Pathologie

Lokaal Opleidingsplan Pathologie

HMC (Haaglanden Medisch Centrum)

 

 

Inhoudsopgave

 

   Documentbeheer

  1. Inleiding
  2. Inhoud en structuur van de opleiding

2.1 Algemeen

2.2 Ziekenhuis, pathologieafdeling en opleidingsgroep

2.3 Organisatie, taken en verantwoordelijkheden opleidingsgroep

2.4 Profiel afdeling en verrichtingen

  1. Opleiding pathologie HMC

3.1 cluster LUMC: modules en thema’s

3.2 bekwaamheidsniveaus

3.3 opleidingsschema Pathologie HMC

3.4 Uitwerking modules naar bekwaamheidsniveau

  1. Onderwijs tijdens de opleiding
  2. Toetsing en beoordeling van de competenties

      5.1 toetsing

      5.2 beoordeling

      5.3 portfolio

  1. Evaluatie kwaliteit opleiding
  2. Locale afspraken

7.1 Introductie

7.2 Hygiëne/prikaccidenten

7.3 Rooster / ziekmelding

7.4 Verantwoordelijkheden AIOS (algemeen)

7.5 Protocollair werken

7.6 Spraakherkenning en patiëntidentificatie

7.7 Uitsnijden

7.8 Vriescoupes

7.9 Secties

7.10 Microscopie

7.11 Punctie cytologie

7.12 Algemene cytologie

7.13 Cervix cytologie

7.14 Besprekingen

7.15 Kwaliteitsborgingen

7.16 Neuropathologie

7.17 Handboeken/literatuur

7.18 Wetenschappelijk onderzoek

7.19 bespreken problemen met/rond de opleiding:

 

  1. Bijlagen

Bijlage 1: begrippenlijst en afkortingen

Bijlage 2: formulier Introductiegesprek

Bijlage 3: beoordelingsformulier Pathologie OOR Leiden

Bijlage 4: Formulier driemaandelijkse voortgangsgesprekken

Bijlage 5: verplicht Discipline Overstijgend Onderwijs OOR Leiden

Bijlage 6: website adressen / downloads

 

 

Documentbeheer

 

Dit document maakt deel uit van het iProva van HMC en beheer vindt plaats volgens de normen van dit systeem. Het document is te allen tijde via iProva te raadplegen, waarbij gebruik gemaakt kan worden van de diverse hyperlinks. Met de introductie van dit document komen de SOPs “PA Supervisie Arts-assistenten” en “Overdracht AIOS Pathologie” te vervallen.

 

 

Auteur 1: Dr. H.M. Hazelbag, opleider

Auteur 2: Dr. P.C. Clahsen, plv. opleider

 

Versie                         Datum                                    Belangrijkste wijzigingen

  • 11-02-2013

 

  1. Inleiding

 

 

Dit document beschrijft het locale opleidingsplan van de opleiding Pathologie van HMC. Het opleidingsplan is feitelijk een verdere locale uitwerking van het Regionale Opleidingsplan van het cluster LUMC, waarin de vertaalslag van het landelijk opleidingsplan Modernisering Opleiding Pathologie (versie 2010) reeds was gemaakt. Het locale opleidingsplan geldt als richtsnoer voor Opleider en AIOS bij de invulling van de individuele opleiding (POP) van de AIOS.

 

Voor de samenstelling van dit lokale opleidingsplan is gebruik gemaakt van (zie bijlage 8):

  • Het nationale opleidingsplan Modernisering Opleiding Pathologie 2011 van de NVVP
  • Het Regionaal Opleidingsplan Pathologie van het opleidingscluster LUMC versie 2010
  • Opleidingsdocumenten van HMC
  • Opleidingsdocumenten van de Opleiding Pathologie HMC
  • Documentatie MSRC / CCMS

 

De Opleiding Pathologie wordt al tientallen jaren in HMC (voorheen Westeinde Ziekenhuis) als B-opleiding aangeboden, en werd voor de laatste maal erkend in november 2010, voor een periode van 5 jaar conform kaderbesluit CCMS en het Besluit Pathologie (zie bijlage 8).

 

Het locale opleidingsplan beschrijft het formele plan van de Opleiding Pathologie in HMC en heeft een drieledige functie:

  1. vastleggen van inhoud en structuur
  2. communicatie
  3. legitimatie

Ad 1. Vastleggen van de inhoud en structuur

De kwaliteit van de opleiding wordt onder andere bepaald door de samenhang tussen de leerdoelen, leerinhoud, leermiddelen en toetsing. Dit wordt de interne consistentie genoemd. Hoe sterker de samenhang, des te groter de kwaliteit. In het plan worden de verschillende opleidingsonderdelen, zoals de te verwerven competenties, klinische settings en stages, thema’s en toetsen, in hun onderlinge samenhang beschreven.

Ad 2. Communicatie

Het succes van de opleiding wordt mede bepaald door een goede inhoudelijke afstemming tussen de opleiders, de AIOS en het beroepenveld. Dit wordt de externe consistentie genoemd. Het is belangrijk dat bij alle betrokken personen gelijke opvattingen bestaan over wat, hoe en wanneer er wordt geleerd. Het opleidingsplan is een hulpmiddel bij de onderlinge communicatie hierover.

Ad 3. Legitimatie

Het lokale opleidingsplan kan bij zowel interne- als externe visitaties ingezet worden, om inzicht te geven in de inhoud en structuur van de opleiding.

Het formele opleidingsplan draagt op deze wijze bij aan de kwaliteitsborging van de Opleiding Pathologie.

 

In het lokale opleidingsplan is hoofdzakelijk specifieke informatie opgenomen, die van toepassing is op de opleidingssituatie in HMC. Landelijk en Regionaal Opleidingsplan hebben hiervoor als basis gediend. Het opleidingsschema vormt de kern, van waaruit inhoud en structuur van de opleiding worden gepresenteerd, gecombineerd met een beschrijving van de stages en klinische setting waarbinnen gewerkt en geleerd wordt.

 

  1. Inhoud en structuur van de opleiding

 

2.1 Algemeen

De opleiding pathologie is een vijfjarige opleiding. Het Regionale Cluster LUMC bestaat naast de academische opleiding uit het Reinier de Graaff Groep te Delft, HAGA ziekenhuis te Den Haag en HMC te Den Haag.

De opleiding vindt overwegend plaats in het LUMC en voor periodes van 3 tot 6 maanden en maximaal 24 maanden in één van de andere 3 ziekenhuizen met een erkende B-opleiding. Afhankelijk van de individuele omstandigheden van de AIOS kan deze variëren, waarbij de afdeling Pathologie van HMC streeft naar een stageduur van 6 maanden. Daarnaast kan een AIOS op eigen verzoek een verdiepingsstage in een ander (erkend) ziekenhuis volgen, met goedkeuring van het Concilium Pathologicum.

 

De leerinhoud van de opleiding bestaat uit de zeven geoperationaliseerde competenties (CanMed’s) voor de patholoog, te weten: Medisch Handelen, Communicatie, Samenwerking, Kennis en Wetenschap, Maatschappelijk Handelen, Organisatie en Professionaliteit. De 21 pathologie thema’s zijn in het cluster LUMC ondergebracht in 12 modules (zie tabel 2). Iedere module duurt in principe 3 maanden, waarbij alle thema’s uiteindelijk tenminste 2 maal doorlopen moeten worden. Het bekwaamheidsniveau (zie tabel 3) waarop het thema dan wel de competenties behorende bij het thema moet worden afgesloten hangt af van de rotatie waarin het thema doorlopen is. De algemene competenties toegepast op de opleiding pathologie, en de specifieke bekwaamheidsniveaus van de verschillende onderdelen binnen een thema zijn te vinden in het opleidingplan Modernisering Opleiding Pathologie (resp. hoofdstuk 4.2 en 5.5, zie bijlage 8).

 

Het leren zelf vindt plaats binnen de kernactiviteiten waarin de patholoog, dus ook de AIOS, werkt.

De (kern)activiteiten van de AIOS pathologie zijn:

  1. Macroscopisch onderzoek (uitsnijden) en de verslaglegging daarvan
  2. Microscopisch-histologisch onderzoek en de verslaglegging daarvan
  3. Microscopisch-cytologisch onderzoek en de verslaglegging daarvan
  4. Het microscopisch beoordelen van vriescoupes en de verslaglegging daarvan
  5. Het verrichten van obducties en de verslaglegging daarvan
  6. Het leiden van de pathologiebesprekingen met de kliniek
  7. Het deelnemen aan Klinisch Pathologische Conferenties
  8. Wetenschappelijke vorming

 

Deze kernactiviteiten worden uitgevoerd in het laboratorium / uitsnijkamer, obductieruimte, microscopiekamer en conferentiezalen. Afhankelijk van de klinische setting kan daar evt. nog het zelf verrichten van cytologisch puncties en ondersteunen van puncties op de scopie- en radiologie afdelingen aan worden toegevoegd.

 

2.2 Ziekenhuis, pathologieafdeling en opleidingsgroep

 

HMC is een Topklinisch Ziekenhuis op 2 locaties, locatie Westeinde in centrum Den Haag en locatie Antoniushove in Leidschendam. Er werken bijna 3000 medewerkers, waaronder ruim 200 medisch specialisten. Het adherentiegebied bedraagt Den Haag met de omringende gemeenten en bedraagt daarmee ruim meer dan een half miljoen mensen. Medisch specialistische opleidingen zijn ruim vertegenwoordigd, zowel A-opleidingen (b.v. Heelkunde, Interne, Radiologie, Gynaecologie) als diverse B-opleidingen. Wat betreft diverse oncologische en neurochirurgische behandelingstrajecten heeft HMC een supra-regionale functie.

