e jaar) Differentiatie mamma

Leerdoelen Mamma 1 t/m 45:

  • Mammografie, echo- en MRI van de mamma van poliklinische, klinische- en SEH-patienten zonder supervisie kunnen beoordelen en deze kennis kunnen overdragen aan jongere AIOS.
  • Localisatie-excisie procedures, Puncties en biopten waaronder Mammotomes zonder supervisie leren uitvoeren.

 

 

Dagelijkse taken AIOS Mamma 1 - 45

  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van mammografieen. Indicatie stellen voor echo en/of punctie van de mamma en deze onderzoeken uitvoeren. Nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling, uitwerken en verslaan van MRI van de mammae. Nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van puncties en biopten waaronder Mammotome-procedures, na de casus tevoren goed bestudeerd te hebben. Het maken van een plan van aanpak en dat bespreken met de mamma-supervisor, de ingreep vervolgens uitvoeren en nabespreking van bevindingen en verslag met mamma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Voor alle bovengenoemde technieken geldt na het verkrijgen van status 5: superviseren van de common-trunc stage-AIOS.
  • In overleg met de differentiatieopleider wordt de differentiant regelmatig ingedeeld op de mamapoli van MCH Antoniushove op dinsdagochtend inclusief de aansluitende mammabespreking.
  • Totaal in de 45-weekse periode ca 10-20 sentinel node procedures bijwonen en verslaan. Maak daartoe een zoekopdracht in het RIS waarin ook de verrichtingen SN1 en SN2 staan, zodat deze tijdig herkend worden als ze zich voordoen.
  • Bijhouden punctiebestand alle K2-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
  • Mamma MDO wekelijks donderdag om 13.00 uur.
    • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken:
  • Cooperatiebreed mamma oncologie dinsdag en donderdag om 13.30 uur: nog in ontwerpfase
    • Eigen sein bij zich houden.

 

Kennis en Vaardigheden Mamma 1 - 45

  • Tijdens de mamma stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het uitvoeren, bewerken en beoordelen en verslaan van alle mamma-onderzoeken en hun sterke en zwakke kanten leren kennen.
  • Leren werken met de BIRADS-classificatie van de ACR.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van de mamma zoals deze zichtbaar is op de verschillende onderzoeken met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de arts-assistent aan het einde van de stage in staat te zijn de subtiele tekenen van een mammacarcinoom te herkennen op een mammografie onderzoek. Daartoe dient de AIOS van alle patienten die zich tijdens de mamma-stage in de follow-up na mammarcinoom voor mammografie melden de gehele voorgaande reeks mammografieen te bekijken, met name ook de onderzoeken voor en tijdens de datum waarop het mammacarcinoom destijds werd ontdekt.

 

Scholing 1 - 45

  • Totaal 40 uur theoretische opleiding (lokale colleges, nationale en internationale cursus en conferenties) over screening en diagnostiek zoals die worden georganiseerd door bv EUSOBI en ESR.
  • In beginsel kan aan het eind van het 5e jaar de screeningscursus van het LRCB gevolgd worden, een cursus die opleidt tot screeningsradioloog gedurende 2 weken 4 dagen / week.  http://www.lrcb.nl/Hoofdmenu/agenda/Radiologen_opleiding.aspx

Het LRCB heeft daartoe geen bezwaar, maar in principe gaan radiologen die een contract hebben met een Screeningsorganisatie en fellows voor. Het LRCB heeft per jaar 24 plaatsen (12 in voor- en 12 in najaar).

 


Externe stages Mamma 1 - 45

Tijdens de periode van het 4e en 5e jaar worden onderstaande externe stages gelopen. De tijden kunnen cumulatief in dagdelen worden behaald, afhankelijk van beschikbaarheid op de radiologie en betrokken afdeling. Afspraken moeten zeer tijdig worden gemaakt iom de differentiatieopleider en worden ingeroosterd.

  • Heelkunde: 1 week, polikliniek en OK meelopen
  • PA: ½ week: uitsnijkamer en microscopie
  • Eenheid van het bevolkingsgonderzoek ½ week: aquisitie- en de beoordelingsunits
  • Faculatief radiotherapie ½ week: planning intekenen

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een mamma-onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting en gericht advies indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen

bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.

 

 

Streefdoelen gedurende stage:

 

  • dagproductie mammografie: 100
  • dagproductie MRI-mammae: 100
  • Percentage dagproductie mammapuncties en biopten: 100
  • Sentinel node nucleair deel: totaal 10-20
  • PET-CT: totaal 10-20
  • dagproductie Mammotomes: 100
  • dagproductie mammalocal: 100


 

 

 

 

Eind jaar 1

Eind jaar 3

Eind jaar 5 orgaan gericht

eind jaar 5 differentiatie

Conventioneel

1

3

4

5

Doorlichting

nvt

nvt

nvt

nvt

Echografie

1

3

4

5

CT

1

1

1

1

MRI

1

3

4

5

Puncties / biopsieen

1

2

3

4

Interventies

1

2

3

4

Nucleair

1

1

2

3

 

 

 

7.4.6 MSK (muskulo-skeletaal)

 

Aandachtsgebiedcoördinator (stageopleider / aandachtsgebied radiologen):

De Rooij / Coerkamp / Heijenbrok / Wever

 

Aantal verplichte stages tijdens ‘common trunk’:

MSK 1 t/m 8     (8 weken in eerste jaar)

MSK 9 t/m 18   (20 weken in tweede jaar, gecombineerd met mamma)

MSK 19 t/m 22  (4 weken in derde jaar)

 

Additionele stages:

Differentiatie MSK-radiologie

[nader uit te werken]

 

Literatuur / websites vroeg in stage lezen:

Auteur             Titel

diagnostic imaging: MSK trauma, MSK non- trauma: https://ebooks.amirsys.com/

inlog: assistentmch / coerkamp1

Clyde Helms     Fundamentels of skeletal radiology

Manaster BJ, May DA, Disler DG. Musculoskeletal imaging: the Requisites, 3rd ed. ISBN-13: 978-0-323-04361-8. ISBN -10: 0-323-04361-5

MSK MRI anatomie + scrollen door plaatjes en protocollen http://www.freitasrad.net/

Schouder classificaties (ook mooie iphone app) http://www.shoulderdoc.co.uk/article.asp?section=904

MRI: algemeen + uitleg http://www.mriontheweb.nl/

Echo MSK mooie website uit Ziekenhuis Gelderse vallei http://www.ultrasoundcases.info/ 

Techniek MSK echo http://www.essr.org/cms/website.php?id=/en/index/educational_material.htm

 

 

Literatuur naslagwerken:

Naam               URL

Bottumoren      www.bonetumor.org

Lectures           http://www.chestx-ray.com 

Radiographics  http://radiographics.rsnajnls.org/

Radiology        http://radiology.rsnajnls.org/

Radswiki          http://www.radswiki.net/main/index.php?title=Main_Page

Various             http://www.med-ed.virginia.edu/courses/rad/

Various             http://www.e-radiography.net/ 

Uptodate          http://www.uptopdate.com/

Goldminer        http://goldminer.arrs.org/  

Wiki                 http://www.wikiradiography.com/

MRI: algemeen + uitleg

http://www.mriontheweb.nl/

 

Over handen  http://www.handclinic.nl/content.asp?id=256 

 

Auteur             Titel boek

Middleton WD, Ultrasound: the Requisites.
Competenties

De volgende competenties zullen in de stages worden beoordeeld:

  1. Medisch handelen
  2. Communicatie B (= met aanvragers)
  3. Samenwerking
  4. Kennis en wetenschap
  5. Maatschappelijk handelen
  6. Organisatie
  7. Professionaliteit

 