HMC maakt met Groene Hart Ziekenhuis te Gouda en Bronovo Ziekenhuis te Den Haag deel uit van de A-12 Coöperatie. De Coöperatie streeft ernaar nieuwe, betere en goedkopere zorg te bieden, dichtbij huis waar het kan en geconcentreerd waar nodig.

 

De afdeling en het laboratorium pathologie zijn gevestigd op locatie Westeinde. Op locatie Antoniushove is er een punctiekamer, m.n. voor ondersteuning tijdens de mammapoli en ter beoordeling van evt. andere puncties. Op locatie Antoniushove is momenteel (feb. ’13) een klein PA-lab in aanbouw voor het Oncologie Centrum West (OCW), opgericht ten behoeve van centralisatie van de behandeling van kankerpatiënten binnen de Coöperatie. Daarnaast verricht het Pathologie laboratorium de PA-diagnostiek voor het LangeLand ziekenhuis te Zoetermeer en voor huisartsen in de regio. De opleidingsactiviteiten vinden alleen plaats op locatie Westeinde.

Binnen het pathologielaboratorium is ook het Wielenga laboratorium gevestigd, dat zich bezig houdt met de verwerking en beoordeling van de cervixcytologie in het kader van het Bevolkingsonderzoek.

In totaal heeft het laboratorium ruim 40 medewerkers (35 fte), en diverse stagiaires voor de opleidingen MLO en HLO. Beide laboratoria zijn CCKL-geaccrediteerd sinds 2011.

 

2.3 Organisatie, taken en verantwoordelijkheden opleidingsgroep

 

De opleidingsgroep bestaat uit 4 ervaren pathologen met een gedifferentieerd activiteitenterrein binnen het vakgebied. Ze zijn tezamen verantwoordelijk voor kwaliteit, inhoud en vormgeving van de opleiding tot patholoog. Alle pathologen participeren in de opleiding middels supervisie van AIOS in een roulatie-systeem, en de diverse onderwijs- en klinische besprekingen. Daarnaast nemen ze deel aan de voor de opleiding verplichte onderwijsmomenten, en toetsen ze de AIOS middels KPB of CAT. Ieder kwartaal is er een opleidingsvergadering waar opleidingsgroep, AIOS, en Zorgmanager van de afdeling aan deelnemen, en waarin uitsluitend opleidingsgerelateerde zaken worden besproken.

De Pathologen zijn actief zowel in diverse besturen / commissies van het ziekenhuis, als in de landelijke commissies van de NVVP. Bestuurlijke activiteiten / lidmaatschappen, ook die van het personeel van het laboratorium, alsmede verdere gegevens over productie, investeringen, en kwaliteitsbeleid zijn eveneens terug te vinden in het jaarverslag.

 

De pathologen hebben de volgende aandachtsgebieden:

 

Dr. H.M. Hazelbag: opleider; medisch gemandateerde; mammapathologie; gynaecopathologie; cytologie; hoofd-hals pathologie; pathologie van wekedelen tumoren; bot- en gewrichtspathologie; nefropathologie; kwaliteitssysteem.

 

Dr. P.C. Clahsen: plv. opleider; mammapathologie; gynaecopathologie; hematopathologie; urogenitale pathologie; hoofd-hals pathologie.

 

Dr. E.C.M. Ooms: urogenitale pathologie; gastro-intestinale pathologie; cytologie; hematopathologie; nefropathologie; leverpathologie; dermatopathologie.

 

Dr. J. von der Thüsen: Gemandateerde LangeLand ziekenhuis; long-, pleura-, en mediastinale pathologie; dermatopathologie; gastro-intestinale pathologie; leverpathologie; pathologie van hart- en vaatziekten; bot- en gewrichtspathologie; pathologie van wekedelen tumoren.

 

Dr. H.M. Hazelbag is als opleider primair verantwoordelijk voor alle zaken die de opleiding betreffen:

  • primair eindverantwoordelijk voor het niet-academische opleidingsonderdeel
  • geeft leiding aan de opleidingsgroep
  • voorzitter lokale opleidingsvergaderingen
  • neemt deel aan opleidingvergaderingen van het opleidingscluster LUMC
  • neemt deel aan de opleidingsvergaderingen van de Centrale Opleidings Commissie van HMC
  • lid van het Concilium Pathologicum
  • bewaken van de voortgang van het leer- en werkproces van de AIOS
  • monitoren van de van de voortgang van de opleiding van de AIOS door controle van het portfolio van de AIOS en het houden van voortgangsgesprekken, en organiseren van toetsingsmomenten (uitvoering door alle pathologen)
  • n. opleiding vertegenwoordigen binnen het OOR
  • primair aanspreekpunt voor de AIOS, MSRC, Raad van Bestuur en OOR betreffende opleiding
  • samenstelling opleidingsrooster
  • supervisie AIOS volgens weekrooster
  • aanspreekpunt voor AIOS op aandachtsgebieden

 

Dr. P.C. Clahsen, plaatsvervangend opleider

  • neemt de verantwoordelijkheid van de opleider over bij afwezigheid van de opleider
  • neemt zo nodig deel aan de voortgangsgesprekken
  • supervisie van de AIOS volgens weekrooster
  • aanspreekpunt voor AIOS op aandachtsgebieden
  • stelt weekrooster samen, waarin alle activiteiten van pathologen en AIOS staan vermeld

 

Dr. E.C.M. Ooms en Dr. J. von der Thüsen, leden v.d. opleidingsgroep, superviseren de AIOS volgens weekrooster, en zijn aanspreekpunt voor de AIOS op hun aandachtsgebieden.

 

2.4 Verrichtingen

De afdeling pathologie van HMC deed in 2011 ± 23.000 histologie onderzoeken, 6.500 cytologie onderzoeken, en 2700 immuno-diagnostiek. Het aantal obducties, tot 2011 nog boven de 100, daalde tot 75, daarmee een landelijke trend volgend. Cervixcytologie (14.000 BVO en 9.000 indicatie huisarts/specialist) en algemene cytologie worden volgens de dunne laagmethode verwerkt. HPV-analyse wordt middels Hybrid Capture uitgevoerd (± 2000), en in situ hybridisatie voor Her2Neu (CISH) en EBV (±125 in 2012). Uitgebreidere getallen zijn terug te vinden in het jaarverslag. Voor overige moleculaire diagnostiek (b.v. EGFR/KRAS mutatie analyse, erfelijkheidsanalyse, clonaliteitsanalyse en ISH voor sarcoom/lymfoom diagnostiek) bestaat er een samenwerkingsverband met het LUMC/SLMP.

 

De pathologen participeren in diverse klinisch-pathologische besprekingen. Een deel van de deze besprekingen is opleidings-gerelateerd, en hier komt een mengeling van actuele problematiek en leerzame casuïstiek aan de orde. De AIOS zal naar gelang de module die hij volgt participeren in de bijbehorende besprekingen.

Tabel 1 geeft een overzicht van de klinische besprekingen waaraan de afdeling pathologie van HMC deelneemt. In het kader van de A12-samenwerking starten vermoedelijk nog in 2013 A12-MDO’s Mamma-oncologie, Gynaeco-oncologie, Hemato-oncologie, GE+lever-oncologie, Neuro-oncologie, en Hoofd-hals oncologie.

 

Tabel 1. overzicht van de klinische besprekingen in HMC.

 

Locatie

Soort bespreking

Frequentie

HMC Westeinde

Interne

2 x per maand

Oncologie

Wekelijks

MDO Mamma

Wekelijks

A12-MDO Long-oncologie

Wekelijks

A12-MDO Uro-oncologie

2x per maand

Hemato-oncologie

Maandelijks

Hematologie - meerkops

Wekelijks

Gynaecologische oncologie

Maandelijks

Gynaecologie PA

Maandelijks

KNO-oncologie

Maandelijks

Dermatologie

Maandelijks

Necrologie

Maandelijks

Orthopaedie

4 x per jaar

Reumatologie

In overleg

HMC Antoniushove

MDO Mamma

Wekelijks

’t Lange Land zkh

Oncologie

Wekelijks

PA-bespreking

Maandelijks

MDO Mamma

Wekelijks

 

Necrologie

In overleg

 

 

 

 

 

3   Opleiding pathologie HMC

 

3.1 Opleidingsschema cluster LUMC: modules en thema’s

De opleiding pathologie in het LUMC is opgebouwd uit modules die ieder, afhankelijk van de grootte van de thema’s, bestaan uit 2-6 thema’s. Iedere module duurt 3 maanden en wordt minimaal 2 maal doorlopen, een maal in jaar 1-2 en daarna nogmaals in jaar 3-5. De inhoud van de modules in de academische en niet-academische opleiding kunnen variëren. Als regel zal een periode van 6-24 maanden worden doorgebracht in de niet-academische opleidingen.

Alle modules zijn weergegeven in tabel 2. De modules 1 t/m 6 worden aangeboden in het LUMC. Module 7 en 8 in het RdGG, module 9 en10 in HMC en module 11 en12 in HAGA.

De niet-academische opleiding kan op ieder moment in de opleiding plaatsvinden en is soms 3 maanden en soms 2x 3 maanden. De volgorde van de modules zal ook per AIOS variëren. Er wordt naar gestreefd om in het eerste jaar van de opleiding tenminste 3 modules te volgen in het LUMC. Ook kunnen de modules die een AIOS in de niet-academische opleiding zal volgen wisselen. Ditzelfde geldt voor de wetenschapstage die ook op een eerder moment in de opleiding aan de orde kan komen. Ook is het mogelijk deze stage 2x 3 maanden aaneensluitend te doorlopen.

 

Tabel 2. Opleidingsmodules cluster LUMC

Module

Bijbehorende thema’s

Duur

1

(LUMC)

Obductiepathologie

Perinatale en kinderpathologie

Neuropathologie

Cardiopathologie

Musculaire pathologie

Oog/orbita pathologie

3 maanden

2 (LUMC)

Dermatopathologie

Nefropathologie

Transplantatiepathologie

3 maanden

3 (LUMC)

Mammapathologie

Longpathologie

Uropathologie

Hoofd-hals pathologie

3 maanden

4 (LUMC)

Cytologie

Gynaecopathologie

3 maanden

5 (LUMC)

Gastro-intestinale pathologie

Lever pathologie

Endocriene pathologie

3 maanden

6 (LUMC)

Haematopathologie

Weke delen pathologie

Bot- en gewrichtspathologie

3 maanden

 

Verdiepingsstage jaar 5

3 maanden

 

Wetenschappelijke stage

3 maanden of 1x6 maanden

7 (RdGG)

Mammapathologie

Cytologie

Gynaecologie

3 maanden

8 (RdGG)

Dermatopathologie

GE Pathologie

3 maanden

9

(HMC)

Mammapathologie

Dermatopathologie

Cytologie

Obductiepathologie

3 maanden

10 (HMC)

Gynaecologie

GE Pathologie

Cytologie

Obductiepathologie

3 maanden

11 (HAGA)

Mammapathologie

Longpathologie

Obductiepathologie

Perinatale pathologie

3 maanden

12 (HAGA)

Hematopathologie

Obductiepathologie

Perinatale pathologie

3 maanden

 

 

3.2 Bekwaamheidniveaus

 

Het globale bekwaamheidsniveau (BN) wordt per thema weergegeven. De specifieke bekwaamheidsniveaus van de verschillende onderdelen binnen een thema, en de uitwerking van de competenties binnen dit thema, zijn te vinden in het opleidingsplan Modernisering Opleiding Pathologie (H.S. 5). Aan het eind van iedere module wordt op basis van de in het portfolio verzamelde gegevens en op grond van de mening van de opleidergroep met de AIOS gesproken over deze bekwaamheidniveaus.

 

 

Tabel 3. bekwaamheidsniveaus in de opleiding pathologie

Code

 

Bekwaamheidsniveau

Beheersing diagnostiek

A

Heeft ruime kennis en ervaring van als regel ongecompliceerde/

frequente diagnoses*

Kan vrijwel altijd zelfstandig een diagnose stellen en kent de belangrijkste implicaties van deze diagnose.

Deze deskundigheid behoort na het eerste maal doorlopen van een thema aanwezig te zijn.

B

Heeft kennis en ervaring van meer complexe/minder frequente diagnoses**

Kan vrijwel altijd een diagnose stellen, deels na interne of externe consultatie. Kent de belangrijkste implicaties van deze diagnose.

Deze deskundigheid dient na het tweede maal doorlopen van een thema aanwezig te zijn.

C

Heeft basiskennis van zeer complexe/ zeldzame diagnoses***

Is bekend met deze diagnoses, maar zal deze als regel niet zonder consultatie stellen, c.q. zal dit aan een interne of externe expert overlaten.

Deze deskundigheid zal als regel worden verworven na een verdiepingsstage in het betreffende thema

 

*     Deze diagnoses zijn relatief eenvoudig en/of worden in iedere afdeling pathologie meerdere malen per week (vaak dagelijks) gesteld

**   Deze diagnoses zijn van een grotere moeilijkheidsgraad en/of komen als regel slechts enkele malen per maand voor

*** Deze diagnoses vereisen bijzondere expertise en/of komen als regel hooguit slechts enkele malen per jaar voor.

 

 

3.3 Opleidingsschema Pathologie HMC

 

De afdeling kent een weekrooster waarin de activiteiten van pathologen en AIOS zijn verwerkt. De roulatie van pathologen m.b.t. supervisie van de AIOS wordt ook verwerkt.

Specifiek toegespitst op de modules die de AIOS in HMC volgt staan de weekactiviteiten in tabellen 4 en 5.

 

Tabel 4. Deze AIOS volgt module 9 met als thema’s: mammapathologie, dermatopathologie, cytologie en obductiepathologie.

Dag

Ochtend

 

 

Middag

Avond

Maandag

-         Ochtendrapport

-         Uitboeken met patholoog

-         Obducties

-         Heilig Uur (3x/week)

-         Uitsnijden (3 dagdelen pw)

-         Cytologie uitboeken met patholoog (≥ 2x pw)

-         Voorkijken dagportie coupes

-         Puncties/ondersteunen puncties op radiologie/endoscopie (dagelijks)

 

Thema-avonden IKW: optioneel

Dinsdag

-         Ochtendrapport

-         Uitboeken met patholoog

-         Obducties

-         Uitsnijden (3 dagdelen pw)

-         Cursorisch onderwijs LUMC: 1x p2w)

-         Puncties/ondersteunen puncties op radiologie/endoscopie (dagelijks)

-         Cytologie uitboeken met patholoog (≥ 2x pw)

-         Voorkijken dagportie coupes

-         Necrologiebespreking Heelkunde (1x pm)

 

Werkgroep IKW incl. coupe-bespreking (3x/ jaar)

Woensdag

-         Ochtendrapport

-         Uitboeken met patholoog

-         Obducties

-         Heilig Uur (3x/week)

-         Uitsnijden (3 dagdelen pw)

-         Puncties/ondersteunen puncties op radiologie/endoscopie (dagelijks)

-         Cytologie uitboeken met patholoog (≥ 2x pw)

-         Voorkijken dagportie coupes

-         Interne bespreking (1x per 2 wkn)

-         Dermat bespreking (1x pm)

-         Klin.Path. Conferentie (1x p3m)

 

 

Perinatale audit: 1x p3m)

Donderdag

-         Ochtendrapport

-         Uitboeken met patholoog

-         Obducties

-         Uitsnijden (3 dagdelen pw)

-         Puncties/ondersteunen puncties op radiologie/endoscopie (dagelijks)

-         Mammapoli + MDO

-         Cytologie uitboeken met patholoog (≥ 2x pw)

-         Voorkijken dagportie coupes

-         Hersenobducties met neuropatholoog (1x pm)

-         Oncologie bespreking (1x pw)

 

 

Vrijdag

-         Ochtendrapport

-         Uitboeken met patholoog

-         Obducties

-         Heilig Uur (3x/week)

-         Uitsnijden (3 dagdelen pw)

-         Pathologen-overleg; 1x pm

-         Opleidingsvergadering; 1x p3m

-         Cytologie uitboeken met patholoog (≥ 2x pw)

-         Voorkijken dagportie coupes

-         Puncties/ondersteunen puncties op radiologie/endoscopie (dagelijks)

 

 

 

 

Tabel 5. Deze AIOS volgt module 10 met als thema’s: gynaecopathologie, GE, cytologie, en obductiepathologie.

Dag

Ochtend

 

 

Middag

Avond

Maandag

-         Ochtendrapport

-         Uitboeken met patholoog

-         Obducties

-         Heilig Uur (3x/week)

-         Uitnsijden (3 dagdelen pw)

-         Leverbiopten bespreking: (1x pm)

-         Cytologie uitboeken met patholoog (≥ 2x pw)

-         Voorkijken dagportie coupes

-         Puncties/ondersteunen puncties op radiologie/endoscopie (dagelijks)

 

 

Thema-avonden IKW: optioneel

Dinsdag

-         Ochtendrapport

-         Uitboeken met patholoog

-         Obducties

-         Uitnsijden (3 dagdelen pw)

-         Cursorisch onderwijs LUMC: 1x p2w) Gyn-onco bespreking (1x/pm)

-         Cytologie uitboeken met patholoog (≥ 2x pw)

-         Voorkijken dagportie coupes

-         Necrologiebespreking Heelkunde (1x pm)

-         Puncties/ondersteunen puncties op radiologie/endoscopie (dagelijks)

 

Werkgroep IKW incl. coupe-bespreking (3x/ jaar)

Woensdag

-         Ochtendrapport

-         Uitboeken met patholoog

-         Obducties

-         Heilig Uur (3x/week)

-         Uitnsijden (3 dagdelen pw)

-         Gyn-bespreking: 1x/ maand

-         Cytologie uitboeken met patholoog (≥ 2x pw)

-         Voorkijken dagportie coupes

-         Interne bespreking (1x /2 wkn)

-         Klin.Path. Conferentie (1x p3m)

-         Puncties/ondersteunen puncties op radiologie/endoscopie (dagelijks)

 

Perinatale audit: 1x p3m)

Donderdag

-         Ochtendrapport

-         Uitboeken met patholoog

-         Obducties

-         Uitnsijden (3 dagdelen pw)

-         Puncties/ondersteunen puncties op radiologie/endoscopie (dagelijks)

-         Cytologie uitboeken met patholoog (≥ 2x pw)

-         Voorkijken dagportie coupes

-         Hersenobducties met neuropatholoog (1x/pm)

-         Oncologie bespreking (1x pw)

 

Vrijdag

-         Ochtendrapport

-         Uitboeken met patholoog

-         Obducties

-         Heilig Uur (3x/week)

-         Uitnsijden (3 dagdelen pw)

-         Pathologen-overleg; 1x pm

-         Opleidingsvergadering; 1x p3m

-         Cytologie uitboeken met patholoog (≥ 2x pw)

-         Voorkijken dagportie coupes

-         Puncties/ondersteunen puncties op radiologie/endoscopie (dagelijks)

 

 

 

 

3.4 Uitwerking modules naar bekwaamheidsniveau

Voor ieder thema’s zijn specifieke leerdoelen vastgesteld in het Landelijk Opleidingsplan van de NVVP. Afhankelijk van het aanbod zullen deze onderwerpen verschillend aan bod komen in HMC. In het algemeen kan worden gesteld dat er voor de aangeboden thema’s voldoende aanbod is om bekwaamheidsniveau B te bereiken.

De opleidingsactiviteiten zijn voor de beide rotaties (A en B) grotendeels gelijk. Verschillen zitten vnl. in het te verwachten kennisniveau en de zelfstandigheid, b.v. bij het uitsnijden, leiden van klinische besprekingen, en beoordelen van cytologische puncties op de radiologie- en scopie-afdelingen.