Beoordelingen

  • Elke 4-weekse periode dient een KPB te worden afgenomen, z.n. gecombineerd met OSATS.Cursorisch Onderwijs
  •  
  • Zie programma cursorisch onderwijs Leiden/VUNucleaire:Leerdoelen MSK 1 t/m 8:
  • 2 periodes van 4 weken MSK verslaat AIOS de botscans
    MSK 1 t/m 8 (in 1e jaar) Common trunc
  •  
  • Trauma-buckyfoto’s van huisarts-, poliklinische- en SEH-patienten onder beperkte supervisie kunnen beoordelen.
  • Indicaties voor aanvullende CT-scan en MRI van trauma-patienten leren kennen en onder strikte supervisie leren beoordelen.
  • De op Buckey-foto’s van poliklinische patienten voorkomende pathologie en varianten leren kennen en met beperkte supervisie leren beoordelen.
  • Een arthrografische punctie van de veel voorkomende gewrichten onder beperkte supervisie leren uitvoeren.
  • Eerste ervaringen opdoen met het beoordelen van CT-arthrografische onderzoeken  
  • Dagelijkse taken AIOS MSK 1 t/m 8
  •  
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische buckey-foto’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling en verslaan van SEH buckey-foto’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met trauma-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van arthrografische puncties, beoordeling en verslaan CT-arthro. Nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Meedoen met traumaopvang / traumasein ivm voorbereiding op de diensten.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
    • Trauma SEH-bespreking dagelijks om 8.00 uur: de jongst aanwezige MSK-AIOS
  • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
    • Orthopedie-bespreking wekelijks op dinsdag om 8.15 uur
  • Eigen sein bij zich houden.Kennis en Vaardigheden MSK 1 t/m 8
  •  
  • Tijdens deze eerste MSK stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het beoordelen en verslaan van conventioneel radiologische MSK onderzoek (= buckey) en het leren kennen van veel voorkomende varianten.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van het MSK-systeem zoals deze zichtbaar is op het conventionele onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van de eerste 8 weken in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op een buckey- onderzoek en in staat te zijn indicaties voor vervolgonderzoek te stellen.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een buckey-foto. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen Streefdoelen einde stage:
  •  
  • bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.
  • Percentage dagproductie buckey poli:                               20
  • Percentage dagproductie buckey SEH:                              50
  • Percentage dagproductie CT-arthro:                                   80


MSK 9 t/m 18 (in 2e jaar, gecombineerd met mamma) Common trunc

Leerdoelen MSK 9 t/m 18:

  • Trauma-buckyfoto’s van huisarts- en poliklinische patienten onder beperkte supervisie kunnen beoordelen.
  • Indicaties voor aanvullende echo-, CT-scan en MRI van MSK-patienten leren kennen en onder strikte supervisie leren beoordelen.
  • De op Buckey-foto’s van poliklinische patienten voorkomende pathologie en varianten leren kennen en met beperkte supervisie leren beoordelen.
  • Een arthrografische punctie van de veel voorkomende gewrichten onder beperkte supervisie leren uitvoeren.
  • Uitvoeren en beoordelen van echo-, MRI- en CT-arthrografische onderzoeken.
  • Plannen en beoordelen van MRI-MSK voor alle andere indicaties. 
  • Dagelijkse taken AIOS MSK 9 t/m 18
  •  
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische buckey-foto’s, MRI- en CT-onderzoeken. Nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van arthrografische puncties, beoordeling en verslaan MRI- en CT-arthro. Nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Maandag- en dinsdagochtend: K2 echo MSK-programma onder supervisie uitvoeren en verslaan.
  • Traumaopvang / traumasein op de dagdelen waarop geen mammadiagnostiek plaatsvindt.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
    • Trauma SEH-bespreking dagelijks om 8.00 uur: de jongst aanwezige MSK-AIOS
  • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
    • Orthopedie-bespreking wekelijks op dinsdag om 8.15 uur
  • Eigen sein bij zich houden.Kennis en Vaardigheden MSK 9 t/m 18
  •  
  • Tijdens deze tweede MSK stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het beoordelen en verslaan van conventioneel radiologische MSK onderzoek, echo, CT en MRI.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van het MSK-systeem zoals deze zichtbaar is op het conventionele onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van deze stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op een buckey- , echo-, CT- en MRI onderzoek en in staat te zijn indicaties voor vervolgonderzoek te stellen.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van MSK-onderzoeken. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen Streefdoelen einde stage:
  •  
  • bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.
    • Percentage dagproductie buckey poli:                               40
  • Percentage dagproductie MRI:                                           20
  • Percentage dagproductie MRI- en CT-arthro:                       50
  • Percentage dagproductie MSK-echo:                                 100

 


MSK 19 t/m 22 (in 3e jaar) Common trunc

Leerdoelen MSK 19 t/m 22:

  • Buckyfoto’s van huisarts- en poliklinische patienten onder beperkte supervisie kunnen beoordelen.
  • Indicaties voor aanvullende echo-, CT-scan en MRI van MSK-patienten leren kennen en onder beperkte supervisie leren beoordelen.
  • Een arthrografische punctie van de veel voorkomende gewrichten zonder supervisie leren uitvoeren.
  • Uitvoeren en beoordelen van echo-, MRI- en CT-arthrografische onderzoeken.
  • Plannen en beoordelen van MRI-MSK.
  • Beoordelen van nucleair geneeskundige MSK-onderzoeken onder beperkte supervisie. 
  • Dagelijkse taken AIOS MSK 19 t/m 22
  •  
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische buckey-foto’s, MRI- en CT-onderzoeken. Nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van arthrografische puncties, beoordeling en verslaan MRI- en CT-arthro. Nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Maandag- en dinsdagochtend: K2 echo MSK-programma onder supervisie uitvoeren en verslaan.
  • Traumaopvang / traumasein op de dagdelen waarop geen mammadiagnostiek plaatsvindt.
  • Beoordelen van alle MSK-nucleair geneeskundige onderzoeken. Maak een RIS-macro waarin de verrichtingen met ‘bot’ voorkomen. Daartoe moeten goede afspraken gemaakt worden met de nucleair geneeskundigen over de logistiek van het verslaan. Neem op de eerste dag van de 4-weekse stage contact op met de nucleair geneeskundigen. Stuur de andere weken op maandagochtend vroeg een e-mail naar beide nucleiar geneeskundigen over je taak in de komende week.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
    • Trauma SEH-bespreking dagelijks om 8.00 uur: de jongst aanwezige MSK-AIOS
    • Orthopedie-bespreking wekelijks op dinsdag om 8.15 uur
  • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
    • nvt
  • Eigen sein bij zich houden.Kennis en Vaardigheden MSK 19 t/m 22
  •  
  • Tijdens deze derde MSK stage zal de nadruk liggen op het verkrijgen van zelfstandigheid bij het beoordelen en verslaan van conventioneel radiologische MSK onderzoek (= buckey) en het beoordelen van echo-, CT- en MRI-MSK onderzoeken. Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van het MSK-systeem zoals deze zichtbaar is op het conventionele onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op MSK- onderzoek en in staat te zijn indicaties voor vervolgonderzoek te stellen.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een MSK-onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen Streefdoelen einde stage:
  •  
  • bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.
    • Percentage dagproductie buckey poli:                               50
  • Percentage dagproductie MRI:                                           40

 

  • Percentage dagproductie MRI- en CT-arthro:                       100
  • Percentage dagproductie echo-MSK:                                 100
  • Totaal aantal botscans in stage:                                         50

 

MSK 1 t/m 16 (in 4e en 5e jaar) orgaangericht differentiatie

Leerdoelen MSK 1 t/m 16:

  • Buckyfoto’s van huisarts- en poliklinische patienten zonder supervisie kunnen beoordelen.
  • Indicaties voor aanvullende CT-scan en MRI van MSK-patienten leren kennen en zonder supervisie leren beoordelen.
  • Een arthrografische punctie van de veel voorkomende gewrichten zonder supervisie leren uitvoeren.
  • Uitvoeren en beoordelen van echo-, MRI- en CT-arthrografische onderzoeken.
  • Plannen en beoordelen van MRI-MSK.
  • Beoordelen van nucleair geneeskundige MSK-onderzoeken met strikte supervisie. 
  • Dagelijkse taken AIOS MSK 1 t/m 16
  •  
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische buckey-foto’s, MRI- en CT-onderzoeken. Zo nodig nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van arthrografische puncties, beoordeling en verslaan MRI- en CT-arthro. Zo nodig nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Maandag- en dinsdagochtend: K2 echo MSK-programma onder supervisie uitvoeren en verslaan.
  • Traumaopvang / traumasein.
  • Beeordelen van alle MSK-nucleair geneeskundige onderzoeken. Daartoe moeten goede afspraken gemaakt worden met de nucleair geneeskundigen over de logistiek van het verslaan. Neem op de eerste dag van de 16-weekse stage contact op met de nucleair geneeskundigen. Stuur de andere weken op maandagochtend vroeg een e-mail naar beide nucleair geneeskundigen over je taak in de komende week.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
    • Trauma SEH-bespreking dagelijks om 8.00 uur: de jongst aanwezige MSK-AIOS
    • Orthopedie-bespreking wekelijks op dinsdag om 8.15 uur
  • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
    • nvt
  • Eigen sein bij zich houden.Kennis en Vaardigheden MSK 1 t/m 16
  •  
  • Tijdens deze MSK stage zal de nadruk liggen op het verkrijgen van zelfstandigheid bij het beoordelen en verslaan van conventioneel radiologische MSK onderzoek (= buckey) en het beoordelen van echo-, CT- en MRI-MSK onderzoeken. Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van het MSK-systeem zoals deze zichtbaar is op het conventionele onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op MSK- onderzoek en in staat te zijn indicaties voor vervolgonderzoek te stellen.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een MSK-onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen Streefdoelen einde stage:
  •  
  • bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.
    • Percentage dagproductie buckey poli:                               50
  • Percentage dagproductie MRI:                                           40