 

Tabel 6. Opleidingsactiviteiten uitgesplitst per thema.

 

 

Modules

3 maanden

 

Thema’s

 

BN

 

Opleidingsactiviteiten

 

 

Module 9 (HMC)

 

 

 

 

 

- Mammapathologie

 

 

 

 

- Dermatopathologie

 

 

 

 

 

- Cytologie

 

 

 

 

 

 

- 0bductiepathologie

A

 

 

 

 

A

 

 

 

 

 

A

 

 

 

 

 

 

A

-         Uitsnijden van mamma amputaties en -resecties

-         microscopisch onderzoek en verslaglegging, incl. mammabiopten

-         participeren in MD mammabespreking

-         macroscopische beoordeling van huidexcisies en –biopten

-         microscopisch onderzoek en verslaglegging

-         dermatologiebespreking: bijwonen/demonstreren

-         kennis hebben van cytologische technieken

-         algemene cytologie meebeoordelen

-         onder begeleiding beoordelen van puncties op radiologie/scopie-afdeling

-         cervixcytologie kunnen beoordelen en verslaan

-         obducties verrichten, bespreken en verslaan

-         weefsels van obducties uitsnijden voor microscopisch onderzoek

-         microscopisch onderzoek verrichten en verslaan

-         sectiebespreking bijwonen/demonstreren

-         PA-Interne bespreking bijwonen/demonstreren

-         Oncologiebespreking bijwonen

Portfolio

-         verzamelde verrichtingen

-         onderwijs

-         jaarlijkse voortgangstoets

IJking

-         2x KPB

-         1x CAT/6 mnd

Evaluatiegesprek

Module 10 (HMC)

- Gynaecopathologie

 

 

 

 

 

 

 

- GE Pathologie

 

 

 

- Cytologie

 

 

 

 

 

 

- Obductiepathologie

 

 

A

 

 

 

 

 

 

 

A

 

 

 

A

 

 

 

 

 

 

A

-         uitsnijden van gynaecologische resectiepreparaten

-         microscopisch onderzoek en verslaglegging

-         participeren in gynaeco-oncologiebespreking

-         gynaecopathologie bespreking bijwonen/ demonsteren

-         uitsnijden van GE resectiepreparaten

-         microscopisch onderzoek en verslaglegging

-         MDL-bespreking bijwonen/demonstreren

-         kennis hebben van cytologische technieken

-         algemene cytologie meebeoordelen

-         onder begeleiding beoordelen van puncties op radiologie/scopie-afdeling

-         cervixcytologie kunnen beoordelen en verslaan

-         Obducties verrichten, bespreken en verslaan

-         Weefsels van obducties uitsnijden voor microscopisch   Onderzoek

-         microscopisch onderzoek verrichten en verslaan-

-         sectiebespreking bijwonen/demonsteren

-         PA-Interne bespreking bijwonen/demonstreren

-         Oncologiebespreking bijwonen

Portfolio

-         verzamelde verrichtingen

-         onderwijs

-         jaarlijkse voortgangstoets

IJking

-         2x KPB

-         1x CAT/6 mnd

 

Evaluatiegesprek

Module 9 (HMC)

- Mammapathologie

 

 

 

 

- Dermatopathologie

 

 

 

 

 

- Cytologie

 

 

 

 

 

 

- Obductiepathologie

 

B

 

 

 

 

B

 

 

 

 

 

B

 

 

 

 

 

 

B

 

-         Uitsnijden van mamma amputaties en -resecties

-         microscopisch onderzoek en verslaglegging, incl. mammabiopten

-         MD mammabespreking leiden

-         macroscopische beoordeling van huidexcisies en –biopten

-         microscopisch onderzoek en verslaglegging

-         dermatologiebespreking leiden/ demonstreren

-         kennis hebben van cytologische technieken

-         algemene cytologie meebeoordelen

-         zelfstandig beoordelen van puncties op radiologie/scopie-afdeling

-         cervixcytologie kunnen beoordelen en verslaan

-         obducties verrichten, bespreken en verslaan

-         weefsels van obducties uitsnijden voor microscopisch onderzoek

-         microscopisch onderzoek verrichten en verslaan

-         sectiebespreking leiden/demonstreren

-         PA-Interne bespreking leiden/demonstreren

-         Oncologiebespreking leiden

Portfolio

-         verzamelde verrichtingen

-         onderwijs

-         jaarlijlkse voortgangstoets

IJking

-         2x KPB

-         1x CAT/6 mnd

 

Evaluatiegesprek

Module 10 (HMC)

 

- Gynaecopathologie

 

 

 

 

 

 

 

- GE-pathologie

 

 

 

- Cytologie

 

 

 

 

 

 

- Obductiepathologie

 

 

B

 

 

 

 

 

 

 

B

 

 

 

B

 

 

 

 

 

 

B

-         uitsnijden van gynaecologische resectiepreparaten

-         microscopisch onderzoek en verslaglegging

-         gynaeco-oncologiebespreking leiden/ demonstreren

-         gynaecopathologie bespreking leiden/ demonsteren

-         uitsnijden van GE resectiepreparaten

-         microscopisch onderzoek en verslaglegging

-         MDL-bespreking leiden/demonstreren

-         kennis hebben van cytologische technieken

-         algemene cytologie meebeoordelen

-         onder begeleiding beoordelen van puncties op radiologie/scopie-afdeling

-         cervixcytologie kunnen beoordelen en verslaan

-         Obducties verrichten, bespreken en verslaan

-         Weefsels van obducties uitsnijden voor microscopisch   Onderzoek

-         microscopisch onderzoek verrichten en verslaan-

-         sectiebespreking bijwonen/demonsteren

-         PA-Interne bespreking leiden/demonstreren

-         Oncologiebespreking leiden

Portfolio

-         verzamelde verrichtingen

-         onderwijs

-         jaarlijkse voortgangstoets

IJking

-         2x KPB

-         1x CAT/6 mnd

 

Evaluatiegesprek

 

 

  1. Onderwijs tijdens de opleiding

 

De belangrijkste vorm van onderwijs in de opleiding tot patholoog vindt plaats aan de microscoop, waarbij aan de hand van de dagelijkse casuïstiek in een één-op-één situatie (“meester-gezel”) kennisoverdracht plaatsvindt. Leden van de opleidingsgroep superviseren bij uitsnijden, microscopisch onderzoek, obducties, verslaglegging en bij puncties. Verschillende competenties komen hierin aan bod. Naast directe kennis en technische vaardigheden komen ook competenties als communicatie en samenwerking, maatschappelijk handelen, organisatie en professionaliteit aan bod.

 

In het nieuwe opleidingscurriculum is expliciet gesteld dat de AIOS per jaar 80 uur (10 dagen) aan cursorisch onderwijs volgt. Dit onderwijs mag lokaal, regionaal of landelijk gegeven worden.

 

Het verplichte onderwijs van de AIOS in HMC bestaat uit:

  • landelijke BOP-cursussen, 3 in totaal, bij voorkeur te volgen in de eerste twee jaar van de opleiding.
  • NVVP-dagen (2 dag/jaar)
  • NVVP-nascholingsavond (1x/jaar)
  • LPAV-cursusdag (1x/jaar)
  • Cursorisch onderwijs pathologie LUMC (1x/2 weken)
  • Regionaal Discipline Overstijgend Onderwijs (DOO) (± 1x /jaar)
  • Regionale IKNL thema-avonden (± 4x / jaar)
  • Regionale coupe-avonden (2x / jaar)
  • Locaal discipline overstijgend onderwijs / KPC (4x/ jaar)
  • Locale wetenschapsmiddag HMC (1x/ jaar)
  • Locale themamiddag COC (1x/ jaar)
  • Locale coupe bespreking / ‘Heilig Uur’ (3x/ week)
  • Locaal Refereren (n.a.v. CAT, 4x/ jaar)

 

Daarnaast zijn er nog diverse nationale en internationale bij- en nascholingscursussen te volgen. Een overzicht van het aangeboden Cursorisch onderwijs, Regionale en locale DOO is te zien in de bijlagen 5-7. Hoewel zoals beschreven niet al het onderwijs jaarlijks wordt genoten, is in tabel 7 te zien dat de benodigde 80 uur per jaar ruimschoots wordt gehaald.

 

Tabel 7 Cursorisch onderwijs

 

 

BOP-cursus

16 uur

NVVP-dagen

8-16 uur

LPAV-cursusdag

8 uur

Cursorisch onderwijs LUMC

52 uur

Regionaal discipline overstijgend onderwijs

8 uur

Regionale IKNL thema-avonden

8 uur

Regionale coupe-avonden

4 uur

Locaal discipline overstijgend onderwijs

4 uur

Wetenschapsmiddag HMC

3 uur

Themamiddag COC HMC

3 uur

Locale coupebespreking

78 uur

Locaal refereren

4 uur

 

 

Totaal

204 uur

 

 

  1. Toetsing en beoordeling van de competenties in HMC

 

5.1 Toetsing

Er zijn verschillende, landelijk vastgelegde toetsingsmomenten voor de AIOS. Dit betreffen de Korte Praktijk Beoordelingen (KPB, tenminste 10x /jaar), de Critical Appraisal of a Topic (CAT, tenminste 2x / jaar), en de Landelijke Kennis- of Voortgangstoets (VGT, 1x per opleidingsjaar m.u.v. het laatste jaar).

 

In een matrix worden de globale toetsingsmomenten voor ieder thema gekoppeld aan de te leren competenties. Ze geeft een indruk van de meest voorkomende beoordelingstechnieken. Sommige thema’s lenen zich beter voor een CAT dan andere, maar dat wil niet zeggen dat er geen momenten zijn waarop het omgekeerde geldt. Deze matrix zal dus afhankelijk van de omstandigheden als een globale handleiding dienen.

Het portfolio (PF) dat iedere AIOS bijhoudt dient tevens als leidraad voor het beoordelen van de AIOS.

In HMC zullen dus per module tenminste 2 á 3 KPB’s en per ½ jaar tenminste één CAT worden afgenomen. Voor de CAT wordt ook een refereerbijeenkomst gepland, waarbij aan de hand van het onderwerp zo mogelijk ook medisch specialisten van andere disciplines zullen worden uitgenodigd.

 

Module 9

HMC

 

Medisch Handelen

Communicatie

Samenwerking

Kennis & Wetenschap

Maatschappelijk handelen

Organisatie

Professionaliteit

Thema 12 (mammapathologie)

 

KPB/PF

KPB

KPB

VGT/CAT

KPB

KPB

PF/KPB

Thema 4 (dermatopathologie

 

KPB/PF

KPB

KPB

VGT/CAT

KPB

KPB

PF/KPB

Thema 3 (cytologie)

 

       KPB/PF

KPB

KPB

VGT

KPB

KPB

PF/KPB

Thema 16 (obductiepathologie)

 

KPB/PF

KPB

KPB

VGT/CAT

KPB

KPB

PF/KPB

Module 10

HMC

 

 

 

 

 

 

 

 

Thema 6

(GE-pathologie)

 

KPB/PF

KPB

KPB

VGT/CAT

KPB

KPB

PF/KPB

Thema 7 (gnaecopathologie)

 

KPB/PF

KPB

 

KPB

VGT/CAT

KPB

KPB

PF/KPB

Thema 3 (cytologie)

 

       KPB/PF

KPB

KPB

VGT

KPB

KPB

PF/KPB

Thema 16 (obductiepathologie)

 

KPB/PF

KPB

KPB

VGT/CAT

KPB

KPB

PF/KPB

 

 

5.2 beoordeling

In het kaderbesluit CCMS (paragraaf I-B) zijn de diverse beoordelingsmomenten tijdens de opleiding vastgelegd. Deze bestaan uit voortgangsgesprekken, jaarlijkse beoordeling en de eindbeoordeling.

  • De voortgangsgesprekken zullen in ieder geval 4x (ieder kwartaal) in het eerste jaar, 2x (ieder halfjaar) in het tweede en derde jaar, en daarna 1x per jaar plaatsvinden.
  • Daarnaast vindt een jaarlijkse geschiktheidbeoordeling plaats aan het eind van elk opleidingsjaar in een beoordelingsgesprek tussen opleider en AIOS. De opleider heeft daarvoor de opleidingsgroep waar hij deel van uitmaakt geraadpleegd. Deze zullen in de regel in LUMC plaatsvinden
  • Ten minste 3 maanden voor het beoogde einde van de opleiding vindt de eindbeoordeling plaats in een gesprek tussen (A-)opleider en AIOS.

 

In de praktijk zullen de beoordelingsgesprekken in HMC vooral bestaan uit evaluatiegesprekken over de zojuist gevolgde module, waarbij naar gelang de duur van de opleiding ook de benodigde formulieren van de MSRC zullen worden ingevuld (A/B formulier, formulier driemaandelijkse voortgangsgesprekken). Zie voor deze formulieren bijlagen 3 + 4..De te bereiken doelen in deze module worden van tevoren vastgelegd in een kennismakingsgesprek (bijlage 2).

 

 

5.3 Portfolio

 

In overeenstemming met de richtlijnen is de AIOS verplicht een verzameling van documenten bij te houden waarin op systematische wijze de voortgang in de opleiding wordt gedocumenteerd. Het portfolio is geen toetselement doch een instrument dat de AIOS ondersteuning biedt bij het bewaken van de voortgang van zijn eigen opleiding. Het portfolio draagt bij aan informatie-vergaring op basis waarvan het voortgangsgesprek wordt gevoerd. Tevens worden hierin verplichte onderdelen afgetekend en toetsuitslagen verzameld.

 

Het portfolio van de AIOS bevat ten minste de volgende onderdelen:

- individueel opleidingsplan inclusief opleidingsschema

- documenten ten behoeve van de toetsing (KPB, CAT, voortgangstoets)

- verslagen van voortgangs- en beoordelingsgesprekken

- gehouden voordrachten

- gepubliceerde artikelen

- gevolgde cursussen incl. certificaten

- deelname van certificaten van regionale en landelijke onderwijsdagen

- evt. overdrachtsformulieren cluster

 

  1. Evaluatie en kwaliteit van de opleiding

 

In het streven naar kwaliteit van de opleiding is regelmatige terugkoppeling vanuit de AIOS noodzakelijk. Aangezien in HMC er slechts één AIOS pathologie tegelijk stage loopt, zijn sommige beoordelingstechnieken, waarbij anonimiteit gewenst kan zijn, lastig te realiseren. Toch wordt er naar gestreefd een goed beeld van het oordeel van de AIOS te verkrijgen, hiervoor worden diverse methoden gehanteerd:

 

  • feedback van de AIOS tijdens de 4-jaarlijkse opleidingsvergadering en tijdens de evaluatiegesprekken met de opleider aan het eind van iedere module.
  • jaarlijks gesprek van de AIOS met het bestuur van de COC. Terugkoppeling vindt plaats in het jaarlijkse gesprek tussen opleider en bestuur van de COC.
  • de Dutch Residency Educational Climate Test (D-RECT); de AIOS worden hiervoor benaderd door het COC en het opleidingsinstituut van het LUMC. Terugkoppeling vindt plaats in het jaarlijkse gesprek tussen opleider en bestuur van de COC.

 

Daarnaast volgen alle leden van de opleidingsgroep de cursus Teach the Teacher en volgt de (plaatsvervangend) opleider diverse opleidingsgerelateerde na-/bijscholingscursussen.

 

 

  1. Locale afspraken

 

7.1 Introductie

 

  • Ieder begin van de maand wordt aan de nieuwe ANIOS, AIOS en medisch specialisten een introductiecursus aangeboden in HMC. Deze duurt twee dagen en omvat o.a. een kennismaking met de Raad van Bestuur, EZIS en DBC-training, instructie Apotheek, beveiliging, rondleiding langs de afdelingen en laboratoria, infectiepreventie en patiëntveiligheid, en reanimatietraining. De AIOS pathologie zal gezien de specifieke werkzaamheden niet alle elementen van deze introductie hoeven volgen.
  • Daarnaast volgt een kennismakingsgesprek met de opleider voor het vaststellen van de leerdoelen en een specifieke rondleiding op het lab.
  • De AIOS ontvangt van tevoren een personeelsnummer via de afdeling Personeelsadministratie, en via de afdeling Beveiliging kan een pasje worden verkregen. Daarmee kan toegang worden verschaft tot de afdeling, de fietsenstelling in de kelder, en kan ziekenhuiskleding worden afgehaald. Daarnaast zorgt de systeembeheerder voor een account waarmee kan worden ingelogd op het ziekenhuissysteem voor o.a. gebruik van EZIS, PALGA, G2Speech, en iProva.
  • De AIOS ontvangt een introductie van de kwaliteitsfunctionaris. Hierbij wordt kennisgemaakt met het kwaliteitssysteem via iProva, waarin o.a. het Kwaliteitshandboek en de diverse laboratorium SOP’s en uitsnijprotocollen te vinden zijn (dit wordt afgetekend op de BIJL-ALG-114 Inwerklijst stafleden en AIOS)

 

7.2 Hygiène/prikaccidenten

 

  • Iedere AIOS dient gevaccineerd te zijn tegen Hepatitis B.
  • Vanwege redenen van hygiëne dient de uitsnijder een witte jas te dragen waarover een plastic schort, tevens worden disposable handschoenen gebruikt. Een spatbril wordt aangeraden tijdens uitsnijden en zaagwerkzaamheden.
  • Het dragen van een witte jas tijdens direct patiëntencontact is verplicht. Het dragen van ringen of lange/grote oorhangers is dan niet toegestaan, lang haar dient bijeen te worden gebonden.
  • Tijdens obducties dient zorg gedragen te worden voor adequate bescherming waarbij een disposable ok-jas over kleding aangetrokken wordt; daarnaast zijn hoofdbedekking, mondkapje met spatscherm en handschoenen verplicht.
  • Prikaccidenten tijdens uitsnijden, secties of cytologische puncties dienen direct gemeld te worden bij de zorgmanager waarna melding bij de SEH volgt.
  • Zie verder het ARBO/Milieu handboek voor belangrijke informatie op het gebied van Veiligheid en Milieu.

 

7.3 Rooster / ziekmelding

  • Er wordt wekelijks een rooster gemaakt met enkele conceptroosters voor de weken erna. Hierin staan de meest activiteiten van pathologen en AIOS vermeld, zoals dienst voor obductie, cytologie, vriescoupes en supervisie, cursussen en vrije dagen, klinisch-pathologische besprekingen en panels. Indien de AIOS een activiteit wil plannen (cursus, vakantie, bespreking), dient hij dit vooraf met de opleider te overleggen en in de planningsagenda op het secretariaat op te nemen.
  • De AIOS start de werkdag rond 8.00-8.15. Om ±30 is het generaal rapport met de aanwezige pathologen. De werkdag duurt tot ± 18.00 uur. Met de beschikbare koffie- en lunchpauzes bedraagt de werkweek ± 46 uur.
  • De AIOS draait geen diensten.
  • Ziekmelding wordt gedaan aan het secretariaat van de afdeling pathologie.