 

  • Percentage dagproductie MRI- en CT-arthro:                       100
  • Percentage dagproductie echo-MSK:                                 100
  • Totaal aantal botscans in stage:                                         50

 

MSK 1 t/m 8 (in 4e en 5e jaar) differentiatie in ander orgaan dan MSK

Leerdoelen MSK 1 t/m 8:

  • Buckyfoto’s van huisarts- en poliklinische patienten zonder supervisie kunnen beoordelen.
  • Indicaties voor aanvullende CT-scan en MRI van MSK-patienten leren kennen en zonder supervisie leren beoordelen.
  • Een arthrografische punctie van de veel voorkomende gewrichten zonder supervisie leren uitvoeren.
  • Uitvoeren en beoordelen van echo-, MRI- en CT-arthrografische onderzoeken.
  • Plannen en beoordelen van MRI-MSK.
  • Beoordelen van nucleair geneeskundige MSK-onderzoeken met strikte supervisie. 
  • Dagelijkse taken AIOS MSK 1 t/m 8
  •  
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische buckey-foto’s, MRI- en CT-onderzoeken. Zo nodig nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van arthrografische puncties, beoordeling en verslaan MRI- en CT-arthro. Zo nodig nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Maandag- en dinsdagochtend: K2 echo MSK-programma onder supervisie uitvoeren en verslaan.
  • Traumaopvang / traumasein.
  • Beeordelen van alle MSK-nucleair geneeskundige onderzoeken. Daartoe moeten goede afspraken gemaakt worden met de nucleair geneeskundigen over de logistiek van het verslaan. Neem op de eerste dag van de 8-weekse stage contact op met de nucleair geneeskundigen. Stuur de andere weken op maandagochtend vroeg een e-mail naar beide nucleair geneeskundigen over je taak in de komende week.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
    • Trauma SEH-bespreking dagelijks om 8.00 uur: de jongst aanwezige MSK-AIOS
    • Orthopedie-bespreking wekelijks op dinsdag om 8.15 uur
  • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
    • nvt
  • Eigen sein bij zich houden.Kennis en Vaardigheden MSK 1 t/m 8
  •  
  • Tijdens deze MSK stage zal de nadruk liggen op het verkrijgen van zelfstandigheid bij het beoordelen en verslaan van conventioneel radiologische MSK onderzoek (= buckey) en het beoordelen van echo-, CT- en MRI-MSK onderzoeken. Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van het MSK-systeem zoals deze zichtbaar is op het conventionele onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op MSK- onderzoek en in staat te zijn indicaties voor vervolgonderzoek te stellen.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een MSK-onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen Streefdoelen einde stage:
  •  
  • bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.
    • Percentage dagproductie buckey poli:                               50
  • Percentage dagproductie MRI:                                           40

 

  • Percentage dagproductie MRI- en CT-arthro:                       100
  • Percentage dagproductie echo-MSK:                                 100
  • Totaal aantal botscans in stage:                                         50
  •  

 

MSK 1 t/m 45 (in 4e en 5e jaar) differentiatie MSK

Leerdoelen MSK 1 t/m 45:

  • Buckyfoto’s van huisarts- en poliklinische patienten zonder supervisie kunnen beoordelen.
  • Indicaties voor aanvullende CT-scan en MRI van MSK-patienten leren kennen en zonder supervisie leren beoordelen.
  • Een arthrografische punctie van de veel voorkomende gewrichten zonder supervisie leren uitvoeren.
  • Uitvoeren en beoordelen van echo-, MRI- en CT-arthrografische onderzoeken. Plannen en beoordelen van MRI-MSK.
  • Bij bovengenoemde taken onderwijs geven aan jongere AIOS.
  • Beoordelen van nucleair geneeskundige MSK-onderzoeken met beperkte supervisie. 
  • Dagelijkse taken AIOS MSK 1 t/m 45
  •  
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische buckey-foto’s, MRI- en CT-onderzoeken. Zo nodig nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Uitvoeren van arthrografische puncties, beoordeling en verslaan MRI- en CT-arthro. Zo nodig nabespreking van bevindingen en verslag met MSK-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Maandag- en dinsdagochtend: K2 echo MSK-programma onder supervisie uitvoeren en verslaan.
  • Traumaopvang / traumasein.
  • Beoordelen van alle MSK-nucleair geneeskundige onderzoeken. Daartoe moeten goede afspraken gemaakt worden met de nucleair geneeskundigen over de logistiek van het verslaan. Neem op de eerste dag van de 45-weekse stage contact op met de nucleair geneeskundigen. Stuur de andere weken op maandagochtend vroeg een e-mail naar beide nucleair geneeskundigen over je taak in de komende week.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
    • Trauma SEH-bespreking dagelijks om 8.00 uur: de jongst aanwezige MSK-AIOS. De MSK-differentiant kan vanaf ca. het 5e jaar als supervisor van de jongere AIOS optreden.
    • Orthopedie-bespreking wekelijks op dinsdag om 8.15 uur. De MSK-differentiant kan vanaf ca. het 5e jaar als supervisor van de jongere AIOS optreden.
    •  
  • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
    • Ga in overleg met de Rooij, lid van die commissie, een aantal keren mee naar de voorbereiding en de maandelijkse vergadering van de beentumoren commissie in leiden.
  • Eigen sein bij zich houden.Kennis en Vaardigheden MSK 1 t/m 45
  •  
  • Tijdens deze MSK stage zal de nadruk liggen op het verkrijgen van zelfstandigheid bij het beoordelen en verslaan van conventioneel radiologische MSK onderzoek (= buckey) en het beoordelen van echo-, CT- en MRI-MSK onderzoeken. Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van het MSK-systeem zoals deze zichtbaar is op het conventionele onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op MSK- onderzoek en in staat te zijn indicaties voor vervolgonderzoek te stellen.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een MSK-onderzoek. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen 
  • Streefdoelen einde stage:
  • bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.
    • Percentage dagproductie buckey poli:                               80
  • Percentage dagproductie MRI:                                           80

 

  • Percentage dagproductie MRI- en CT-arthro:                       100
  • Percentage dagproductie echo-MSK:                                 100
  • Totaal aantal botscans in stage:                                         100

 

 

MSK

 

Eind jaar 1

Eind jaar 3

Eind jaar 5 orgaan gericht

eind jaar 5 differentiatie

Conventioneel

3

3

4

5

Doorlichting

1

2

4

5

Echografie

1

2

4

5

CT

2

2

4

5

MRI

1

2

4

5

Puncties / biopsieen

1

2

3

4

Interventies

nvt

1

2

3

Nucleair

1

1

2

3

 

 

7.4.7 Neuro – Hoofd hals

 

Aandachtsgebiedcoördinator (stageopleider / aandachtsgebied radiologen):

Lycklama a Nijeholt / van der kallen / Hagenbeek

 

Aantal verplichte stages tijdens ‘common trunk’:

Neuro 1 t/m 4               (4 weken begin eerste jaar)

Neuro 5 t/m 8              (4 weken eind eerste jaar)

Neuro 9 t/m 12              (4 weken in tweede jaar)

Neuro 13 t/m 20            (8 weken in derde jaar)

 

Additionele stages:

Differentiatie Neuro-Hoofd-hals-radiologie

 

Literatuur / websites vroeg in stage lezen:

Auteur             Titel

Grossman RI, Yousem DM. Neuroradiology: the Requisites, 2nd ed. Elsevier Science/Mosby, jan 2003 ISBN 0-323-00508-X, blz. 469-750

Neuropathology and Imaging

http://anatpat.unicamp.br/epathadditions.html

X-CWK fracturen(mooi!)

http://www.med-ed.virginia.edu/courses/rad/cspine/index.html

 

Literatuur naslagwerken:

Naam               URL

Radiographics  http://radiographics.rsnajnls.org/

Radiology        http://radiology.rsnajnls.org/

Radswiki          http://www.radswiki.net/main/index.php?title=Main_Page

Various             http://www.med-ed.virginia.edu/courses/rad/

Various             http://www.e-radiography.net/ 

Uptodate          http://www.uptopdate.com/

Goldminer (zoekmachine voor radiology images)

http://goldminer.arrs.org/  

Wiki radiopgraphy database

                        http://www.wikiradiography.com/

Harvard neuroanatomie http://www.med.harvard.edu/aanlib/

PAOG neuroanatomie cursus http://www.anatomie-amsterdam.nl/sub_sites/paog_2011/start.htm

 

Auteur             Titel boek

algemeen

Neuroradiology, the requisites. (op afdeling aanwezig)

David M. Yousem, Robert D. Zimmerman, Robert I. Grossman

3rd edition, juni 2010. ISBN 0323045219 / 9780323045216

 

1e stage

Accident and emergency radiology (op afdeling aanwezig)

Nigel Raby, Laurence Berman, Gerald De Lacey

2nd edition, 2005. ISBN 0702026670 / 9780702026676

 

Cerebral and spinal computed tomography (op afdeling aanwezig)

Thomas Grumme, Wolfang Kluge

3rd edition. ISBN: 0632048557
Competenties

De volgende competenties zullen in de stages worden beoordeeld:

  1. Medisch handelen
  2. Communicatie B (= met aanvragers)
  3. Samenwerking
  4. Kennis en wetenschap
  5. Maatschappelijk handelen
  6. Organisatie
  7. Professionaliteit

 

Beoordelingen

  • Elke 4-weekse periode dient een KPB te worden afgenomen, z.n. gecombineerd met OSATS.Cursorisch Onderwijs
  •  
  • Zie programma cursorisch onderwijs Leiden/VU
  •  

 

Neuro – hoofd hals 1 t/m 4 (begin 1e jaar) Common trunc

Leerdoelen

  • Leren van de anatomie van de hersenen en wervelkolom aan de hand van CT- en bucky-onderzoek en literatuur
  • Leren beoordelen van CT-hoofd, CT-wervelkolom en bucky wervelkolom onder strikte supervisie.
  • De meest voorkomende vasculaire en traumatische afwijkingen herkennen als voorbereiding op de dienstenDagelijkse taken
  •  
  • Aanwezig op de afdeling van 08.00-18.00
  • Beoordelen en verslaan van CT-hoofd, CT wervelkolom en X-wervelkolom. Nabespreking van bevindingen en verslag met de neuro-supervisor.
  • Op rustige momenten bekijken van CT-hoofd en CT-wervelkolom uit de dienst. Probeer zoveel mogelijk afwijkende CT’s te bekijken. Bekijk ook de folluw up van patient.
  • Bijwonen van neuroradiologiebesprekingen
    • Maandag 13.15-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal (geen voorbereiding)
    • Maandag 16.15 neurovasculaire bespreking en aansluitend om 16.30 neurooncologiebespreking in de Landsteinerzaal
    • Woensdag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal behalve 1e woensdag vd maand, soms een radiologievoordracht van de assistent neurologie (geen voorbereiding)
    • Donderdag 16.30 neurochirurgie in de kamer van dr. Lycklama en dr. van der Kallen (geen voorbereiding)
  • Een oudere jaars assistent ingedeeld op de neuro bereidt in principe de neurooncologiebespreking voor. Zorg ervoor dat je bij de voorbespreking met de neuroradioloog bent.
  • Als er geen oudere jaars assistent is ingedeeld bespreek de onderzoeken met de neuroradioloog voor.
  • Maak een begin met het CT-A onderzoek van hoofd en hals. Leer het onderzoek uitwerken, eventueel samen met de assistent die ingedeeld staat op hart en vaten. 
  • Kennis en vaardigheden
  • Begrijp de indicaties voor dit onderzoek. Dit onderwerp wordt in latere stages uitgebreider bestudeerd.
  • Normale anatomie van de hersenen kennen inclusief de vasculaire structuren en vasculaire verzorgingsgebieden.
  • Normale anatomie van de wervelkolom kennen op zowel bucky als CT onderzoek.
  • Herkennen van acute traumatische en vasculaire pathologie en begrijpen welke stappen hiervoor ondernomen moeten worden in de acute fase.Verslag/ patientgebonden activiteiten

 

  •  
  • Begrijpelijke verslagen maken van bovengenoemde onderzoeken. Deze verslagen dienen een korte beschrijving te bevatten van de radiologische bevindingen en een korte samenvatting.
  • Significante of onverwachte bevindingen met de aanvrager kunnen bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.Streefdoelen eindstage

 

  •  
  • Percentage dagproductie X-wervelkolom                25
  • Percentage dagproductie CT-wervelkolom              25       

 

  • Percentage dagproductie CT-hoofd                        75


 

[1] Onder eenvoudige invasieve diagnostiek wordt verstaan:

  • Cateterisatie bij MCUG
  • Oes/maag onderzoek
  • Colon onderzoek

 

Neuro – hoofd hals 5 t/m 8 (eind 1e jaar) Common trunc

Leerdoelen

  • Leren van de anatomie van de hersenen, hoofd/hals gebied en wervelkolom aan de hand van CT en bucky onderzoek
  • Beoordelen van CT-hoofd, CT-wervelkolom en X-wervelkolom onder beperkte supervisie.
  • Beoordelen van CT-hoofd/hals, CT-sinus, CT-Mastoid en CT-orbita onder strikte supervisie
  • Uit kunnen werken van CT-TIA/stroke onderzoeken op het werkstation.
  • Eerste ervaring opdoen met MR-perfusie (met name uitwerken).Dagelijkse taken
  •  
  • Aanwezig op de afdeling van 08.00-18.00
  • Beoordelen en verslaan van CT-hoofd, CT-hals, CT-mastoid, CT-orbita, CT wervelkolom en X-wervelkolom. Nabespreking van bevindingen en verslag met de neuro-supervisor.
  • Leren uitwerken van CT-TIA/stroke onderzoeken op het werkstation, eventueel samen met de arts-assistent hart-vaten.
  • Leren prikken van LP’s op kamer 3.
  • Op rustige momenten leren begrijpen van de indicaties voor MRI onderzoek en een begin maken met het uitwerken van MRI-perfusie.
  • Bijwonen van neuroradiologiebesprekingen
    • Maandag 13.15-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal (geen voorbereiding)
    • Maandag 16.15 neurovasculaire bespreking en aansluitend om 16.30 neurooncologiebespreking in de Landsteinerzaal
    • Woensdag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal behalve 1e woensdag vd maand, soms een radiologievoordracht van de assistent neurologie (geen voorbereiding)
    • Donderdag 16.30 neurochirurgie in de kamer van dr. Lycklama en dr. van der Kallen (geen voorbereiding)
  • Een oudere jaars assistent ingedeeld op de neuro bereidt in principe de neurooncologiebespreking voor. Zorg ervoor dat je bij de voorbespreking met de neuroradioloog bent.  
  • Kennis en vaardigheden
  • Wanneer er geen oudere jaars assistent is ingedeeld bereid dan zelf de neuro-oncologiebespreking voor in overleg met de neuroradioloog.
  • Uitkunnen werken CT-TIA/stroke onderzoeken
  • Begrijpen van indicaties voor CT-A en MRI onderzoek.
  • Leren doen van lumbaal puncties.Verslag/ patientgebonden activiteiten

 

  •  
  • Begrip van de protocollen CT en CT-A onderzoeken zelf kunnen inplannen.
  • Doen van lumbaal punctiesStreefdoelen eindstage

 

  •  
  • Percentage dagproductie X-wervelkolom                50
  • Percentage dagproductie CT-wervelkolom              50
  • Percentage dagproductie CT-hoofd                        90
  • Percentage dagproductie CT-hoofd/hals overig       25

 

  • Percentage dagproductie Lumbaalpuncties                         100
  •  


Neuro – hooofd hals 9 t/m 12 (in 2e jaar)