 

7.4 Verantwoordelijkheden AIOS (algemeen)

 

De verantwoordelijkheden van de AIOS staan beschreven in de LAD-brochure: “Instructie assistent-geneeskundigen werkzaam in ziekenhuizen” Nieuwe modelinstructie voor AIOS. Vertaald naar de dagelijkse praktijk voor de AIOS Pathologie betekent dit:

 

  • De AIOS is verplicht onverlet zijn/haar eigen medische verantwoordelijkheid de hem/haar opgedragen werkzaamheden in het kader van de zorgverlening en/of opleiding naar beste vermogen te verrichten.
  • De AIOS is draagt er zorg voor dat alle hem/haar opgedragen diagnostische onderzoeken, na beoordeling en het doen van een diagnosevoorstel en voor autorisatie van de uitslag, aan de superviserend patholoog worden voorgelegd.
  • De AIOS draagt er zorg voor dat het diagnostiekproces zo spoedig mogelijk, zonder onnodige vertraging, verloopt. Hij/zij informeert de superviserend patholoog over die patiënten waarvan de diagnostiek niet in korte tijd kan worden afgerond.
  • Alle diagnostiek die door de AIOS is beoordeeld wordt ook door de AIOS elektronisch ge(deel)autoriseerd en daarna elektronisch geautoriseerd door de superviserende patholoog aan wie de casus is voorgelegd. De AIOS controleert de gehele uitslag; dat wil zeggen alle rubrieken van het verslag (aard materiaal, klinische gegevens, macroscopie, microscopie, aanvullend onderzoek en conclusie) moeten worden doorgelezen en zo nodig verbeterd, zowel inhoudelijk, grammaticaal, als op spelfouten. Tevens dient gecontroleerd te worden of de aanvragend specialist in overeenstemming is met de aard van het materiaal.
  • Uitslagen (telefonisch en/of schriftelijk) worden pas gegeven aan aanvragers na voorleggen aan de superviserend patholoog en afronding van de casus. Indien een casus wel is voorgelegd maar de afronding enige tijd duurt, is overleg met de superviserend patholoog over de formulering van de (voorlopige) uitslag noodzakelijk voordat een telefonische (voorlopige) uitslag gegeven kan worden.
  • Intercollegiaal consult wordt aangevraagd door de patholoog of door de AIOS in opdracht van de patholoog.
  • Indien een casus door een tweede patholoog mede wordt beoordeeld en de diagnose van de superviserend patholoog en de tweede patholoog is conform, dan wordt dit in principe het pathologieverslag vermeld.
  • Indien een casus door een tweede patholoog wordt beoordeeld en de diagnose van beide pathologen verschilt, dan wordt dit altijd teruggekoppeld aan de eerste patholoog waarna een definitieve uitslag wordt afgegeven dan wel extern consult gevraagd.
  • Indien door de superviserend patholoog besloten wordt tot extern consult vraagt de AIOS dit zo spoedig mogelijk aan en bewaakt de voortgang van dit consult.
  • Indien een pathologie-uitslag al telefonisch werd meegedeeld of een casus telefonisch besproken werd met de inzender voordat de definitieve pathologie uitslag is verstuurd, wordt dit overleg vermeld in het pathologieverslag (onder de kop “Opmerkingen”).
  • Voor de diagnostiek worden als uitgangspunt de CBO richtlijnen gebruikt zoals bijvoorbeeld bij het Mammacarcinoom en Melanoom van de huid wordt gebruikt. Voor wat betreft de cervixcytologie wordt gewerkt volgens de Praktijkrichtlijn Cervixcytologie.
  • Bij twijfel van zijn/haar eigen bekwaamheid dient de AIOS te overleggen met de supervisor.
  • De AIOS dient onverwijld de superviserende patholoog op de hoogte te brengen van iedere gebeurtenis bij onderzoek van patiëntenmateriaal, die heeft geleid tot een schadelijk gevolg voor de patiënt. De superviserende patholoog ziet toe op melding van het incident in MIP-Expert (beschikbaar via HMC netwerkaccount).

 

7.5 Protocollair werken

Op de afdeling wordt gewerkt volgens de vigerende online beschikbare macroscopie- en microscopieprotocollen (zie http://www.pathology.nl/vakinhoudelijk/richtlijnen). Daarnaast zijn de landelijke CBO-richtlijnen voor b.v. mammacarcinoom, melanoom van de huid, endometriumcarcinoom online beschikbaar via www.oncoline.nl

 

 

7.6 Spraakherkenning en patiëntidentificatie

  • Op de afdeling pathologie wordt met spraakherkenningsoftware van G2 gewerkt. Elke patholoog en elke analist die hiermee werkt heeft zijn eigen spraakprofiel. Ook de AIOS krijgt een eigen spraakprofiel en spreekt alle verslagen in met spraakherkenning (zie handleiding G2 spraakherkenning, SOP Gebruik Medispeech).
  • De AIOS moet bij elk verslag dat hij inspreekt vooraf de identiteit van de patiënt controleren.
  • De ingesproken microscopie verslagen worden door de AIOS zelf uitgewerkt, middels interactief- of batchgewijs dicteren, en na correctie automatisch doorgezonden naar het corresponderende PALGA verslag.
  • De macroscopie dictaten worden door het secretariaat uitgewerkt.
  • Alle aanvraagformulieren en alle coupes hebben naast een PA-nummer ook een bijbehorende (unieke) barcode.

 

7.7 Uitsnijden

 

  • De AIOS snijdt in principe 3x per week uit (ochtend- of middagbeurt). De AIOS snijdt die preparaten zelfstandig uit voor zover hij /zij daartoe bekwaam is.
  • De superviserend patholoog is altijd stand-by om op verzoek van de AIOS assistentie te verlenen. Indien een type preparaat moet worden uitgesneden waar de AIOS geen ervaring mee heeft, zal de patholoog dit voordoen in aanwezigheid van de arts-assistent. Hierna zal de assistent dit 1of 2x doen in bijzijn van de superviserend patholoog.
  • Alle uitsnijprotocollen zijn digitaal (iProva) en als papieren versie aanwezig in de uitsnijkamer.
  • Indien ingedeeld voor het uitsnijden, is de AIOS het eerste aanspreekpunt voor de dienstdoende analist. De macroscopist controleert altijd of de patiëntengegevens op de aanvraagbrief, het monster, en de computer (PALGA) overeenkomen alvorens te beginnen met dicteren.
  • De grote preparaten worden ’s ochtends uitgesneden, vanaf 10.30 uur of eerder indien gewenst. Het kleine uitsnijwerk wordt de hele dag verwerkt, deels door de analisten, en ‘s middags vanaf 15.30 uur.

 

7.8 Vriescoupes

 

Vriescoupes worden beoordeeld door de patholoog van dienst. De AIOS doet de macroscopische voorbewerking van het materiaal dat binnen zijn/haar blok valt en beoordeelt de vriescoupe samen met de dienstdoende patholoog. De uitslag wordt door patholoog of AIOS doorgebeld aan de aanvrager, en de uitslag wordt genoteerd op het BIJL-SECR-001 Invulformulier vriescoupe procedure. Deze ‘voorlopige’ uitslag wordt door het secretariaat overgenomen in het verslag in UDPS.

 

7.9 Secties

 

De AIOS staat in principe dagelijks ingedeeld voor secties. In de praktijk (2011-2012) zijn dit er gemiddeld 15-20 per kwartaal. De meeste AIOS hebben bij start in HMC reeds een obductieblok gevolgd en zullen dus in staat zijn om zelfstandig een obductie uit te voeren. Indien dit niet het geval is, zal de supervisor eerst enkele obducties voordoen in aanwezigheid van de AIOS.

  • Voordat met een sectie begonnen kan worden wordt de casus aan de superviserende patholoog voorgelegd. Pas na toestemming van de patholoog kan met sectie begonnen worden.
  • De AIOS neemt voordat met sectie begonnen wordt de aanvraag door en controleert deze op volledigheid (aanvrager moet getekend hebben voor “natuurlijke dood”, en nabestaanden moeten tekenen voor toestemming). De AIOS neemt kennis van, en houdt zich aan eventuele beperkingen die door de clinicus zijn vermeld op de aanvraag.
  • Voordat met de sectie begonnen wordt dient de identiteit van de overledene te worden bevestigd.
  • Indien tijdens de sectie getwijfeld wordt aan een natuurlijke dood, wordt direct overlegd met de superviserend patholoog.
  • Tijdens de sectie wordt materiaal uitgenomen voor microscopisch onderzoek. Van relevante dan wel interessante afwijkingen worden of tijdens de sectie foto’s gemaakt die aan het verslag worden gekoppeld.
  • Na afronding van de sectie wordt eerst met de superviserend patholoog overlegd voordat de aanvragende clinici worden gebeld voor demonstratie van de sectie.
  • Direct na de sectie wordt een macroscopieverslag gedicteerd met de voorlopige bevindingen en –conclusie, zodat binnen één werkdag een elektronisch verslag voor de kliniek beschikbaar is.
  • Bij hersenobducties vind macroscopische beoordeling plaats door de AIOS. Het snijden van de hersenen en microscopische beoordeling kan facultatief worden verricht met de neuropatholoog uit het LUMC, Dr. S.G. van Duinen.
  • Protocollen zijn beschikbaar via iProva (Obductieprotocol (volwassene), Kinderobducties protocol, en Hersenperfusie en hersenobductie protocol)

 

7.10 Microscopie

 

  • De AIOS krijgt dagelijks ongeveer 2 planken met coupes volgens module uitgereikt (afhankelijk van casuïstiek tot 15-20 casus).
  • De AIOS kan i.o.m. de groepscoördinator histologie interessante casus aan zichzelf toebedelen. Dit dient ’s ochtends te gebeuren voordat de coupes worden uitgeleverd.
  • Na voorbereiding worden de gevallen doorgaans de volgende ochtend met de dienstdoende patholoog afgedaan. Belangrijk is dat deze patholoog het (eventueel voorlopige) verslag nog dezelfde dag kan autoriseren om de doorlooptijd te waarborgen.
  • De AIOS dicteert zijn/haar eigen verslagen. Indien op een specifiek onderwerp nog geen ervaring is, zal de patholoog eerst ‘voordicteren’ in het bijzijn van de AIOS.
  • Voor een aantal verslagleggingen wordt gebruik gemaakt van het landelijke PALGA-protocol (b.v. mamma- en colonresecties).
  • Aanvullend onderzoek (histochemische en immuunhistochemische onderzoeken, diepere doorsnijdingen) worden als aanvulling op het verslag gedicteerd. Dit onderzoek wordt via LIMES (het electronisch laboratorium management systeem) aangevraagd, en door het lab aan de aanvrager uitgeleverd. Diverse kleuringen kunnen in ‘panels’ worden aangevraagd.
  • Aanvullend onderzoek wordt met dezelfde patholoog afgedaan als waarmee de oorspronkelijke coupes bekeken waren. Bij afwezigheid/vakantie wordt dit aan een andere patholoog voorgelegd.