Leerdoelen

  • Leren van de anatomie op MRI onderzoek
  • CT en bucky onderzoek verslaan onder beperkte supervisie
  • MRI onderzoeken verslaan onder strikte supervisie
  • MRI indicatiestellingen en protocollen begrijpen en kunnen toepassen.Dagelijkse taken
  •  
  • Aanwezig op de afdeling van 08.00-18.00
  • Beoordelen en verslaan van bucky en CT onderzoeken, zonodig nabespreken met de supervisor.
  • Beoordelen en verslaan van MRI-hersenen en wervelkolom. Nabespreking van bevindingen en verslag met de neuroradioloog.
  • Bewerken van MRI onderzoeken op het werkstation, zoals perfusie en DTI.
  • Meekijken met neurologische puncties onder doorlichting en CT-geleid
  • Zelfstandig doen van Lumbaal puncties.
  • Bijwonen van neuroradiologiebesprekingen
    • Maandag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal (geen voorbereiding)
    • Maandag 16.15 neurovasculaire bespreking en aansluitend om 16.30 neurooncologiebespreking in de Landsteinerzaal
    • Woensdag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal behalve 1e woensdag vd maand, soms een radiologievoordracht van de assistent neurologie (geen voorbereiding)
    • Donderdag 16.30 neurochirurgie in de kamer van dr. Lycklama en dr. van der Kallen (geen voorbereiding)
  • Voorbereiden neurooncologie en neurovasculaire bespreking en voorbespreken met de neuroradioloog. 
  • Kennis en vaardigheden
  •  
  • Neuro-anatomie kennen op de MRI onderzoeken
  • Leren kennen en bergijpen van de MRI protocollen en sequenties en deze leren toepassen in de praktijk met het inplannen van de MRI onderzoeken.
  • Herkennen van pathologie op MRI-onderzoek.Verslag/ patientgebonden activiteiten

 

  •  
  • Uitwerken van MRI onderzoeken op het werkstation
  • Neurooncologie en neurovasculaire voorbereiden en presenterenStreefdoelen eindstage

 

  •  
  • Percentage dagproductie X- en CT-wervelkolom      50
  • Percentage dagproductie CT-hoofd                        90
  • Percentage dagproductie CT-hoofd/hals overig       40
  • Percentage dagproductie MRI-hoofd                      25
  • Percentage dagproductie Lumbaalpuncties                         100
    Neuro – hoofd hals 13 t/m 20 (in 3e jaar) Common trunc

 

  • Leerdoelen Neuro - hoofd hals 13 t/m 20:
  • Bucky onderzoek aan het eind van de stage kunnen verslaan zonder of met beperkte supervisie
  • Beoordelen van CT en MRI hoofd en wervelkolom onderzoek onder beperkte supervisie.
  • Beoordelen MRI hals, mastoid, orbita, enz onder strikte supervisie.Dagelijkse taken
  •  
  • Aanwezig op de afdeling van 08.00-18.00
  • Beoordelen en verslaan van alle neuro CT en MRI onderzoeken. MRI onderzoeken nabespreken met de neuroradioloog.
  • Zelfstandig doen van lumbaal puncties.
  • Onder begeleiding doen van CT-geleide puncties, biopten en wortelblokkade’s
  • Voorzitten/presenteren van alle neuroradiologiebesprekingen. Neurooncologie en neurovasculaire bespreking voorbespreken met de neuroradioloog
    • Maandag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal (geen voorbereiding)
    • Maandag 16.15 neurovasculaire bespreking en aansluitend om 16.30 neurooncologiebespreking in de Landsteinerzaal
    • Woensdag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal, soms een radiologievoordracht van de assistent neurologie (geen voorbereiding)
    • Donderdag 16.30 neurochirurgie in de kamer van dr. Lycklama en dr. van der Kallen (geen voorbereiding)Kennis en vaardigheden
    •  
  • De nadruk ligt op de neuro-MRI. Leer de meest voorkomende afwijkingen herkennen en protocollen toe te passen.
  • Zelfstandig leren houden van de patientbesprekingen.Verslag/ patientgebonden activiteiten

 

  •  
  • Zelfstandig houden van de patientbesprekingen
  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op het beoordelen, verslaan en inplannen van de neuro-MRI onderzoeken.
  • Doen van neurologische puncties, wortelblokkade’s en biopten.Streefdoelen eindstage

 

  •  
  • Percentage dagproductie X- en CT-wervelkolom      50
  • Percentage dagproductie CT-hoofd en HH overig    75
  • Percentage dagproductie MRI-hoofd                      50
  • Percentage dagproductie puncties                         100

 

  • Neuro – hoofd hals 1 t/m 16 (in 4e en 5e jaar) orgaangerichte differentiatie

 

  • Leerdoelen Neuro – hoofd hals 1 t/m 16:
  • Bucky onderzoek aan het eind van de stage kunnen verslaan zonder of met beperkte supervisie
  • Beoordelen van CT en MRI hoofd en wervelkolom onderzoek onder beperkte supervisie.
  • Beoordelen MRI hals, mastoid, orbita, enz onder strikte supervisie.Dagelijkse taken
  •  
  • Aanwezig op de afdeling van 08.00-18.00
  • Beoordelen en verslaan van alle neuro CT en MRI onderzoeken. MRI onderzoeken nabespreken met de neuroradioloog.
  • Zelfstandig doen van lumbaal puncties.
  • Onder begeleiding doen van CT-geleide puncties, biopten en wortelblokkade’s
  • Voorzitten/presenteren van alle neuroradiologiebesprekingen. Neurooncologie en neurovasculaire bespreking voorbespreken met de neuroradioloog
    • Maandag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal (geen voorbereiding)
    • Maandag 16.15 neurovasculaire bespreking en aansluitend om 16.30 neurooncologiebespreking in de Landsteinerzaal
    • Woensdag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal, soms een radiologievoordracht van de assistent neurologie (geen voorbereiding)
    • Donderdag 16.30 neurochirurgie in de kamer van dr. Lycklama en dr. van der Kallen (geen voorbereiding)Kennis en vaardigheden
    •  
  • De nadruk ligt op de neuro-MRI. Leer de meest voorkomende afwijkingen herkennen en protocollen toe te passen.
  • Zelfstandig leren houden van de patientbesprekingen.Verslag/ patientgebonden activiteiten

 

  •  
  • Zelfstandig houden van de patientbesprekingen
  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op het beoordelen, verslaan en inplannen van de neuro-MRI onderzoeken.
  • Doen van neuroloische puncties, wortelblokkade’s en biopten.Streefdoelen eindstage

 

  •  
  • Percentage dagproductie X- en CT-wervelkolom      50
  • Percentage dagproductie CT-hoofd en HH overig    75
  • Percentage dagproductie MRI-hoofd                      50
  • Percentage dagproductie Puncties                         100

 

  • Neuro – hoofd hals 1 t/m 8 (in 4e en 5e jaar) differentiatie in ander orgaan dan Neuro - HH

 

  • Leerdoelen Neuro – hoofd hals 1 t/m 8:
  • Bucky onderzoek aan het eind van de stage kunnen verslaan zonder of met beperkte supervisie
  • Beoordelen van CT en MRI hoofd en wervelkolom onderzoek onder beperkte supervisie.
  • Beoordelen MRI hals, mastoid, orbita, enz onder strikte supervisie.Dagelijkse taken
  •  
  • Aanwezig op de afdeling van 08.00-18.00
  • Beoordelen en verslaan van alle neuro CT en MRI onderzoeken. MRI onderzoeken nabespreken met de neuroradioloog.
  • Zelfstandig doen van lumbaal puncties.
  • Onder begeleiding doen van CT-geleide puncties, biopten en wortelblokkade’s
  • Voorzitten/presenteren van alle neuroradiologiebesprekingen. Neurooncologie en neurovasculaire bespreking voorbespreken met de neuroradioloog
    • Maandag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal (geen voorbereiding)
    • Maandag 16.15 neurovasculaire bespreking en aansluitend om 16.30 neurooncologiebespreking in de Landsteinerzaal
    • Woensdag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal, soms een radiologievoordracht van de assistent neurologie (geen voorbereiding)
    • Donderdag 16.30 neurochirurgie in de kamer van dr. Lycklama en dr. van der Kallen (geen voorbereiding)Kennis en vaardigheden
    •  
  • De nadruk ligt op de neuro-MRI. Leer de meest voorkomende afwijkingen herkennen en protocollen toe te passen.
  • Zelfstandig leren houden van de patientbesprekingen.Verslag/ patientgebonden activiteiten

 

  •  
  • Zelfstandig houden van de patientbesprekingen
  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op het beoordelen, verslaan en inplannen van de neuro-MRI onderzoeken.
  • Doen van neuroloische puncties, wortelblokkade’s en biopten.Streefdoelen eindstage

 

  •  
  • Percentage dagproductie X- en CT-wervelkolom      50
  • Percentage dagproductie CT-hoofd en HH overig    75
  • Percentage dagproductie MRI-hoofd                      50
  • Percentage dagproductie Puncties                         100

 

  • Neuro – hoofd hals 1 t/m 45 (in 4e en 5e jaar) differentiatie neuro

 

  • Leerdoelen Neuro – hoofd hals 1 t/m 45:
  • Bucky onderzoek aan het eind van de stage kunnen verslaan zonder of met beperkte supervisie
  • Beoordelen van CT en MRI hoofd en wervelkolom onderzoek onder beperkte supervisie.
  • Beoordelen MRI hals, mastoid, orbita, enz onder strikte supervisie.Dagelijkse taken
  •  
  • Aanwezig op de afdeling van 08.00-18.00
  • Beoordelen en verslaan van alle neuro CT en MRI onderzoeken. MRI onderzoeken nabespreken met de neuroradioloog.
  • Zelfstandig doen van lumbaal puncties.
  • Onder begeleiding doen van CT-geleide puncties, biopten en wortelblokkade’s
  • Voorzitten/presenteren van alle neuroradiologiebesprekingen. Neurooncologie en neurovasculaire bespreking voorbespreken met de neuroradioloog
    • Maandag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal (geen voorbereiding)
    • Maandag 16.15 neurovasculaire bespreking en aansluitend om 16.30 neurooncologiebespreking in de Landsteinerzaal
    • Woensdag 13.00-13.30 uur patientbespreking Rijsdijkzaal, soms een radiologievoordracht van de assistent neurologie (geen voorbereiding)
    • Donderdag 16.30 neurochirurgie in de kamer van dr. Lycklama en dr. van der Kallen (geen voorbereiding)Kennis en vaardigheden
    •  
  • De nadruk ligt op de neuro-MRI. Leer de meest voorkomende afwijkingen herkennen en protocollen toe te passen.
  • Zelfstandig leren houden van de patientbesprekingen.Verslag/ patientgebonden activiteiten

 

  •  
  • Zelfstandig houden van de patientbesprekingen
  • Tijdens deze stage zal de nadruk liggen op het beoordelen, verslaan en inplannen van de neuro-MRI onderzoeken.
  • Doen van neuroloische puncties, wortelblokkade’s en biopten.Streefdoelen eindstage

 

  •  
  • Percentage dagproductie X- en CT-wervelkolom      50
  • Percentage dagproductie CT-hoofd en HH overig    75
  • Percentage dagproductie MRI-hoofd                      50
  • Percentage dagproductie Puncties                         100Extra activiteiten neurodifferentiatie
  •  
  • Bijwonen KNO onco bespreking in LUMC (wekelijks in LUMC)
  • Korte klinische stage op afdeling neurologie
    • Leerdoel: inzicht in dagelijkse praktijk neuroloog, klinisch fysich diagnostisch onderzoek
  • Bijwonen van neuro/hoofdhals nascholingen georganiseerd door NvvR (Sandwichcursus)
  • Bijwonen neuro/hoofdhals cursussen zoals ECNR – e.e.a. in overleg
  • Geschatte tijdsbelasting voor bovenstaande 8 weken gedurende 2 differentiatiejaren
    Te verwachten competentieniveaus neuro en hoofdhalsNeuro
  •  
  •  

 

Eind jaar 1

Eind jaar 3

Eind jaar 5 orgaan gericht

eind jaar 5 differentiatie

Conventioneel

3

4

4

5

Doorlichting

3

4

4

5

Echografie

1

2

4

5

CT

3

3

4

5

MRI

1

3

4

5

Puncties / biopsieen

1

2

3

4

Interventies

nvt

1

1

3

Nucleair

1

2

2

3

 

 

Hoofd - Hals

 

 

Eind jaar 1

Eind jaar 3

Eind jaar 5 orgaan gericht

eind jaar 5 differentiatie

Conventioneel

3

4

5

5

Doorlichting

2

3

4

5

Echografie

1

3

4

5

CT

2

3

4

5

MRI

1

2

4

5

Puncties / biopsieen

1

2

3

5

Interventies

nvt

1

1

1

Nucleair

1

1

2

2

 

 

 

 

7.4.8 Thorax

 

Aandachtsgebiedcoördinator (stageopleider / aandachtsgebied radiologen):

Quarles van Ufford / Hagenbeek / Wassenaar / Comans

 

Aantal verplichte stages tijdens ‘common trunk’:

Thorax 1 t/m 8              (8 weken in eerste jaar)

Thorax 9 t/m 12            (4 weken in tweede jaar)

Thorax 13 t/m 20          (8 weken in derde jaar)

 

Additionele stages:

Differentiatie thoraxradiologie

[nader uit te werken]

 

Literatuur / websites vroeg in stage lezen:

Auteur             Titel

Felson              Principles in chest röntgenology

Webb WR, Higgins CB. Thoracic Imaging: pulmonary and cardiovascular radiology. Lippincott Williams & Wilkins, 2005

Thorax  :           www.radiologyassistant.nl

 

Literatuur naslagwerken:

Naam               URL

diagnostic imagingoncology: https://ebooks.amirsys.com/

inlog: assistentmch / coerkamp1

Lectures          http://www.chestx-ray.com 

Radiographics  http://radiographics.rsnajnls.org/

Radiology        http://radiology.rsnajnls.org/

Radswiki          http://www.radswiki.net/main/index.php?title=Main_Page

Various             http://www.med-ed.virginia.edu/courses/rad/

Various             http://www.e-radiography.net/ 

Uptodate          http://www.uptodate.com/

Goldminer (zoekmachine voor radiology images)

http://goldminer.arrs.org/   

Wiki radiopgraphy database

                        http://www.wikiradiography.com/

Lectures + ppt  http://www.chestx-ray.com 

 

 

Auteur             Titel boek

Fleckenstein     Anatomy in diagnostic imaging

Fraser              Diagnosis of diseases of the chest – 4 delen

Hansell             Imaging of diseases of the chest

McLoud            Thoracic Radiology. The Requisites

Netter               Atlas of human anatomy

Prokop                        Spiral and multislice computed tomography of the body

Reed                Chest radiology – plain film patterns and differential diagnosis

Slone               Thoracic Imaging: a practical approach

Webb               HRCT of the lung

 

 


Competenties

De volgende competenties zullen in de stages worden beoordeeld:

  1. Medisch handelen
  2. Communicatie B (= met aanvragers)
  3. Samenwerking
  4. Kennis en wetenschap
  5. Maatschappelijk handelen
  6. Organisatie
  7. Professionaliteit

 

Beoordelingen

  • Elke 4-weekse periode dient een KPB te worden afgenomen, z.n. indien relevant namelijk bij een technische vaardigheid, gecombineerd met een OSATS.Cursorisch Onderwijs
  •  
  • Zie programma cursorisch onderwijs Leiden/VU
  •  

 

Thorax 1 t/m 8 (1e jaar) Common trunc

Leerdoelen Thorax 1 t/m 8:

  • X-thorax van poliklinische, klinische- en SEH-patienten onder beperkte supervisie kunnen beoordelen
  • CT-scan thorax van oncologische patienten onder strikte supervisie leren beoordelen
  • Eerste ervaringen opdoen met het beoordelen van CT-longembolie en CT-thorax voor andere indicaties. 
  • Dagelijkse taken AIOS Thorax 1 t/m 8
  •  
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische thoraxfoto’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling en verslaan klinische- en SEH-thoraxfoto’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling en verslaan oncologische CT-thorax en CT-hals-thorax-buik en CT-thorax-buik. Nabespreking van bevindingen en verslag met thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag. Let op dat vaak een dagdeel later een onco-radioloog is ingedeeld, stuur in je thorax-1-2 en 3-stage nog geen onderzoeken ctrl-gelezen door naar die supervisor, want dat wordt niet standaard aan de monitor besproken.
  • Bijhouden punctiebestand CT-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Meedoen met traumaopvang / traumasein ivm voorbereiding op de diensten.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken.
    • Interne-bespreking dagelijks om 16.30 uur.
  • Aanwezig bij de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken bekeken
    • ICU-bespreking dagelijks om 11.00 uur
    • Longoncologie donderdag om 16.30 uur
    • ILD 2-wekelijks op donderdag om 11.30 uur
  • Eigen sein bij zich houden, meestal ook de piketpieper 81-623 (wordt ingedeeld op weekschema).Kennis en Vaardigheden Thorax 1 t/m 8
  •  
  • Tijdens deze eerste thorax stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het beoordelen en verslaan van conventioneel radiologische thorax onderzoek (X-thorax) en oncologische CT’s. Leren werken met de TNM-classificatie, waarbij ook de indeling van de lymfeklier stations en de RECIST-criteria leren toepassen bij follow-up scans.
  • Indien de situatie / ontwikkeling dit toelaat kan tijdens deze stage ook eerste ervaringen worden opgedaan met het beoordelen van CT-longembolie.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van de thorax zoals deze zichtbaar is op het conventionele onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Voorts zal de arts-assistent de algemene tekenen op een X-thorax moeten kunnen herkennen, evenals veel gebruikte “tubes en lines”.
  • Daarnaast dient de arts-assistent aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op het (post-operatieve) thorax onderzoek.