 

7.11 Punctie cytologie

 

  • Hoewel het aantal sterk daalt, worden op de afdeling nog puncties verricht door patholoog. De dienstdoende patholoog zal de AIOS tevoren instrueren over deze werkzaamheden en één of enkele puncties voordoen. Daarna zal de assistent tenminste enkele puncties zelf verrichten in aanwezigheid van de patholoog. Er is altijd een analist aanwezig ter assistentie. Bij gebleken deskundigheid kan de AIOS zelfstandig puncteren.
  • Op de afdeling radiologie en de scopie-afdeling (MDL-, Long-) worden veel puncties verricht waarbij assistentie door een patholoog gewenst is. De AIOS zal zoveel mogelijk van deze puncties bijwonen, geassisteerd door een ervaren analist, en bij ingewikkelde diagnostiek zal ook een patholoog aanwezig zijn. De kwaliteit van het punctaat wordt beoordeeld, zo nodig zal een voorlopige uitslag met de puncteur worden besproken, en evt. wordt extra materiaal uitgespoten in formaline voor aanvullend onderzoek.

 

7.12 Algemene cytologie

 

  • De AIOS beoordeelt in ieder geval de definitieve kleuringen van de puncties die hij/zij zelf heeft bijgewoond.
  • Daarnaast kijkt de AIOS tenminste 2x per week mee aan de multihead met de ‘dagportie’ cytologie, die wordt uitgeboekt door de dienstdoende patholoog met een analist.
  • Elke week kunnen een paar casus worden voorgescreend. Dit dient te worden afgestemd met de groepscoördinator cytologie.
  • Er zijn interessante leersets op de afdeling cytologie aanwezig die zelfstandig kunnen worden doorgenomen.

 

7.13 Cervix cytologie

 

  • De AIOS wordt geacht aan het eind van zijn/haar verblijf het ‘certificaat beoordeling cervix cytologie’ te behalen, hierbij moeten 10 casus foutloos worden beoordeeld. (dit wordt afgetekend op de BIJL-ALG-114 Inwerklijst stafleden en AIOS)
  • Aan het begin van de stage maakt de AIOS een afspraak met de groepscoördinator cytologie, die hem/haar instrueert over de leersets en de AIOS koppelt aan een analist cytologie, die de begeleiding op zich neemt.

 

7.14 Besprekingen

 

  • De AIOS participeert in een aantal klinische besprekingen, die deels blok gerelateerd zijn, zoals b.v. het mamma-MDO of de dermatologiebespreking, en deels algemeen, zoals de Interne bespreking en Oncologiebespreking. Zie hiervoor de opleidingsactiviteiten in tabellen 4 en 5. Al naar gelang het ervaringsniveau zal de AIOS steeds actiever in deze bespreking participeren, en waar nodig coupe-demonstraties verrichten. De patholoog is hierbij zoveel mogelijk op de achtergrond als supervisor aanwezig. Besprekingen worden samen met de patholoog voorbereid.
  • 3x per week vindt rond 9.30 het ‘heilig uur’ plaats, waar diagnostische probleemgevallen, en leerzame casuïstiek door patholoog en AIOS kunnen worden ingebracht. Deze opleidingsgerelateerde bespreking wordt ‘genotuleerd’ door de AIOS, hierbij wordt gebruik gemaakt van de BIJL-ALG-118 Loglijst Heilig uur.
  • 1x per maand vindt het ‘pathologen-overleg’ plaats, waarin de pathologen samen met de zorgmanager actuele zaken rondom logistiek, kwaliteit, en waar nodig financiën doornemen. De groepshoofden worden voor hun specifieke onderdeel uitgenodigd. De AIOS is in principe bij deze bespreking aanwezig.
  • 1x per kwartaal wordt hieraan het opleidingsoverleg gekoppeld, een aparte en apart genotuleerde vergadering met opleidingsgroep, zorgmanager en AIOS. Hier komen alleen opleidingsgerelateerde zaken aan de orde.

 

7.15 Kwaliteitsborgingen

Per kwartaal verzorgt de AIOS één kwaliteitsborging macroscopie of microscopie. In deze borging worden ± 30 verslagen van een onderwerp getoetst op aanwezigheid van verplichte items. Deze borging wordt besproken in het pathologenoverleg (zie SOP Interne kwaliteitsborging macroscopie en SOP Interne kwaliteitsborging microscopie).

 

7.16 Neuropathologie

Eens per maand komt de neuropatholoog uit het LUMC (Dr. S.G. van Duinen) in huis. Hij verzorgt dan de verzamelde hersenobducties, en doet de bespreking met de neurochirurgie/neurologie. Daarnaast doet hij de neuropathologische consulten voor HMC. De AIOS kan op verzoek meekijken/meedoen met het afdoen van de hersensecties.

 

7.17 Handboeken/literatuur

De AIOS heeft een aantal – vnl. blokgerelateerde - handboeken op z’n kamer tot z’n beschikking. Op speciaal verzoek kunnen nieuwe boeken door de afdeling worden aangeschaft.

AIOS en pathologen hebben online toegang tot het literatuursysteem van het LUMC (Walaeus), dat in de praktijk het meest door AIOS gebruikt zal worden. De Medische bibliotheek van het Landsteiner Instituut biedt op verzoek hulp bij literatuur-zoekvragen b.v. in het kader van een CAT.

 

7.18 Wetenschappelijk onderzoek

AIOS die tijdens hun stage ook actief zijn in wetenschappelijk onderzoek, kunnen hiervoor aan het begin van de stage afspraken maken met de opleider. Voor de locale wetenschappelijke vorming wordt gebruik gemaakt van de CAT en hierbij behorend referaat.

 

7.19 bespreken problemen met/rond de opleiding:

 

  • Structureel inhoudelijk of bedrijfsmatig: opleider
  • Ad-hoc inhoudelijk of patiëntgerelateerd: supervisor
  • Contract-gerelateerd: opleider
  • Bij afwezigheid van de opleider is de plaatsvervangend opleider verantwoordelijk

 

Bijlage 1: begrippenlijst en afkortingen

 

AIOS: Arts In Opleiding tot Specialist

 

CAT: Critical Appraisof a Topic: presentatie waarin een samenvatting wordt gegeven van een antwoord op een scherp omschreven klinische/pathologische vraag op basis van literatuuronderzoek.

 

CCKL: Stichting voor de bevordering van de kwaliteit van het laboratoriumonderzoek en voor de accreditatie van laboratoria in de gezondheidszorg.

 

CCMS: Centraal College Medische Specialismen

 

Concilium Pathologicum: Landelijke opleidingcommissie van de NVVP

 

Competenties: een getoonde bekwaamheid of gedragsrepertoire waaruit blijkt dat kennis,

vaardigheden, attitude, eigenschappen en inzichten in het handelen zijn geïntegreerd.

 

Cursorisch Onderwijs: gestructureerd onderwijs in cursusvorm, in samenhang met praktijkleren

 

DOO: Discipline Overstijgend Onderwijs

 

HLO: Hogere Laboratorium Opleiding

 

Individueel Opleidingsplan: uitwerking van het lokale of regionale opleidingsplan op individueel niveau van de AIOS dat door de AIOS en de opleider of lid van de opleidingsgroep voor (het betreffende gedeelte van) de opleiding wordt opgesteld

 

KPB: Korte Praktijk Beoordeling: instrument om gestructureerd feedback te geven op een geobserveerde taak die door de AIOS in de praktijk wordt uitgevoerd.

 

KPC: Klinisch Pathologische conferentie

 

MLO: Middelbare Laboratorium Opleiding

 

Module: een in tijd en inhoud omschreven onderdeel van de opleiding

 

MOP: document Modernisering Opleiding Pathologie curriculum november 2011

 

MSRC: Medisch Specialisten Registratie Commissie

 

NVVP: Nederlandse Vereniging voor Pathologie

 

OOR: Opleiding- en OnderwijsRegio

 

Opleidingscluster pathologie LUMC: Samenwerkingsverband tussen LUMC, HAGA, HMC en Reinier de Graaffziekenhuis Delft voor de opleiding tot patholoog

 

POP: Persoonlijk opleidingsplan

Portfolio: In het geval van de AIOS vooral een ‘dossierportfolio’. Geeft inzicht in vaktechnische competenties van de AIOS aan de hand van verzameling bewijsstukken, bijgehouden op papier dan wel elektronisch

Thema: een omschreven, inhoudelijk samenhangend onderdeel van de opleiding tot

patholoog, als regel gekoppeld aan een orgaansysteem, waarin competenties aan de orde

komen en dat is vastgelegd in het opleidingsplan MOP

 

UDPS: Uniform Decentraal Palga Systeem

 

 

Bijlage 2: Introductiegesprek AIOS pathologie in HMC

 

Naam AIOS                           …………

In opleiding sinds                …………

Blokervaring                         …………

Opleidingsperiode HMC     …………

 

Tijdens het introductiegesprek zijn de volgende punten besproken

  • Landelijk opleidingsplan Modernisering Opleiding Pathologie Curriculum 2011

 

  • Regionaal opleidingsplan cluster LUMC
  • Lokale opleidingsplan Pathologie HMC
    • Taken en verplichtingen opleider, opleidingsgroep en AIOS
    • Lokale praktische afspraken opleiding pathologie HMC
    • Werkrooster (maandrooster) AIOS; vakantie; ziekmelding
    • CCKL systeem afdeling pathologie HMC
    • Foutenregistratie pathologie HMC
    • Snij- en prikaccidenten

 

  • Individueel Opleidingsplan AIOS HMC afgestemd met gelopen modules VUMC

 

  • Uitleg modules in HMC

 

  • Cursorisch onderwijs

 

  • Portfolio

 

  • Wetenschappelijk onderzoek

 

  • Opleidingsvergaderingen

 

  • Beoordelings- en voortgangsgesprekken

 

  • Toetsing , KPB, CAT, Landelijke Voortgangstoets

 


Bijlage 3. Beoordelingsformulier Pathologie OOR Leiden

 

Naam AIOS:

In opleiding sinds:

Naam Beoordelaar:

Module/thema:

Rotatie:                                              Periode:

Evaluatie aan de hand van doelstellingen                 ja/nee

                                               Indien nee, waarom niet?