 

Verslag / patiëntgebonden activiteiten:

  • Begrijpelijke en zinvolle verslagen maken van een thoraxfoto. Deze verslagen dienen een korte beschrijving van de radiologische bevindingen en hun belang te bevatten inclusief een korte samenvatting indien nodig.
  • Significante of onverwachte radiologische bevindingen met de aanvrager kunnen Streefdoelen einde stage:
  •  
  • bespreken en weten wanneer een aanvrager gecontacteerd moet worden.
  • Aantal X-thorax poli:                                  10
  • Aantal X-thorax klinische- en SEH:              10
  • Aantal CT-thorax:                                       4


Thorax 9 t/m 12 (2e jaar) Common trunc

Leerdoelen Thorax 9 t/m 12:

  • X-thorax van poliklinische, klinische- en SEH-patienten onder beperkte supervisie kunnen beoordelen
  • CT-scan thorax van oncologische patienten, CT-longembolie en CT-thorax voor andere indicaties onder beperkte supervisie leren beoordelen
  • PET-CT van long-oncologische patiënten onder strikte supervsie leren beoordelen.
  • Beperkte ervaring opdoen met MRI- en interventies van de thorax onder strikte supervisie. 
  • Dagelijkse taken AIOS Thorax 9 t/m 12
  •  
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische thoraxfoto’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met vaat-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling en verslaan klinische- en SEH-thoraxfoto’s. Nabespreking van bevindingen en verslag met thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling en verslaan alle voorkomende indicaties voor CT-thorax en CT-hals-thorax-buik en CT-thorax-buik. Nabespreking van bevindingen en verslag met thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag. Let op dat vaak een dagdeel later een onco-radioloog is ingedeeld, stuur in je eerste thoraxstage niet zonder meer onderzoeken ctrl-gelezen door naar die supervisor, want dat wordt niet standaard aan de monitor besproken.
  • Beoordeling en verslaan alle voorkomende indicaties voor MRI-thorax. Nabespreking van bevindingen en verslag met thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling en verslaan van PET-CT van long-oncologische patiënten. Daartoe moeten goede afspraken gemaakt worden met de nucleair geneeskundigen over de logistiek van het verslaan en nabespreken. Neem op de eerste dag van de 4-weekse stage contact op met de nucleair geneeskundigen. Stuur de andere weken op maandagochtend vroeg een e-mail naar beide nucleair geneeskundigen over je taak in de komende week.
  • Onder stikte supervisie mede-uitvoeren van CT-geleide interventies en puncties van de thorax. Bijhouden punctiebestand CT-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken (voor oncologiebespreking ook de PET-CT’s bespreken met nucleair geneeskundige).
    • Interne-bespreking dagelijks om 16.30 uur.
    • ICU-bespreking dagelijks om 11.00 uur
    • Longoncologie donderdag om 16.30 uur
    • ILD 2-wekelijks op donderdag om 11.30 uur
  • Eigen sein bij zich houden, meestal ook de piketpieper 81-623 (wordt ingedeeld op weekschema). 
  • Kennis en Vaardigheden Thorax 9 t/m 12
  •  
  • Tijdens deze thorax stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen van, het beoordelen en verslaan van alle onderzoeken van de thorax en het houden van besprekingen.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van de thorax zoals deze zichtbaar is op het CT onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de AIOS aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen op het (post-operatieve) CT onderzoek van de thorax.
  • Voorts zal kennis moeten worden verkregen over (de classificatie van) benigne en maligne neoplasmata van de long.
  • Op geleide van ervaring (onder supervisie) uitvoeren van percutane, CT geleide interventies. Streefdoelen einde stage:

 

  •  
  • Percentage dagproductie X-thorax poli:                              40
  • Percentage dagproductie X-thorax klinische- en SEH:         40
  • Percentage dagproductie CT-thorax:                                  50
  • PET-CT                                                                             50
  •  


Thorax 13 t/m 20 (3e jaar) Common trunc

Leerdoelen Thorax 13 t/m 20:

  • X-thorax van poliklinische, klinische- en SEH-patienten zonder supervisie kunnen beoordelen
  • CT-scan thorax van oncologische patienten, CT-longembolie en CT-thorax voor andere indicaties onder beperkte supervisie leren beoordelen.
  • PET-CT van long-oncologische patiënten onder strikte supervsie leren beoordelen.
  • HR-CT onderzoeken met beperkte supervisie leren beoordelen.
  • Beoordelen en uitvoeren van MRI- en interventies van de thorax onder strikte supervisie.Dagelijkse taken AIOS Thorax 13 t/m 20
  •  
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische thoraxfoto’s, waarna vrijgeven verslag. Bij enige twijfel het onderzoek alsnog ctrl-gelezen naar supervisor sturen en nabespreken.
  • Beoordeling en verslaan klinische- en SEH-thoraxfoto’s, waarna vrijgeven verslag. Bij enige twijfel het onderzoek alsnog ctrl-gelezen naar supervisor sturen en nabespreken.
  • Beoordeling en verslaan alle voorkomende indicaties voor CT-thorax en CT-hals-thorax-buik en CT-thorax-buik. Daarna ctrl-gelezen naar thorax-supervisor, waarna deze het verslag zal vrijgeven, alleen bij discrepanties wordt het onderzoek aan de monitor besproken. Indien een dagdeel later een onco-radioloog is ingedeeld, mogen de onderzoeken ctrl-gelezen door naar die supervisor.
  • Beoordeling en verslaan alle voorkomende indicaties voor MRI-thorax. Nabespreking van bevindingen en verslag met thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling en verslaan van PET-CT van long-oncologische patiënten. Daartoe moeten goede afspraken gemaakt worden met de nucleair geneeskundigen over de logistiek van het verslaan en nabespreken. Neem op de eerste dag van de 8-weekse stage contact op met de nucleair geneeskundigen. Stuur de andere weken op maandagochtend vroeg een e-mail naar beide nucleair geneeskundigen over je taak in de komende week.
  • Onder stikte supervisie mede-uitvoeren van CT-geleide interventies en puncties van de thorax. Bijhouden punctiebestand CT-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken (voor oncologiebespreking ook de PET-CT’s bespreken met nucleair geneeskundige).
    • interne-bespreking dagelijks om 16.30 uur
    • ICU-bespreking dagelijks om 11.00 uur
    • Longoncologie donderdag om 16.30 uur
    • ILD 2-wekelijks op donderdag om 11.30 uur
  • Eigen sein bij zich houden, meestal ook de piketpieper 81-623 (wordt ingedeeld op weekschema).Kennis en Vaardigheden Thorax 13 t/m 20
  •  
  • Tijdens deze derde thorax stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen, het beoordelen en verslaan van conventionele, alle indicaties voor CT waaronder (HR)-CT en MRI onderzoeken van de thorax. Integratie van de verschillende thorax onderzoek(-en) (bevindingen), gecorreleerd aan pathologische en klinische data zal hierbij speciale aandacht krijgen.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van de thorax zoals deze zichtbaar is op het (HR) CT onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de arts-assistent aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen en classificeren op het (HR) CT onderzoek van de thorax.
  • Op geleide van ervaring (onder supervisie) uitvoeren van percutane, CT geleide interventies. Streefdoelen einde stage:
  •  
  • Percentage dagproductie X-thorax poli:                              60
  • Percentage dagproductie X-thorax klinische- en SEH:         60
  • Percentage dagproductie CT-thorax:                                  60
  • PET-CT                                                                             50
  •  

 

Thorax 1 t/m 16 (4e en 5e jaar) orgaangerichte differentiatie

Leerdoelen Thorax 1 t/m 16:

  • X-thorax van poliklinische, klinische- en SEH-patienten zonder supervisie kunnen beoordelen
  • CT-scan thorax van oncologische patienten, CT-longembolie en CT-thorax voor andere indicaties onder beperkte supervisie leren beoordelen.
  • PET-CT van long-oncologische patiënten onder strikte supervsie leren beoordelen.
  • HR-CT onderzoeken met beperkte supervisie leren beoordelen.
  • Beoordelen en uitvoeren van MRI- en interventies van de thorax onder strikte supervisie.Dagelijkse taken AIOS Thorax 1 t/m 16
  •  
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische thoraxfoto’s, waarna vrijgeven verslag. Bij enige twijfel het onderzoek alsnog ctrl-gelezen naar supervisor sturen en nabespreken.
  • Beoordeling en verslaan klinische- en SEH-thoraxfoto’s, waarna vrijgeven verslag. Bij enige twijfel het onderzoek alsnog ctrl-gelezen naar supervisor sturen en nabespreken.
  • Beoordeling en verslaan alle voorkomende indicaties voor CT-thorax en CT-hals-thorax-buik en CT-thorax-buik. Daarna ctrl-gelezen naar thorax-supervisor, waarna deze het verslag zal vrijgeven, alleen bij discrepanties wordt het onderzoek aan de monitor besproken. Indien een dagdeel later een onco-radioloog is ingedeeld, mogen de onderzoeken ctrl-gelezen door naar die supervisor. In de tweede helft van deze stage mag na autorisatie daartoe het verslag zelf worden vrijgegeven. Bij enige twijfel het onderzoek alsnog ctrl-gelezen naar supervisor sturen en nabespreken.
  • Beoordeling en verslaan alle voorkomende indicaties voor MRI-thorax. Nabespreking van bevindingen en verslag met thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling en verslaan van PET-CT van long-oncologische patiënten. Daartoe moeten goede afspraken gemaakt worden met de nucleair geneeskundigen over de logistiek van het verslaan en nabespreken. Neem op de eerste dag van de 16-weekse stage contact op met de nucleair geneeskundigen. Stuur de andere weken op maandagochtend vroeg een e-mail naar beide nucleair geneeskundigen over je taak in de komende week.
  • Onder stikte supervisie mede-uitvoeren van CT-geleide interventies en puncties van de thorax. Bijhouden punctiebestand CT-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken (voor oncologiebespreking ook de PET-CT’s bespreken met nucleair geneeskundige).
    • interne-bespreking dagelijks om 16.30 uur
    • ICU-bespreking dagelijks om 11.00 uur
    • Longoncologie donderdag om 16.30 uur
    • ILD 2-wekelijks op donderdag om 11.30 uur
  • Eigen sein bij zich houden, meestal ook de piketpieper 81-623 (wordt ingedeeld op weekschema).Kennis en Vaardigheden Thorax 1 t/m 16
  •  
  • Tijdens deze derde thorax stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen, het beoordelen en verslaan van conventionele, alle indicaties voor CT waaronder (HR)-CT en MRI onderzoeken van de thorax. Integratie van de verschillende thorax onderzoek(-en) (bevindingen), gecorreleerd aan pathologische en klinische data zal hierbij speciale aandacht krijgen.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van de thorax zoals deze zichtbaar is op het (HR) CT onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de arts-assistent aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen en classificeren op het (HR) CT onderzoek van de thorax.
  • Op geleide van ervaring (onder supervisie) uitvoeren van percutane, CT geleide interventies. Streefdoelen einde stage:
  •  
  • Percentage dagproductie X-thorax poli:                              60
  • Percentage dagproductie X-thorax klinische- en SEH:         60
  • Percentage dagproductie CT-thorax:                                  60
  • PET-CT                                                                             50
  •  

 

Thorax 1 t/m 8 (4e en 5e jaar) differentiatie in ander orgaan dan thorax

  • X-thorax van poliklinische, klinische- en SEH-patienten zonder supervisie kunnen beoordelen
  • CT-scan thorax van oncologische patienten, CT-longembolie en CT-thorax voor andere indicaties onder beperkte supervisie leren beoordelen.
  • PET-CT van long-oncologische patiënten onder strikte supervsie leren beoordelen.
  • HR-CT onderzoeken met beperkte supervisie leren beoordelen.
  • Beoordelen en uitvoeren van MRI- en interventies van de thorax onder strikte supervisie.Dagelijkse taken AIOS Thorax 1 t/m 8
  • Aanwezig op afdeling 8.00 uur – 18.00 uur.
  • Beoordeling en verslaan van poliklinische thoraxfoto’s, waarna vrijgeven verslag. Bij enige twijfel het onderzoek alsnog ctrl-gelezen naar supervisor sturen en nabespreken.
  • Beoordeling en verslaan klinische- en SEH-thoraxfoto’s, waarna vrijgeven verslag. Bij enige twijfel het onderzoek alsnog ctrl-gelezen naar supervisor sturen en nabespreken.
  • Beoordeling en verslaan alle voorkomende indicaties voor CT-thorax en CT-hals-thorax-buik en CT-thorax-buik. Daarna ctrl-gelezen naar thorax-supervisor, waarna deze het verslag zal vrijgeven, alleen bij discrepanties wordt het onderzoek aan de monitor besproken. Indien een dagdeel later een onco-radioloog is ingedeeld, mogen de onderzoeken ctrl-gelezen door naar die supervisor. In de tweede helft van deze stage mag na autorisatie daartoe het verslag zelf worden vrijgegeven. Bij enige twijfel het onderzoek alsnog ctrl-gelezen naar supervisor sturen en nabespreken.
  • Beoordeling en verslaan alle voorkomende indicaties voor MRI-thorax. Nabespreking van bevindingen en verslag met thorax-supervisor, waarna vrijgeven verslag.
  • Beoordeling en verslaan van PET-CT van long-oncologische patiënten. Daartoe moeten goede afspraken gemaakt worden met de nucleair geneeskundigen over de logistiek van het verslaan en nabespreken. Neem op de eerste dag van de 8-weekse stage contact op met de nucleair geneeskundigen. Stuur de andere weken op maandagochtend vroeg een e-mail naar beide nucleair geneeskundigen over je taak in de komende week.
  • Onder stikte supervisie mede-uitvoeren van CT-geleide interventies en puncties van de thorax. Bijhouden punctiebestand CT-puncties met PA-uitslagen en follow-up.
  • Voorzitten iav supervisor van de relevante patiëntbesprekingen, tevoren de onderzoeken met supervisor doorgesproken (voor oncologiebespreking ook de PET-CT’s bespreken met nucleair geneeskundige).
    • interne-bespreking dagelijks om 16.30 uur
    • ICU-bespreking dagelijks om 11.00 uur
    • Longoncologie donderdag om 16.30 uur
    • ILD 2-wekelijks op donderdag om 11.30 uur
  • Eigen sein bij zich houden, meestal ook de piketpieper 81-623 (wordt ingedeeld op weekschema).Kennis en Vaardigheden Thorax 1 t/m 8
  • Tijdens deze derde thorax stage zal de nadruk liggen op het begrip krijgen, het beoordelen en verslaan van conventionele, alle indicaties voor CT waaronder (HR)-CT en MRI onderzoeken van de thorax. Integratie van de verschillende thorax onderzoek(-en) (bevindingen), gecorreleerd aan pathologische en klinische data zal hierbij speciale aandacht krijgen.
  • Hiertoe zal kennis moeten worden verkregen van de normale anatomie van de thorax zoals deze zichtbaar is op het (HR) CT onderzoek met identificatie van de normale anatomische structuren.
  • Daarnaast dient de arts-assistent aan het einde van de stage in staat te zijn veel voorkomende pathologie te herkennen en classificeren op het (HR) CT onderzoek van de thorax.
  • Op geleide van ervaring (onder supervisie) uitvoeren van percutane, CT geleide interventies. Streefdoelen einde stage:

 

  • Percentage dagproductie X-thorax poli:                             60
  • Percentage dagproductie X-thorax klinische- en SEH:      60
  • Percentage dagproductie CT-thorax:                                 60
  • PET-CT                                                                              50

 

 

Eind jaar 1

Eind jaar 3

Eind jaar 5 orgaan gericht

eind jaar 5 differentiatie

Conventioneel

3

3

5

5

Doorlichting

3

4

5

5

Echografie

2

3

4

5

CT

2

3

4

5

HR-CT

1

2

3

4

MRI

1

2

3

4

Puncties / biopsieen

1

2

3

5

Interventies

1

2

3

3

Nucleair

1

2

3

3

Om deze website optimaal te laten functioneren gebruiken wij cookies. Voor meer informatie zie ons cookiebeleid.