Competentie

Onvoldoende/matig/voldoende/goed/nvt, toelichting:

Medisch handelen:

- basiskennis

- diagnostische kennis

- technische vaardigheden

  • Macroscopie

- Kijkvermogen

  • Microscopie

 

 

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

Communicatie

- met kliniek

- met opleidingsgroep

- verslaglegging

- besprekingen

 

 

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

Samenwerking

- medewerkers

- multidisciplinair verband

- collegae (AIOS, opleidingsgroep)

- collegialiteit

 

 

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

Kennis en wetenschap

- kennisoverdracht aan jongere AIOS

- gebruik literatuur, EBM, richtlijnen

- CAT

- Referaat

- Wetenschappelijk onderzoek

 

 

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

 

 

 

Maatschappelijk handelen

- advisering aan de kliniek

- veiligheidsmanagement (omgang met patiëntenmateriaal, inzicht/handelen bij fouten)

- omgang met kwaliteitsbeleid

- kostenbewustheid

 

 

 

……………………………………………………………

 

 

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

Organisatie

- organisatie van het blok/thema

- prioriteren in diagnostisch proces

- overdracht

- stressbestendigheid

 

 

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

Professionaliteit

- inzicht in beperkingen

- omgang met andere visie/kritiek

- attitude

- respect/integriteit

- leergierigheid

 

 

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

……………………………………………………………

 

Evaluatie aan de hand van Landelijk Opleidingsplan NVVP 2010: Algemene Competenties van de Patholoog (H.S. 4), Bekwaamheidsniveaus (H.S. 5.3) en specifiek competenties per thema (H.S. 5.5)

 

KPB’s: aantal/onderwerp (competentie):      ………………………………………………………

CAT: onderwerp:                                           ………………………………………………………

Cursussen:                                                    ………………………………………………………

 

 

 

Opmerkingen:     ……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

 

Datum:

 

 

 

Opleider                                                                                AIOS

 

 

Bijlage 4: FORMULIER DRIEMAANDELIJKSE VOORTGANGSGESPREKKEN, VERPLICHT IN EERSTE JAAR VAN DE OPLEIDING.

Dit formulier dient niet ter vervanging van het A/B-formulier.

 

Beoordeling van de assistent-geneeskundige door de opleider en leden van het opleidingsteam gedurende het eerste, respectievelijk eerste én tweede jaar van de opleiding, respectievelijk in het eerste jaar van een vervolgopleiding.

 

CHECKLIST VOORTGANGSGESPREKKEN

 

Naam assistent in opleiding: ........................................

 

 

Specialisme:........................           Opleider:.............................     Opleidingsinrichting:........................

 

 

 

 

Per rubriek in te vullen met één enkel trefwoord in de bijbehorende kolom. Zo nodig uitvoeriger omschrijven in de desbetreffende toelichting.

 

eerste

gesprek

 

tweede

gesprek

 

derde

gesprek

 

vierde

gesprek

 

                                                                                   Datum:

 

.............

 

.............

 

.............

 

.............

 

1. kennis:                          

   Hoe is het algemeen medisch kennisniveau?........................

   Hoe is het medisch specialistisch kennisniveau?..................

   Hoe is de praktische toepassing van kennis?.......................

   Hoe is het probleem oplossend vermogen?.........................

   Hoe is de overdracht van de relevante patiënten (dienst etc)?

 

 

 

.............

.............

.............

.............

.............

 

 

.............

.............

.............

.............

.............

 

 

.............

.............

.............

.............

.............

 

 

.............

.............

.............

.............

.............

 

2. vaardigheden:                    

   Hoe zijn de algemene technische vaardigheden?..................

    Hoe is de specialistische handvaardigheid in de

   relatie tot opleidingsniveau?................................................

   Hoe zijn contactuele vaardigheden ontwikkeld?....................

    Hoe zijn de administratieve vaardigheden

   (verslaglegging in status, correspondentie)?........................

 

 

 

.............

 

.............

.............

 

.............

 

 

.............

 

.............

.............

 

.............

 

 

.............

 

.............

.............

 

.............

 

 

.............

 

.............

.............

 

.............

 

3. wetenschappelijke interesse:      

   Vindt literatuurstudie plaats, regelmatig en adequaat?...........

   Hoe is het niveau van refereren en voordrachten?.................

   Is er actieve deelname en inbreng bij maken van protocollen? .........................................................................

   Is er voortgang in het wetenschappelijk onderzoek?.............

 

 

 

.............

.............

.............

.............

 

 

.............

.............

.............

.............

 

 

.............

.............

.............

.............

 

 

.............

.............

.............

.............

 

 

4. wijze van functioneren:          

    Hoe zijn de klinische- en poliklinische vaardigheden

   (kwalitatief en kwantitatief)?.................................................

   Hoe is de relatie met supervisor(en)?...................................

   Hoe is de relatie met andere assistenten? ...........................

   Hoe is de relatie met andere stafleden?...............................

   Hoe is de attitude t.o.v. verpleegkundigen?.........................

   Hoe is de attitude t.o.v. paramedische medewerkers?..........

   Hoe is de attitude t.o.v. patiënten?......................................

    Is de werkindeling adequaat, met onderscheid van hoofd-

   en bijzaken (time-management)?..........................................

   Zijn zelfkritiek en zelfvertrouwen adequaat ontwikkeld?.........

   Wordt de opleiding gevolgd met actieve of passieve instelling?..............................................................................

   Hoe is de belastbaarheid c.q. stressbestendigheid?.............

    Hoe is het onderwijs aan co-assistenten, verpleegkundigen en

   andere medewerkers?.........................................................

   Is de keuze van het specialisme juist?..................................

 

 

 

 

.............

.............

.............

.............

.............

.............

.............

 

.............

.............

.............

.............

 

.............

.............

 

 

 

.............

.............

.............

.............

.............

.............

.............

 

.............

.............

.............

.............

 

.............

.............

 

 

 

.............

.............

.............

.............

.............

.............

.............

 

.............

.............

.............

.............

 

.............

.............

 

 

 

.............

.............

.............

.............

.............

.............

.............

 

.............

.............

.............

.............

 

.............

.............

 

5. resultaat van het gesprek:        

   reden voor aanwijzen van andere supervisor.........................

   reden voor extra begeleiding...............................................

   reden voor extra studie.......................................................

   reden voor extra gesprek....................................................

   reden voor twijfel aan voortzetten van de opleiding..............

 

 

 

ja nee

ja nee

ja nee

ja nee

ja nee

 

 

ja nee

ja nee

ja nee

ja nee

ja nee

 

 

ja nee

ja nee

ja nee

ja nee

ja nee

 

 

ja nee

ja nee

ja nee

ja nee

ja nee

 

BIJLAGE CHECKLIST

Naam assistent:

 

Toelichting eerste gesprek d.d.: ...............................

 

mede in aanwezigheid van ......................................

 

opleider:

 

voor gezien getekend; wel/niet akkoord

 

assistent-geneeskundige:

 

 

Toelichting tweede gesprek d.d.: ...............................

 

mede in aanwezigheid van .......................................

 

 

opleider:

 

voor gezien getekend; wel/niet akkoord

 

assistent-geneeskundige:

 

 

 

Toelichting derde gesprek d.d.: ...........................................

 

mede in aanwezigheid van .................................................

 

 

 

opleider:

 

voor gezien getekend; wel/niet akkoord

 

assistent-geneeskundige:

 

 

Toelichting vierde gesprek d.d.: .....................................

 

mede in aanwezigheid van ............................................

 

 

 

Het beoordelingsformulier-A/B wordt naar aanleiding van deze gegevens ingevuld in goed overleg met betrokkenen waarna, indien er sprake is van een negatieve beoordeling, toezending aan de MSRC en eventuele vervolgopleider(s).

Bij een positieve beoordeling mogen alle formulier worden toegevoegd aan het portfolio.

De onderhavige verslaglegging wordt aan de assistent-geneeskundige in kopie ter hand gesteld.

 

 

opleider:

 

voor gezien getekend; wel/niet akkoord

 

assistent-geneeskundige:

 

 

Bijlage 5: verplicht Discipline Overstijgend Onderwijs OOR Leiden

 

 


Bijlage 6 Website adressen en downloads

 

 

 

Op deze website staan alle relevante officiële MSRC documenten (zie onder) zoals:

1.1.           Downloads

1.2.           Formulieren

 

1.3.           Oude regelgeving pathologie

Besluit pathologie 05-04-2004

Om deze website optimaal te laten functioneren gebruiken wij cookies. Voor meer informatie zie ons cookiebeleid.